Gelet op het reglement van orde betreffende het goedkeuren van de notulen en het zittingsverslag der vorige vergadering, zijnde 18 december 2025;
Overwegende dat tijdens de zitting geen opmerkingen gemaakt werden;
De notulen en het zittingsverslag der vorige zitting worden goedgekeurd.
Vanaf 1 september 2026 krijgen organisatoren van buurtfeesten geen gratis uitleenmateriaal meer ter beschikking. Ter compensatie wordt een reglement opgemaakt voor het bekomen van een buurtfeesttoelage.
Om ontmoeting te stimuleren en de sociale cohesie te versterken in de gemeente wil men verder inzetten op buurtfeesten. Ter compensatie van het niet meer uitlenen van gratis materiaal voor buurtfeesten wordt een reglement opgemaakt voor het bekomen van een buurtfeesttoelage.
Volgende voorwaarden worden voorgesteld:
De toelage bedraagt € 150 als er 20 tot en met 49 aanwezigen zijn en € 300 als er 50 of meer aanwezigen zijn.
Als bewijslast wordt een sfeerfoto gevraagd.
Buurtfeesten die plaatsvinden voor 1 september 2026 kunnen nog gebruik maken van het reglement voor het gebruiken van het gemeentelijk materiaal. Alle buurtfeesten die georganiseerd worden na 1 september 2026 kunnen een buurtfeesttoelage aanvragen. Artikel 12ter van het reglement voor het gebruiken van het gemeentelijk materiaal wordt dan ook opgeheven vanaf 1 september 2026.
Raadslid Sigrid Verhaeghe vindt dat artikel 7 praktisch moeilijk haalbaar is; Kan dit niet globaler opgesteld worden?
Schepen Jürgen Deceuninck meldt dat een lijst met de namen van de aanwezigen GDPR gewijs niet mogelijk was;
Art. 1. - De gemeenteraad keurt het reglement goed.
Art. 2. - Dit reglement treedt in voege voor buurtfeesten die plaats vinden vanaf 1 september 2026.
Op de politieraad van 17 december 2025 werd gunstig advies verleend om de bestaande zonale verordening Openbare Orde aan te passen;
Vanuit de politiezone Arro Ieper wordt verzocht om deze aanpassing voor te leggen ter goedkeuring.
Gelet op de beslissing van de gemeenteraad, in zitting van 23 november 2023, houdende goedkeuring tot aanpassingen zonale politieverordening PZ Arro Ieper;
Overwegende dat deze verordening de openbare order regelt op het grondgebied van de gemeente Moorslede, namelijk alle handelingen, gedragingen of nalaten ervan met betrekking tot de openbare veiligheid, gezondheid, hygiëne en rust, zowel op het openbaar als op privaat domein va de overheden, langs openbare wegen en plaatsen, in openbare gebouwen als op of in private eigendommen met enige openbare weerslag of openbaar karakter;
Gelet op artikel 119 van de gemeentewet;
Gelet op de artikels 21, 40, 286 en 288 van het decreet lokaal bestuur;
Op de politieraad van 17 december 2025 werd een gunstig advies verleend om de bestaande zonale verordening openbare orde aan te passen;
Wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst op twee niveaus (WGP);
Wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties;
Beslissingen van de politieraad van 8 oktober, 17 december 2015, 8 juni 2017, 10 juni 2021, 12 oktober 2023 en 14 november 2024, waarbij gunstig advies werd verleend aan de zonale politieverordening en navolgende wijzigingen;
Vergadering op 5 september 2025 met burgemeesters, algemeen directeurs en de politiezone;
Sinds 2015 is in de politiezone een zonale verordening van kracht, die werd opgesteld in samenspraak met de gemeenten en het politiecollege.
Deze verordening regelt de openbare orde op het grondgebied van de politiezone namelijk alle handelingen, gedragingen of nalaten ervan met betrekking tot de openbare veiligheid, gezondheid, hygiëne en rust + andere bepalingen van openbaar nut.
De verordening wordt op regelmatige tijdstippen geactualiseerd. Ook nu is dit gebeurd na een overlegvergadering met burgemeesters en algemeen directeurs begin september, en finale bespreking op het politiecollege van 21 november.
De zonale verordening kan pas ter goedkeuring worden voorgelegd aan de verschillende gemeenteraden in de politiezone, na advies van de politieraad (art. 2, §2 van de wet van 24/06/2013).
De herwerkte zonale verordening Openbare Orde bevat voorstellen tot wijzigingen. De ene zijn eerder tekstuele aanpassingen, de andere zijn eerder inhoudelijk.
Gehoord de burgemeester in haar verslag;
Art. 1. - De raad keurt de aangepaste zonale verordening Openbare Orde goed.
Art. 2. - Deze aangepaste zonale verordening treedt in werking vanaf 1 maart 2026.
Art. 3. - Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de politiezone Arro Ieper.
De tweede begrotingswijziging 2025 en de begroting 2026 van de Politiezone PZ5462 Arro Ieper werden ter goedkeuring voorgelegd aan de politieraad van 17 december 2025.
In 2022 werd de nieuwe verdeelsleutel goedgekeurd die wordt gehanteerd voor het jaar 2025 en de verdere jaren:
| 2025 | |
| verdeelsleutel | |
| Ieper | 33,54 % |
| Poperinge | 15,54 % |
| Wervik | 12,70 % |
| Zonnebeke | 8,27 % |
| Staden | 7,61 % |
| Moorslede | 7,34 % |
| Heuvelland | 6,41 % |
| Langemark- Poelkapelle | 5,61 % |
| Vleteren | 2,34 % |
| Mesen | 0,64 % |
| 100 % |
De verdeelsleutel van 2025 blijft idem in het meerjarenplan 2026-2031.
In de begrotingswijziging 2025 wijzigen de bijdragen van de steden en gemeenten voor de politiezone Arro Ieper niet gezien het budgettair deficit wordt opgevangen met de eigen gecumuleerde middelen van voorbije jaren. De investeringen in 2025 bedragen 1.330.000 euro.
In de begroting 2026 blijven de vooropgestelde percentages van de exploitatietoelage van het meerjarenplan aangehouden (dus + 2% t.o.v. 2025). De stijging van de kosten wordt mee gefinancierd door het gecumuleerd resultaat van vorige boekjaren. De totale investeringen bedragen voor 2026 1,5 mio euro.
Voor 2025 (ongewijzigd t.o.v. oorspronkelijk budget) en 2026 zijn de dotaties dan als volgt:
| 2025 | 2026 | |
| exploitatietoelage | ||
| Ieper | 3.769.721 | 3.845.115 |
| Poperinge | 1.746.615 | 1.781.547 |
| Wervik | 1.427.413 | 1.455.962 |
| Zonnebeke | 929.505 | 948.095 |
| Staden | 855.324 | 872.431 |
| Moorslede | 824.978 | 841.477 |
| Heuvelland | 720.450 | 734.859 |
| Langemark-Poelkapelle | 630.535 | 643.145 |
| Vleteren | 263.004 | 268.264 |
| Mesen | 71.933 | 73.371 |
| 11.239.478 | 11.464.266 |
| 2025 | 2026 | |
| investeringstoelage | ||
| Ieper | 446.082 | 503.100 |
| Poperinge | 206.682 | 233.100 |
| Wervik | 168.910 | 190.500 |
| Zonnebeke | 109.991 | 124.050 |
| Staden | 101.213 | 114.150 |
| Moorslede | 97.622 | 110.100 |
| Heuvelland | 85.253 | 96.150 |
| Langemark-Poelkapelle | 74.613 | 84.150 |
| Vleteren | 31.122 | 35.100 |
| Mesen | 8.512 | 9.600 |
| 1.330.000 | 1.500.000 |
Gelet op de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, in bijzonder artikel 40, derde en zesde lid en artikel 71, eerste lid;
Gelet op het KB van 7 april 2005 houdende de nadere regels inzake de berekening en de verdeling van de gemeentelijke dotaties in de schoot van een meergemeentenpolitiezone;
Gelet op het KB van 5 september 2001 houdende het algemeen reglement op de boekhouding van de politie;
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur;
Dat de wet van 7 december 1998 voornoemd bepaalt dat de gemeenten het tekort van de politiezone dienen te dragen;
Gelet op artikelen 40 en 41 van het decreet lokaal bestuur;
Gelet op de goedgekeurde verdeelsleutel;
Gelet op de tweede begrotingswijziging 2025 en de begroting 2026 van de politiezone Arro Ieper geagendeerd op de politieraad van 17 december 2025;
Dat voor de begrotingswijzigingen 2025 er geen wijziging in de toelage wordt voorzien;
Dat de begroting 2026 een indexering voorziet van de exploitatietoelage van de steden/gemeenten aan de politiezone met 2% ten opzichte van de toelage 2025
Dat voor de begroting 2026 een investeringstoelage van totaal 1.500.000 euro is voorzien volgens de goedgekeurde verdeelsleutel;
Gelet op het positief advies van het politiecollege van 21 november 2025 en van de begrotingscommissie;
Art. 1. - De gemeenteraad beslist de verdeelsleutel zoals hierboven vermeld in de tabel van de verklarende nota voor de jaren 2025 en de verdere jaren goed te keuren.
Art. 2. - De bijdragen van de gemeente zoals ingeschreven in de 2e begrotingswijziging 2025 en begroting 2026 van de politiezone Arro Ieper en hierboven vermeld in de tabel van de verklarende nota goed te keuren en in te schrijven in het meerjarenplan of de eerstvolgende meerjarenplanaanpassing van de gemeente.
Art. 3. - Dit besluit ter goedkeuring over te maken aan de heer gouverneur van de provincie West-Vlaanderen en een afschrift te bezorgen aan de bijzondere rekenplichtige van de politiezone en aan de financieel directeur.
In het nieuw meerjarenplan 2026-2031 zijn een aantal nominatieve subsidies opgenomen.
Artikel 41, 23° van het decreet lokaal bestuur op grond waarvan de gemeenteraad bevoegd is voor het vaststellen van subsidiereglementen en het toekennen van nominatieve subsidies.
De lijst van nominatieve subsidies bevatten de budgetcodes die overeenkomen met de voorzieningen in het recentste meerjarenplan van de gemeente.
Jaarlijks wordt een lijst opgemaakt van nominatieve subsidies aan verenigingen, politie- en brandweerzone, kerkfabrieken, etc. Deze subsidies kunnen exploitatie- of investeringstoelagen zijn. Nominatief betekent dat deze subsidies niet onderworpen zijn aan een gemeentelijk subsidiereglement.
De lijst met nominatieve subsidies is vanaf 2020 geen onderdeel meer van het meerjarenplan, maar het spreekt voor zich dat de bijhorende kredieten wel reeds voorzien zijn in het recentste meerjarenplan.
Gehoord de schepen van financiën;
Art. 1. - De gemeenteraad stelt de lijst van nominatieve subsidies 2026 - deel gemeente - vast. Hiervoor wordt verwezen naar de bijlage.
Op 6 november 2025 ontving het gemeentebestuur van Departement Omgeving Vlaamse Overheid de adviesvraag omtrent de omgevingsvergunningsaanvraag voor het inrichten van het landschappelijk waterpark “Dadipark” langs de Heulebeek in Dadizele.
De aanvraag “Inrichting landschappelijk waterpark Dadipark” is de eerste fase (nl. fase 0) en betreft de aanleg van een landschappelijk waterpark met ruimte voor waterbuffering, natuur, zachtrecreatieve verbindingen, zoals opgenomen in het RUP en met de globale inrichtingsstudie reeds goedgekeurd. Deze aanleg is essentieel om de wateroverlast in het centrum van Dadizele te voorkomen, aangezien de regio in het verleden herhaaldelijk met overstromingen te maken kreeg. Naast de waterbuffering, waarbij minstens 20 000 m² waterbufferingscapaciteit wordt voorzien, zal het terrein worden omgevormd tot een publiek toegankelijk park met wandelpaden en groene zones. Met deze aanvraag worden geen uitspraken gedaan over eventuele bouwintenties.
De provincie West-Vlaanderen zal deze werken uitvoeren en financieren, terwijl de gemeente Moorslede zal instaan voor het onderhoud van het park en de plaatsing van voorzieningen zoals banken.
Met de aanvraag wordt een nieuwe recreatieve fietsverbinding voorzien, waarvoor een rooilijnplan werd opgenomen. Dit nieuw wegtracé verbindt de Moorsledestraat met de Waterstraat. Conform het gemeentewegendecreet dient dit vervolgens binnen de procedure van de omgevingsprocedure als "zaak der wegen" voor goedkeuring voorgelegd te worden aan de gemeenteraad. Na goedkeuring wordt dit nieuw tracé opgenomen in het wegenregister.
Dossierreferentie: OMV_2025127952 (2025174) – Provincie West-Vlaanderen
Locatie: Dadizeelsestraat , Ledegemstraat 13, 77, Moorsledestraat , Plaats en Waterstraat , 8890 Moorslede; Moorslede, afdeling 1 sectie C nrs. 1571L2, 1574A2, 1576A, 1576C, 1576B, 1577D, 1577C, 1578B, 1579A, 1580A, 1581_, afdeling 2 sectie A nrs. 965A2, 1034N2, 1034F2, 1036G, 1036K, 1036H, 1076S, 1081W en 1082B.
Gelet op het decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019;
Gelet op het decreet betreffende de Omgevingsvergunning van 25 april 2014, in het bijzonder artikel 31;
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, in het bijzonder artikel 47;
Gelet op het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 2;
Gelet op het GRB-decreet van 16 april 2004, in het bijzonder artikel 13 §3 en §4;
1. Beschrijving
De omgevingsvergunningsaanvraag omvat het realiseren van het landschappelijk waterpark in Dadizele en dit met ruimte voor waterbuffering, natuur, zachtrecreatieve verbindingen in eerste fase, nl. fase 0, conform het RUP Dadipark.
De recreatieve voetgangers- en fietsverbinding, conform artikel 9 van het RUP Dadipark, die de west- en oostzijde van het gebied verbindt en verschillende onderdelen van het park ontsluit vormt een nieuwe link in het fiets- en wandelnetwerk langs de Heulebeek.
2. Openbaar onderzoek:
De aanvraag werd volledig en ontvankelijk verklaard door het Departement Omgeving Vlaamse Overheid op 6 november 2025 en conform artikel 11 t.e.m. artikel 14 van het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning. Uit het onderzoek bleek dat de gewone procedure diende te worden toegepast. Bijgevolg werd de gemeente gevraagd om een openbaar onderzoek te organiseren.
Gedurende de periode van het openbaar onderzoek van 15 november 2025 tot en met 14 december 2025 werden acht bezwaarschriften geregistreerd op het Omgevingsloket, waarvan vijf effectieve bezwaarindieners.
Alle bezwaren zijn ontvankelijk en worden hier kort samengevat:
Bezwaar 1 (digitaal) en 5 (analoog) zijn van eenzelfde bezwaarindiener:
De bezwaarelementen zijn:
Bezwaar 2 (digitaal) en bezwaar 8 (analoog) zijn van een zelfde bezwaarindiener. Het bezwaar betreft volgend element:
Bezwaar 3 (digitaal) en bezwaar 4 (analoog) zijn van een zelfde bezwaarindiener. Het bezwaar betreft volgend element:
Bezwaar 6. De bezwaarelementen zijn:
Bezwaar 7. De bezwaarelementen zijn:
De gemeenteraad dient bij de beslissing over de "zaak van de wegen", wat valt onder het gemeentewegendecreet, de bezwarende elementen te behandelen die betrekking hebben op de "zaak van de wegen".
Het gemeentewegendecreet regelt hoe gemeentewegen (en buurtwegen) mogen aangelegd, gewijzigd, verplaatst of opgeheven worden. Hierbij wordt besloten dat de bezwaarelementen geen betrekking hebben op de "zaak der wegen" en worden bijgevolg door de gemeenteraad niet verder behandeld.
3. Externe adviezen
Volgende adviezen werd ontvangen:
De voorwaarden hebben geen betrekking op de zaak der wegen.
4. Toets aan de principes opgenomen in artikel 3 en artikel 4 van het decreet houdende de gemeentewegen
Artikel 3. (01/09/2019- ...)
Dit decreet heeft tot doel om de structuur, de samenhang en de toegankelijkheid van de gemeentewegen te vrijwaren en te verbeteren, in het bijzonder om aan de huidige en toekomstige behoeften aan zachte mobiliteit te voldoen.
Om de doelstelling, vermeld in het eerste lid, te realiseren voeren de gemeenten een geïntegreerd beleid, dat onder meer gericht is op:
1° de uitbouw van een veilig wegennet op lokaal niveau;
2° de herwaardering en bescherming van een fijnmazig netwerk van trage wegen, zowel op recreatief als op functioneel vlak.
Met het voorzien van een nieuwe oost-west doorsteek wordt het gemeentelijk wegennet uitgebreid en wordt de toegankelijkheid verbeterd.
Artikel 4. (01/09/2019- ...)
Bij beslissingen over wijzigingen van het gemeentelijk wegennet wordt minimaal rekening gehouden met de volgende principes:
Het algemeen belang betreft binnen de doelstellingen van het gemeentewegendecreet dat de structuur, de samenhang en de toegankelijkheid van gemeentewegen gevrijwaard en verbeterd wordt. Wijzigingen die daarmee in strijd zijn, behoren niet tot de mogelijkheden. Dat hoeft evenwel geen beletsel te vormen voor beslissingen die neutraal zijn ten opzichte van die algemene doelstellingen, aangezien ook rekening kan gehouden worden met overige aspecten van het algemeen belang, zoals bijvoorbeeld de beginselen van behoorlijk bestuur.
In het voorgestelde project (12,5 ha) wordt bijkomend openbaar domein, dat als landschappelijk waterpark zal functioneren, gecreëerd. Dit project staat ten dienste van zowel de inwoners van Dadizele als de ruimere omgeving, waarbij de doorwaadbaarheid voor zachte weggebruikers wordt vergroot. Met het rooilijnplan wordt een bijkomende as, die enerzijds de west- en oostzijde van het gebied verbindt (nl. de Moorsledestraat met de Waterstraat) en anderzijds ook de verschillende onderdelen van het park zal ontsluiten.
Met de gevraagde wijziging van rooilijn gaat een verruiming van openbaar domein gepaard, grotendeels in functie van groenvoorziening en doorwaadbaarheid voor zachte weggebruikers. Dit komt niet alleen de bewoners van Dadizele ten goede, maar tevens de ruimere omgeving. Het voorbehoud dat wordt geformuleerd in dit principe geldt vooral voor het afschaffen van wegenis, of het verbreden in functie van automobiliteit. Dit is hier helemaal niet aan de orde. Er wordt bijkomend openbaar domein gerealiseerd dat als landschappelijk waterpark zal functioneren.
Met de aanpassing/uitbreiding van de rooilijnen wordt het openbaar domein uitgebreid zonder dat daarbij omgevende percelen worden beperkt in ontsluiting. De inrichting van de nieuwe verbinding is gebaseerd op het goedgekeurd globaal inrichtingsplan en overeenkomst, die met de partners werd goedgekeurd.
De aangepaste rooilijn heeft geen impact op gemeentegrensoverschrijdend perspectief.
De ruimtelijke ordening is gericht op een duurzame ruimtelijke ontwikkeling waarbij de ruimte beheerd wordt ten behoeve van de huidige generatie, zonder dat de behoeften van de toekomstige generaties in het gedrang gebracht worden. Daarbij worden de ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijke activiteiten gelijktijdig tegen elkaar afgewogen. Er wordt rekening gehouden met de ruimtelijke draagkracht, de gevolgen voor het leefmilieu en de culturele, economische, esthetische en sociale gevolgen. Op deze manier wordt gestreefd naar ruimtelijke kwaliteit.
De locatie van de nieuwe verbinding tussen de Moorsledestraat en de Waterstraat werd reeds met het RUP beoordeeld en goedgekeurd. De as is drie meter breed en voorzien in betonverharding, die afwatert in het groen. De as wijkt nergens meer dan 20 meter af van de vooropgestelde lijn. Door het pad te voorzien in beton, is het toegankelijk voor de actieve weggebruiker. Op de as van het betonnen wandel- en fietspad door het park, komt een nieuwe brug om de oversteek over de Heulebeek te maken. Deze brug moet aan de opgelegde eisen van de provincie voldoen (beheerder waterloop) en is met andere woorden overstroombaar en vormt geen obstructie bij overstroming. Daarom werd gekozen om de brug in composiet materiaal te voorzien. Dit maakt de grote overspanning mogelijk (er mogen geen steunpunten worden voorzien in de bedding van de beek) en is hierbij onderhoudsvriendelijk. Het ontwerp-rooilijnplan, in combinatie met de voorgestelde inrichting van het openbaar domein doorstaat de toets aan de principes uit het gemeentewegendecreet.
5. Voorstel van door de gemeenteraad op te leggen lasten voor de aanvrager:
Niet van toepassing.
Raadslid Ward Gillis meldt dat de bezwaarschriften voornamelijk gaan over de waterproblematiek, de uitkijktoren en het mobiliteitsaspecten. De locatie van de uitkijktoren staat tevens op de aanvraag en raadslid Gillis vraagt waarom die daar op staat. De toren maakt immers geen deel uit van de aanvraag. De mensen hebben hieromtrent geen uitspraak gehad.
Burgemeester Sherley Beernaert meldt dat het de zaak der wegen is die hier voorligt, niet de bezwaarschriften en de toren;
Raadslid Ward Gillis meldt dat er geen debat kan gehouden worden over de uitkijktoren.
Burgemeester Sherley Beernaert antwoordt dat er gesprekken zijn met de bezwaarindieners; De toren is wel voorgekomen in het RUP.
Art. 1. - De gemeenteraad neemt kennis van het resultaat van openbaar onderzoek over de omgevingsvergunningsaanvraag met referenties OMV_2025127952 (2025174). Er zijn geen relevante deelelementen uit de bezwaarschriften m.b.t. de "zaak der wegen" door de gemeenteraad te behandelen.
Art. 2. - De gemeenteraad keurt de rooilijn op het rooilijnplan voor de oost-west verbinding goed en gaat akkoord met de uitrusting.
Art. 3. - De gemeenteraad neemt dit tracé op in het openbaar domein en voegt dit toe aan het gemeentelijk wegenregister.
Gelet op het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, inzonderheid artikelen 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad;
Gelet op de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen;
Gelet op het bestuursdecreet van 7 december 2018;
Gelet op het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht;
Gelet op de wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen;
Gelet op de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, inzonderheid artikel 15 (toegang voorbehouden aan sociale werkplaatsen of maatschappelijke en professionele integratie van gehandicapten of kansarmen, of toegang voorbehouden aan programma's voor beschermde arbeid) en artikel 42, § 1, 1° a) (de goed te keuren uitgave excl. btw bereikt de drempel van € 140 000,00 niet) en artikel 57;
Gelet op het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen;
Gelet op het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 90, 1°;
Overwegende dat in het kader van de opdracht “Groenbeheer dienstjaar 2026” een bestek met nr. 2026/331 werd opgesteld door de dienst Omgeving-Milieu-Duurzaamheid;
Overwegende dat voorgesteld wordt de opdracht te gunnen bij wijze van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking;
Overwegende dat deze opdracht als volgt is opgedeeld:
Overwegende dat de totale uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op € 73.000 excl. btw of € 88.330 incl. 21% btw (€ 15.330 btw medecontractant);
Overwegende dat de uitgave voor deze opdracht voorzien is in het exploitatiebudget van 2026, op budgetcode 0680-00/6137000/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN (actie GBB-CBS);
Gehoord de schepen van groen;
Raadslid Sigrid Verhaeghe vraagt of het gebruikelijk is dat er enkel wordt gegund op prijs?
Schepen Stefan Cardoen meldt dat dit gebruikelijk is;
Art. 1. - Goedkeuring wordt verleend aan het bestek met nr. 2026/331 en de raming voor de opdracht “Groenbeheer dienstjaar 2026”, opgesteld door de Omgeving-Milieu-Duurzaamheid. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten. De raming bedraagt € 73 000 excl. btw of € 88 330 incl. 21% btw (€ 15 330 btw medecontractant).
Art. 2. - Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
Art. 3. - In toepassing van artikel 15 van de wet van 17 juni 2016 betreffende de overheidsopdrachten is de uitvoering van de opdracht beperkt tot het kader van de programma's voor beschermde arbeid.
Art. 4. - In toepassing van artikel 15 van de wet van 17 juni 2016 betreffende de overheidsopdrachten, is de opdracht voorbehouden aan sociale werkplaatsen en ondernemers die de sociale en professionele integratie van kansarmen of personen met een handicap tot doel hebben.
Art. 5. - De uitgave voor deze opdracht is voorzien in het exploitatiebudget van 2026, op budgetcode 0680-00/6137000/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN (actie GBB-CBS).
Eind 2017 werd DVV Midwest opgericht. In 2021 werd de werking van de erfgoedcel TERF hierin geïntegreerd. De erfgoedcel fungeert binnen DVV Midwest als het aanspreekpunt voor cultureel erfgoed en neemt het erfgoedbeleid en de erfgoedwerking van de deelnemende gemeenten in handen.
Bij de administratieve voorbereiding van de nieuwe beleidsperiode heeft DVV Midwest in het voorjaar 2025 aan de vijftien Midwestgemeenten gevraagd of zij wensten deel te nemen aan het intergemeentelijk samenwerkingsverband van de erfgoedcel voor de periode 2027-2032.
De volgende gemeenten hebben zich akkoord verklaard om deel te nemen aan dit samenwerkingsverband: Hooglede, Ingelmunster, Izegem, Lichtervelde, Moorslede, Oostrozebeke, Roeselare, Staden en Wingene. De werking zal verdergaan onder de naam erfgoedcel Midwest.
Voor de beleidsperiode 2027-2032 moet de erfgoedcel een nieuwe aanvraag indienen om werkingssubsidies te ontvangen voor een dienstverlenende rol op bovenlokaal niveau met betrekking tot cultureel erfgoed.
Decreet Lokaal bestuur (22 december 2017);
Cultureelerfgoeddecreet (23 december 2021);
In het subsidiedossier wordt volgende financiering voorgesteld:
| Aantal inw. jan. '25 |
Bijdrage per bestuur € |
|
| Hooglede |
10.305 |
4.307 |
| Ingelmunster |
11.583 |
4.841 |
| Izegem |
29.384 |
12.280 |
| Lichtervelde |
9.437 |
3.944 |
| Moorslede |
11.487 |
4.801 |
| Oostrozebeke |
7.998 |
3.343 |
| Staden |
11.684 |
4.883 |
| Wingene |
20.764 |
8.678 |
| Roeselare |
66.819 |
27.925 |
| Totaal |
179.461 |
75.000 |
Om de werking van de erfgoedcel vanaf 2027 te kunnen verderzetten voor het gewijzigde werkingsgebied en om subsidies te kunnen aanvragen voor de periode 2027-2032, moeten de nodige documenten ingediend worden bij de Vlaamse overheid. Dit moet uiterlijk tegen 1 april 2026 gebeuren.
Het belangrijkste document hierbij is het beleidsplan. Daarin wordt uiteengezet hoe erfgoedcel Midwest de deelnemende lokale besturen zal ondersteunen op het vlak van cultureel erfgoed. Aan dit beleidsplan is een meerjarenbegroting gekoppeld die eveneens moet worden ingediend. Tot slot dient een aanvraagdossier te worden ingevuld via het KIOSK-platform.
Art. 1. - De gemeenteraad gaat akkoord met de aanvraag tot werkingssubsidies voor een dienstverlenende rol op bovenlokaal niveau met betrekking tot cultureel erfgoed. Vanaf 2027 gaat de erfgoedcel verder onder de naam erfgoedcel Midwest, voor de volgende gemeenten: Hooglede, Ingelmunster, Izegem Lichtervelde, Moorslede, Oostrozebeke, Roeselare, Staden en Wingene.
Art. 2. - De gemeenteraad gaat akkoord met het beleidsplan, de meerjarenbegroting en het KIOSK-dossier die ingediend zullen worden in het kader van de aanvraag tot subsidie voor de beleidsperiode 2027-2032.
Tot 2020 was Cultuur Midwest gekend als de bovenlokale cultuurwerking van projectvereniging BIE, met een toenmalig werkingsgebied van zeven gemeenten: Hooglede, Lichtervelde, Ingelmunster, Izegem, Moorslede, Roeselare en Staden. De cultuurnota 2020-2025 werd goedgekeurd en verlengd in 2026.
Eind 2020 werd de projectvereniging ontbonden en kantelde de cultuur- en erfgoedwerking in binnen het grotere regionale verband van de dienstverlenende vereniging Midwest (DVV Midwest). Naast de vroegere ‘BIE-gemeenten’ maken ook de gemeenten Ardooie, Dentergem, Ledegem, Oostrozebeke, Pittem, Tielt, Wielsbeke en Wingene deel uit van DVV Midwest. Met uitzondering van gemeente Wingene, bleef - ook na de inkanteling in DVV Midwest - het structurele werkingsgebied van de bovenlokale cultuur- en erfgoedwerking tijdens de vorige beleidsperiode beperkt tot de kerngroep van de vroegere projectvereniging. Op projectmatige basis en in het kader van een dienstverlening brede regio werd gezocht naar ruimere samenwerking binnen de volledige regio. Op die manier werd geleidelijk aan een draagvlak gecreëerd voor een ruimere structurele samenwerking.
Bij de administratieve voorbereiding van de nieuwe beleidsperiode heeft DVV Midwest in het voorjaar 2025 aan de vijftien Midwestgemeenten gevraagd of zij wensten deel te nemen aan een intergemeentelijk samenwerkingsverband cultuur voor de periode 2027-2032.
In de periode 2027-2032 breidt Cultuur Midwest uit van acht naar de vijftien gemeenten: Ardooie, Dentergem, Hooglede, Ingelmunster, Izegem, Ledegem, Lichtervelde, Moorslede, Oostrozebeke, Pittem, Roeselare, Staden, Tielt, Wielsbeke en Wingene. Op die manier richt de bovenlokale cultuurwerking zich de komende beleidsperiode op het volledige werkingsgebied van de referentieregio Midwest (zie: strategisch plan DVV Midwest, 2026-2031).
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, deel 3, titel 3 betreffende intergemeentelijk samenwerken in het bijzonder;
Statuten van DVV Midwest, 22 december 2017, laatst gewijzigd op 9 december 2025;
Strategisch plan DVV Midwest 2026-2031, goedgekeurd door de raad van bestuur van Midwest dd. 26 september 2025;
Bovenlokaalcultuurdecreet van 8 maart 2024, met volgende subsidievoorwaarden (hfst. 3, afd. 3, art. 35) voor de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden (verder IGS):
Het Bovenlokaalcultuurdecreet (2024) bepaalt de (financiële) subsidievoorwaarden (hfst. 3, afd. 3, art. 39):
In het subsidiedossier wordt volgende financiering voorgesteld:
1.1. Opdracht IGS Cultuur
Het Bovenlokaalcultuurdecreet (2024) bepaalt de inhoudelijke opdrachten voor het intergemeentelijk samenwerkingsverband (hfst. 3, afd. 3, art. 33):
1.2. Aanvraag IGS Cultuur 2027-2032
Het IGS dient op uiterlijk 1 april 2026 een aanvraag in voor de subsidieperiode 2027-2032. Het dossier bevat:
De Vlaamse Regering beslist op uiterlijk 1 oktober 2026.
1.3. Traject IGS Cultuur Midwest 2027-2032
Deze cultuurnota kwam tot stand via een participatief proces met diverse stakeholders met ruimte voor inspraak en dialoog. Gezien de ambitie om de schaalgrootte van de bovenlokale cultuurwerking te verbreden van acht naar vijftien besturen, bestond de aftrap van het proces uit een algemene infosessie, i.s.m. OP/TIL, over de werking van een IGS Cultuur (30 januari 2025) aan actoren (cultuurambtenaren, schepenen, algemeen directeurs, burgemeesters) uit de vijftien besturen. Gelijktijdig werden trends, noden en troeven van de ruime regio in kaart gebracht in een omgevingsanalyse.
De huidige werking werd geëvalueerd in de vorm van een online bevraging van zowel het team alsook de acht aangesloten besturen in april 2025 en verder besproken en verfijnd op de stuurgroepoverleggen van 28 april (bibliothecarissen) en 8 mei (cultuurambtenaren). Ook de missie en visie werden er afgetoetst en bijgesteld.
Na de beslissing van het Midwestoverleg (burgemeestersoverleg) op 5 juli 2025 (en bekrachtigd in het strategisch plan, dd. 26 september 2025) om de bovenlokale cultuurwerking uit te breiden naar vijftien besturen, kon het beleidsplanningstraject verdergezet worden. Tijdens de adviesgroep van 18 september 2025 werden, onder externe begeleiding van Werklicht, beleidsprioriteiten, strategische doelstellingen en acties opgesteld met (culturele) actoren uit de vijftien gemeenten (o.a. cultuurambtenaren, schepenen, bibliothecarissen, culturele actoren). Deze input het meerjarenplan meerjarenbegroting. In november 2025 werd dat doelenkader verder afgetoetst met stuurgroepen (cultuurambtenaren), intervisiegroepen (bibliothecarissen) en cluster (schepenen).
Na goedkeuring door de gemeenteraden (tussen januari en maart 2026) volgt de formele goedkeuring door de raad van bestuur van DVV Midwest.
De cultuurnota en het meerjarenplan wordt ingediend tegen 1 april 2026. De beslissing van de Vlaamse Regering wordt ten laatste op 1 oktober genomen.
1.4. Doelenkader IGS Midwest
Vanuit een gedeelde missie en visie werd een samenhangend doelenkader uitgewerkt dat bestaat uit strategische doelstellingen, operationele doelstellingen en concrete acties (Cultuurnota: p. 37-46 en bijlage 2).
Art. 1. - De gemeenteraad keurt de Cultuurnota en het Meerjarenplan van het intergemeentelijk samenwerkingsverband Cultuur Midwest 2027-2032 goed.
Art. 2. - De gemeenteraad verklaart op eer dat het jaarlijks een (geïndexeerde) gemeentelijke bijdrage zal inbrengen voor het intergemeentelijk samenwerkingsverband Cultuur Midwest ten bedrage van € 0,52 per inwoner als onderdeel van de algemene gemeentelijke bijdrage aan DVV Midwest.
Op 3 februari 2023 bekrachtigde de Vlaamse Regering het decreet over de regiovorming en tot wijziging van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, hierna het Regiodecreet genoemd. Het Regiodecreet zorgt voor de decretale verankering van de referentieregio’s en definieert het concept, het toepassingsgebied, de principes en de gevolgen van regiovorming.
Gelet op het decreet over regiovorming en tot wijziging van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur d.d. 3 februari 2023, met in het bijzonder artikel 8: "De regiowerking wordt maandelijks ingeschreven op de agenda van het college van burgemeester en schepenen. De voorzitter van de gemeenteraad schrijft de regiowerking minstens twee keer per jaar in op de agenda van de gemeenteraad. Met behoud van de toepassing van artikel 389, tweede lid, van het decreet van 22 december 2017 waakt de gemeenteraad of diezelfde gemeenteraadscommissie over de afstemming van het beleid van de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden op de regiowerking."
Regioconform samenwerken impliceert dat gemeenten hun intergemeentelijke samenwerkingsverbanden organiseren binnen de grenzen van hun eigen referentieregio. Supraregionale samenwerking, namelijk samenwerking tussen 2 of meer referentieregio’s in hun geheel, blijft mogelijk.
Intergemeentelijke samenwerkingsverbanden die opgericht worden vanaf de inwerkingtreding van het decreet, zullen zich meteen aan de referentieregio’s moeten conformeren. Intergemeentelijke samenwerkingsverbanden die voor die datum opgericht zijn, moeten uiterlijk 31 december 2030 in overeenstemming zijn met de principes van regioconform samenwerken. Afvalintercommunales krijgen tijd tot 31 december 2036 om zich te organiseren volgens de referentieregio’s.
Het Regiodecreet bevat een stimulans voor samenwerking tussen lokale besturen binnen eenzelfde referentieregio op het vlak van personeelsmobiliteit: de regiomobiliteit.
Daarnaast introduceert het Regiodecreet 2 bijkomende instrumenten voor democratische legitimiteit van de regiowerking (naast de bestaande in het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur). Enerzijds wordt de regiowerking een vast maandelijks punt op de agenda van het college van burgemeester en schepenen, anderzijds wordt de regiowerking minstens tweemaal per jaar op de agenda van de gemeenteraad geplaatst.
Het Regiodecreet wijzigt tot slot ook het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur. Vanaf 1 januari 2024 wordt zowel voor de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden als voor de verenigingen en vennootschappen voor maatschappelijk welzijn het goedkeuringstoezicht afgeschaft en vervangen door een voorafgaand niet-bindend advies van de Vlaamse Regering. Het goedkeuringstoezicht blijft wel in overgang behouden zolang een dienstverlenende of opdrachthoudende vereniging niet voldoet aan de principes van regioconform samenwerken.
Art. 1. - De gemeenteraad neemt kennis van het samenvattend overzicht van de overleggen binnen Midwest d.d. december 2025.
Namens Gemeenteraad,
Kristof Vander Stichele
Algemeen directeur
Marnik Vanackere
Voorzitter