Gelet op het reglement van orde betreffende het goedkeuren van de notulen en het zittingsverslag der vorige vergadering, zijnde 23 oktober 2025;
Overwegende dat tijdens de zitting geen opmerkingen gemaakt werden;
De notulen en het zittingsverslag der vorige zitting worden goedgekeurd.
Overwegende dat de gouverneur bij besluit van 27 oktober 2025 de jaarrekening over het financiële boekjaar 2024 definitief heeft goedgekeurd waarbij de bedragen geconsolideerd dezelfde zijn gebleven zoals vastgesteld in de raadsbeslissing d.d. 19 juni 2025;
Art. 1. - De raad neemt kennis van de goedgekeurde jaarrekening 2024.
Nieuwe Gemeentewet, inzonderheid op de artikels, 119, 119bis en 135, §2;
Decreet Lokaal Bestuur, inzonderheid op de artikels 2, 40 en 41;
Decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (hierna het Materialendecreet genoemd), inzonderheid afdeling 3 van hoofdstuk 3 huishoudelijke afvalstoffen, artikel 26 tot en met artikel 28;
Besluit van 17 februari 2012 van de Vlaamse Regering tot vaststelling van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materialenkringlopen en afvalstoffen (hierna het VLAREMA genoemd) en latere wijzigingen;
Wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties van 24 juni 2013;
Samenwerkingsakkoord van 4 november 2008 betreffende de preventie en het beheer van verpakkingsafval (hierna het Interregionaal Samenwerkingsakkoord verpakkingsafval genoemd);
Besluit van de Interregionale verpakkingscommissie van 20 december 2018 tot erkenning van de vzw Fost Plus als organisme voor verpakkingsafval;
Goedkeuring van het Lokaal Materialenplan 2023-2030 door de Vlaamse Regering op 26 mei 2023 (publicatie Belgisch Staatsblad 30 juni 2023);
Overwegende dat er een uitgebreide producentenverantwoordelijkheid bestaat voor een aantal afvalstoffen, zoals gedefinieerd in het VLAREMA, artikel 3.1.1;
Overwegende dat er een terugnameplicht bestaat voor verpakkingsafval van huishoudelijke oorsprong; dat minstens papier en karton, hol glas en plastic flessen en flacons, metalen verpakkingen, drankkartons en restplastics van verpakkingen van huishoudelijke oorsprong selectief moeten worden ingezameld;
Overwegende dat het ter bescherming van het leefmilieu noodzakelijk is het huishoudelijk afval tot een minimum te beperken en het afval maximaal selectief in te zamelen conform artikel 4.3.1 van Vlarema;
Overwegende dat prioriteit dient verleend te worden aan afvalvoorkoming en hergebruik van afvalstoffen;
Overwegende dat in tweede instantie het huishoudelijk afval maximaal selectief dient ingezameld te worden met het oog op optimale verwerking;
Overwegende dat ernaar gestreefd wordt om de inzameling van het huishoudelijk afval in de gemeenten zo optimaal mogelijk op elkaar af te stemmen;
Overwegende dat de gemeente in overeenstemming met haar gemeentelijke zorgplicht zoals bepaald in artikel 26 van het Materialendecreet, het niet aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen via de inzamelkanalen en bijgevolg ontwijkgedrag (zoals sluikstorten, sluikstoken, afvaltoerisme naar buurgemeenten, afvaltoerisme naar de werkgever, …) maximaal wil voorkomen;
Overwegende dat inwoners een herbruikbaar inzamel recipiënt voor huisvuil of de toegang tot het ondergrondse of bovengrondse brengsysteem voor huisvuil niet mogen weigeren aangezien elke inwoner en elk gezin huisvuil produceert, hoe goed ze ook aan preventie doen of selectief inzamelen.
De gemeenteraad keurt het politiereglement betreffende huishoudelijke afvalstoffen als volgt goed:
Hoofdstuk 1 – Algemene bepalingen
Art. 1. - Definities
§1. Materialendecreet.
Het decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van de materiaalkringlopen en afvalstoffen. Dit decreet verankert het duurzaam materialenbeheer in Vlaanderen en implementeert de Europese kaderrichtlijn (EG) 2008/98 voor het beheer van afvalstoffen in Vlaanderen. Met de inwerkingtreding van dit decreet komt het eerdere afvalstoffendecreet van 2 juli 1981 volledig te vervallen;
§2. Vlarema.
Het besluit van de Vlaamse Regering van 17 februari 2012 tot vaststelling van het Vlaams Reglement voor het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen. Dit besluit bevat gedetailleerde voorschriften over (bijzondere) afvalstoffen, grondstoffen, selectieve inzameling, vervoer, de registerplicht en de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid. Met de inwerkingtreding van dit besluit werd het vroegere Vlarea van 5 december 2003 opgeheven;
§3. Lokaal Materialenplan.
Het uitvoeringsplan huishoudelijk afval en gelijkaardig bedrijfsafval 2023-2030. Dit plan vormt het nieuw uitvoeringsplan zoals verankerd in het Materialendecreet, en vormt het kader waarbinnen alle betrokken partijen de opgelegde taken uit het Materialendecreet uitvoeren. Het Lokaal Materialenplan geeft ook uitvoering aan art. 28 en art. 29 van de Europese kaderrichtlijn afvalstoffen (EG) 2008/98 als gecombineerd afvalbeheerplan en preventieprogramma;
§4. Huishoudelijke afvalstoffen.
Afvalstoffen overeenkomstig de bepalingen van art. 3 17° van het Materialendecreet, gedefinieerd als ‘afvalstoffen die ontstaan door de normale werking van een particuliere huishouding en afvalstoffen die daarmee gelijkgesteld worden bij een besluit van de Vlaamse Regering. Cfr. art. 4.1.1 van Vlarema worden straat- en veegvuil, afval van straatvuilnisbakjes in beheer door een gemeente of intergemeentelijk samenwerkingsverband en afval van het opruimen van sluikstorten gelijkgesteld aan huishoudelijke afvalstoffen;
§5. Vergelijkbaar bedrijfsafval.
Afvalstoffen overeenkomstig de bepalingen van art. 1.1.1 §2 54° van Vlarema, gedefinieerd als ‘bedrijfsafvalstoffen van vergelijkbare aard, samenstelling én hoeveelheid als huishoudelijke afvalstoffen, die ontstaan ten gevolge van activiteiten die van dezelfde aard zijn als activiteiten van de normale werking van een particuliere huishouding’;
§6. Gelijkaardig bedrijfsafval.
Dit zijn dezelfde afvalstoffen als omvat onder ‘vergelijkbaar bedrijfsafval’, maar ze ontstaan bij bedrijven en organisaties in grotere hoeveelheden dan wat in een huishouden kan worden verwacht;
§7. Mirom Roeselare.
Opdrachthoudende vereniging beheerst door het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017. Mirom Roeselare is de afvalintercommunale die instaat voor de preventie, inzameling en eindverwerking van het huishoudelijk afval dat geproduceerd wordt in de gemeenten Hooglede, Houthulst, Koekelare, Kortemark, Langemark-Poelkapelle, Lichtervelde, Moorslede, Roeselare, Staden, Torhout, Wingene en Zonnebeke;
§8. Ophaling.
De inzameling van restafval, grofvuil en selectieve afvalstoffen volgens de haalmethode waarbij Mirom Roeselare instaat voor de inzameling op de plaats waar de afvalstoffen zijn geproduceerd, inzonderheid door inzameling huis-aan-huis, en in voorkomend geval, in daartoe voorgeschreven of toegelaten recipiënten;
§9. Recipiënten.
De objecten die door dit reglement worden voorgeschreven of zijn toegelaten voor de inzameling van restfractie, pmd, gft, papier en karton, glas, textiel, tuinafval, hechtgebonden asbestmateriaal en andere selectieve fracties;
§10. Selectieve inzameling.
De inzameling van huishoudelijke afvalstoffen die per soort aan huis of op het recyclagepark worden ingezameld in functie van recyclage:
§11. Restafval.
De fractie van de huishoudelijke afvalstoffen en de vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen die niet onder de selectieve inzameling vallen. Er wordt onderscheid gemaakt tussen:
§12. Sluikstorten.
Het wegwerpen van om het even welk voorwerp in het kanaal, de waterkolommen, beken, grachten, stadsriolen of slikputten, in open of gesloten gronden, koeren of tuinen. Het achterlaten, opslaan of storten van afvalstoffen op niet-reglementaire plaatsen, op niet-reglementaire tijdstippen of in niet-reglementaire recipiënten;
§13. Alle definities opgenomen in het Materialendecreet, het Vlarema en de bijhorende uitvoeringsbesluiten zijn eveneens van toepassing.
Art. 2. - Gerechtigde inzameling
§1. Alleen de geregistreerde inzamelaars, afvalstoffenhandelaars en -makelaars (IHM), daartoe aangewezen door Mirom Roeselare, zijn gerechtigd om huishoudelijke afvalstoffen te aanvaarden of in te zamelen.
§2. Het is voor iedereen verboden om het even welke huishoudelijke afvalstof af te geven of voor inzameling aan te bieden aan andere geregistreerde inzamelaars, afvalstoffenhandelaars en -makelaars dan deze daartoe aangewezen door Mirom Roeselare.
§3. Het is verboden afvalstoffen, afkomstig van andere gemeenten dan deze van de gemeente waar men zijn domicilie heeft, ter inzameling aan te bieden.
Art. 3. - Verboden afvalstoffen
§1. Onverminderd de bepalingen van dit regelement, is het verboden om volgende voorwerpen mee te geven met om het even welke ophaling van huishoudelijke afvalstoffen:
§2. Het is verboden om de volgende afvalstoffen aan te bieden bij de selectieve inzameling aan huis:
§3. Het is verboden om volgende afvalstoffen aan te bieden bij de inzameling op het recyclagepark:
§4. Het is verboden om selectieve afvalstoffen zoals opgesomd in art. 1 §10 aan te bieden bij de inzameling van restafval.
§5. De visuele controle op de aanbieding van huishoudelijke afvalstoffen wordt uitgevoerd door het personeel van de gemeente, door Mirom Roeselare, door de inzamelaars, afvalstoffenhandelaars en -makelaars die zijn aangesteld door Mirom Roeselare en door de parkwachters op het recyclagepark (in het geval van inzameling op het recyclagepark). De gemachtigde persoon die de visuele controle uitoefent mag de aangeboden afvalstoffen controleren en de aanbieders wijzen op foutieve aanbiedingen, desnoods weigeren en de nodige richtlijnen verstrekken.
Art. 4. - Aanbieden van afvalstoffen voor ophaling aan huis
§1. De afvalstoffen moeten na 18u00 van de dag voorafgaand aan de ophaling en ten laatste vóór 05u00 van de dag van de ophaling zelf worden buitengeplaatst.
§2. Voor de afvalstoffen waar een herbruikbaar recipiënt voor gebruikt wordt, dient de eigenaar dit recipiënt na ledigen terug binnen te nemen op de dag van de ophaling.
§3. De afvalstoffen worden door de door Mirom Roeselare aangestelde inzamelaars, afvalstoffenhandelaars en -makelaars ingezameld tussen 6u00 en 18u00. Mirom Roeselare kan door omstandigheden afwijkingen toelaten op deze inzameltijden.
§4. De huishoudelijke afvalstoffen en vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen dienen middels het voorgeschreven recipiënt en op de voorgeschreven wijze aangeboden te worden aan de rand van de openbare weg grenzend aan betrokken perceel waar de aanbieder is gevestigd, zonder evenwel het deelnemend verkeer zoals voertuigen, fietsers en voetgangers te hinderen. De aanbieder die afgelegen van de openbare weg of langs wegen, plaatsen of stegen gevestigd is, die niet door de wagens van de ophaaldienst bereikbaar zijn, dient het voorgeschreven recipiënt te plaatsen aan de rand van het dichts bij de openbare weg grenzende perceel, dat wel toegankelijk is. De recipiënten van afvalstoffen dienen vrijstaand en duidelijk zichtbaar aangeboden te worden. Het is verboden de officiële recipiënten in een ander recipiënt (bv. container, vat…) te plaatsen, op een muur, vensterbank… te plaatsen, op te hangen aan een hek, haak… of achter iets te plaatsen zoals een muur of haag.
§5. Verzamelplaatsen van recipiënten van afvalstoffen dienen zoveel mogelijk vermeden te worden, en zijn enkel toegelaten na schriftelijke toestemming van het College van Burgemeester en Schepenen én Mirom Roeselare. Indien zou blijken dat een verzamelplaats in de praktijk voor overlast zorgt (bv. aantrekken van zwerfvuil en sluikstorten), kan het College van Burgemeester en Schepenen deze toelating terug intrekken.
§6. De inwoners die het recipiënt of de afvalstoffen buitenzetten zijn ertoe gehouden alle normale maatregelen te treffen opdat de inhoud ervan niet verspreid wordt. Indien door omstandigheden een opkuis van hiervan afkomstig zwerfvuil noodzakelijk blijkt, is het aan de bewoner dit te doen. Inwoners die gebruik maken van een verzamelplaats zijn gemeenschappelijk verantwoordelijk voor het opruimen van zwerfvuil dat hiervan afkomstig is, en kunnen in voorkomend geval gezamenlijk verantwoordelijk worden gesteld voor alle kosten die gepaard gaan met het ambtshalve opruimen van dit zwerfvuil.
§7. Het is verboden de langs de openbare weg staande recipiënten (incl. glas- en textielcontainers) te openen, geheel of gedeeltelijk te ledigen en/of te doorzoeken, met uitzondering van het bevoegde personeel van de gemeente, Mirom Roeselare of een hogere overheid, in de uitoefening van hun functie.
§8. Afval dat om welke reden dan ook niet werd meegenomen, moet nog dezelfde dag terug binnengehaald worden. Het niet terug binnenhalen van niet-meegenomen afval wordt gelijkgesteld aan sluikstorten. Inwoners die gebruik maken van een goedgekeurde verzamelplaats zijn gemeenschappelijk verantwoordelijk voor het terug binnenhalen van niet-meegenomen recipiënten of afvalstoffen.
Art. 5. - Sorteerstraten
§1. Het College van Burgemeester en Schepenen kan beslissen om een selectie van domicilie-adressen hun afval of een selectie van afvalstoffen te laten verwijderen via een sorteerstraat. Een sorteerstraat is een combinatie van (ondergrondse) afvalcontainers ten behoeve van de inzameling van de fracties restafval, pmd, papier en karton, glas en gft.
§2. De sorteerstraat is alleen toegankelijk met een door de gemeente of Mirom Roeselare ter beschikking gestelde toegangsbadge of eID. Inwoners die door het College zijn toegewezen aan een bepaalde sorteerstraat, mogen hun fracties die worden ingezameld in de sorteerstraat niet meer aanbieden via de reguliere huis-aan-huis inzameling.
§3. Inwoners die door het College niet zijn toegewezen aan een bepaalde sorteerstraat, mogen hun afval niet in deze sorteerstraat deponeren, met uitzondering van de fractie (hol) glas (indien deze fractie aanwezig is op de sorteerstraat).
§4. De sorteerstraten zijn 7 dagen per week beschikbaar. De afvalstoffen mogen enkel aangeboden worden tussen 06u00 en 22u00; glas enkel tussen 08u00 en 20u00.
§5. Het deponeren in de sorteerstraat van andere afvalstoffen dan de aangeduide fracties is verboden. Het is verboden om naast de sorteerstraten afvalstoffen achter te laten (= sluikstorten).
Art. 6. - Verbranden in open lucht
§1. Onverminderd de toepassing van andere wettelijke bepalingen is het verboden om om het even welke afvalstoffen te verbranden, zowel in open lucht als in gebouwen, met uitzondering van:
§1. De eigenaars en houders van huisdieren zijn verplicht te beletten dat de voetpaden en aanpalende huizen, bermen tussen voetpad en rijweg, begraafplaatsen, openbare parken, bossen, tuinen, speelpleinen en andere voor het publiek toegankelijke zones en de fiets- en rijwegen bevuild worden door hun dieren.
§2. Kleine huisdieren mogen zich enkel op de voorziene locaties ontlasten. Indien uitwerpselen terechtkomen op de voornoemde plaatsen, is de eigenaar of houder van het dier verplicht deze uitwerpselen te verwijderen en te deponeren in een straatvuilbak of in een speciaal daarvoor voorzien inzamelrecipiënt of moeten de uitwerpselen voldoende ingepakt meegegeven worden met de gemeentelijke inzameling van huisvuil.
§3. De voormelde verplichtingen ontslaan aangelanden niet van hun eigen verplichtingen om de openbare weg rein te houden.
§4. De begeleiders van kleine huisdieren zijn verplicht steeds een ongebruikt zakje voor het verwijderen van de uitwerpselen van hun dier in bezit te hebben. Het zakje dient op verzoek van de toezichthouder getoond te worden.
§5. De bepalingen van art. 10 §1-§4 zijn niet van toepassing op blindengeleide- en assistentiehonden.
§6. Eigenaars en houders van grote huisdieren zijn verplicht om de uitwerpselen van hun dieren die publiekelijk toegankelijke zones bevuilen, te verwijderen.
Art. 11. - Reclamedrukwerk en gratis pers
Art. 12. - Thuiscomposteren
§1. Het is voor particulieren toegestaan op eigen privéterrein een installatie (compostvat, compostbak, composthoop) aan te leggen voor het composteren van eigen groente-, fruit- en tuinafval. Deze composteerinstallatie mag geen hinder veroorzaken voor de buurtbewoners (bv. geur, ongedierte) of het milieu (bv. ongecontroleerd uitspoelen van compostthee). Het is niet toegestaan in deze particuliere composteerinstallatie gft-afval afkomstig van derden te verwerken.
§2. Wijk- en groepscomposteren met meerdere gezinnen of als organisatie, vereniging, school, instelling… is toegelaten. Indien het composteren gebeurt op een openbaar perceel is een aanvraag bij de gemeente noodzakelijk. Deze composteerinstallatie mag geen hinder veroorzaken voor de buurtbewoners (bv. geur, ongedierte) of het milieu (bv. ongecontroleerd uitspoelen van compostthee). Het is niet toegestaan in deze composteerinstallatie gft-afval afkomstig van andere organisaties te verwerken.
Hoofdstuk 2 – Inzameling van klein huisvuil en de gemengde fractie van het vergelijkbaar bedrijfsafval
Art. 13. - Inzameling
§1. Het klein huisvuil wordt huis-aan-huis ingezameld langs de voor de ophaler toegankelijke straten, wegen en pleinen, op de door het College van Burgemeester en Schepenen bepaalde dagen.
§2. Het klein huisvuil mag niet worden meegegeven met de ophaling van grofvuil of een georganiseerde ophaling anders dan deze van het huisvuil.
§3. Het is verboden voor de verwijdering van het klein huisvuil gebruik te maken van een recyclagepark. Alles wat in een afvalzak past, moet aangeboden worden via de huis-aan-huisinzameling.
Art. 14. – wijze van aanbieding
§1. Het klein huisvuil moet gescheiden aangeboden worden in een officiële restafvalzak (groot of klein) van Mirom Roeselare zoals deze tegen betaling ter beschikking gesteld worden. De restafvalzak moet op de daartoe voorziene wijze zorgvuldig gesloten worden. De restafvalzak mag geen scheuren, barsten of lekken vertonen. Kapotte of opengescheurde zakken zullen niet worden opgehaald.
§2. Het gewicht van de aangeboden restafvalzak mag niet hoger zijn dan 15 kg. Restafvalzakken met een hoger gewicht zijn niet-reglementair en zullen niet worden meegenomen door de ophaler. De eigenaar is verplicht de niet-reglementaire restafvalzak terug binnen te halen en bij een volgende ophaling op reglementaire manier aan te bieden.
§3. Bedrijven mogen per twee weken niet meer dan 3 grote restafvalzakken vergelijkbaar bedrijfsrestafval aanbieden. Biedt een bedrijf een grotere hoeveelheid aan, dan valt dit niet meer onder de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen en dient het bedrijf een contract af te sluiten met een private inzamelaar.
§4. Het klein huisvuil moet zodanig aangeboden worden, dat er geen risico bestaat voor de veiligheid en gezondheid van de ophalers. Scherpe voorwerpen horen niet huis in de restafvalzak.
Hoofdstuk 3 – Inzameling van groot huisvuil (grofvuil) en tuinafval op aanvraag
Art. 15. - Inzameling
§1. Het groot huisvuil of grofvuil en grote hoeveelheden tuinafval worden op aanvraag en tegen betaling aan huis ingezameld door Mirom Roeselare. Inwoners richten hun aanvraag tot Mirom Roeselare en volgen de door haar vastgelegde reglementering.
§2. Het groot huisvuil mag niet worden meegegeven met de ophaling van klein huisvuil of een georganiseerde ophaling anders dan deze van het grofvuil.
§3. Op de ophaaldag moet de aanvrager of een vervanger op het ophaalpunt aanwezig zijn, of minstens telefonisch bereikbaar zijn.
§4. Groot huisvuil en tuinafval kunnen ook worden aangeboden op het recyclagepark.
§5. Het herbruikbaar groot huisvuil kan worden aangeboden in de kringwinkel waarmee de gemeente een overeenkomst heeft afgesloten.
Art. 16. – Wijze van aanbieding
§1. Het groot huisvuil en grote hoeveelheden tuinafval wordt aangeboden aan de straatzijde op de dag dat Mirom Roeselare met de inwoner heeft afgesproken.
§2. Het groot huisvuil mag niet in afvalzakken, kartonnen dozen of papieren zakken worden aangeboden. Er mag geen los materiaal opgeborgen zijn in de aangeboden stukken.
§3. Het groot huisvuil en tuinafval moet ophaalklaar en bereikbaar zijn voor de ophaaldiensten. De vrachtwagen rijdt niet op privéterrein.
§4. Bij de éénmalige inzameling van grote hoeveelheden tuinafval zijn enkel snoeihout, sparren, boomwortels en struiken toegelaten; aarde, gras en haagscheersel zijn niet toegelaten.
§5. Alle voorwerpen moeten zo worden aangeboden zodat ze geen gevaar kunnen opleveren voor de ophalers.
Hoofdstuk 4 – Selectieve inzameling van pmd (plastic verpakkingen, metalen verpakkingen en drankkartons)
Art. 17. – inzameling
§1. Het pmd-afval wordt huis-aan-huis ingezameld langs de voor de ophaler toegankelijke straten, wegen en pleinen, op de door het College van Burgemeester en Schepenen bepaalde dagen.
§2. Het pmd-afval mag niet worden meegegeven met de ophaling van restafval, het grof vuil, of een andere selectieve inzameling, anders dan deze van lege plasticverpakkingen, metalen verpakkingen en drankkartons.
§3. Het is toegelaten voor de verwijdering van het pmd-afval gebruik te maken van een recyclagepark, op voorwaarde dat dit wordt aangeboden in de officiële pmd-zakken.
§1. Het pmd-afval moet gescheiden aangeboden worden in officiële pmd-zakken. Deze zijn verkrijgbaar bij de verdeelpunten die deze tegen betaling ter beschikking stellen. De pmd-zak moet op de daartoe voorziene wijze zorgvuldig gesloten worden. De pmd-zak mag geen scheuren, barsten of lekken vertonen.
§2. De verschillende fracties van plastic verpakkingen, metalen verpakkingen en drankkartons mogen gemengd in de pmd-zak worden aangeboden. Het is verboden om afval, dat niet overeenkomt met de bepalingen voor de selectieve inzameling van pmd, te deponeren in een pmd-zak. Bij twijfel of een afvalstof toegelaten is in de pmd-zak, kan contact worden opgenomen met Mirom Roeselare of Fost Plus.
§3. Het gewicht van de pmd-zak mag niet hoger zijn dan 15 kg. Het is verboden verpakkingen te stapelen of te vullen met andere verpakkingen. Het is verboden om afvalstoffen (bv. bidons) langs de buitenkant van de pmd-zak vast te maken. Het is verboden verpakkingen met een volume groter dan of gelijk aan 8 L in de pmd-zak aan te bieden.
§4. Indien het aangeboden afval – geheel of gedeeltelijk – niet overeenkomt met deze bepalingen, kan de ophaler weigeren de pmd-zak mee te nemen. In zo’n geval zullen de betrokken inwoners op de hoogte gesteld worden van de oorzaak van deze weigering door middel van een sticker gekleefd op de pmd-zak, of door elk ander middel. De om deze reden geweigerde pmd-zakken moeten onverwijld teruggenomen worden door de verantwoordelijke bewoners en mogen tijdens de volgende selectieve inzameling van het pmd-afval opnieuw aangeboden worden nadat de afvalstoffen, die niet aan de bepalingen voldoen, eruit verwijderd werden.
§5. Het pmd-afval moet zodanig aangeboden worden, dat er geen risico bestaat voor de veiligheid en gezondheid van de ophalers.
Hoofdstuk 5 – Selectieve inzameling van papier en karton
Artikel 19 – inzameling
§1. Papier en karton wordt huis-aan-huis ingezameld langs de voor de ophaler toegankelijke straten, wegen en pleinen, op de door het College van Burgemeester en Schepenen bepaalde dagen.
§2. Papier en karton mag niet worden meegegeven met de ophaling van restafval, het grof vuil, of een andere selectieve inzameling, anders dan deze van papier en karton.
§3. Het is toegelaten voor de verwijdering van het papier en karton gebruik te maken van een recyclagepark.
Artikel 20 – wijze van aanbieding
§1. Het papier en karton moet verpakt zijn in een kartonnen doos, papieren zak of samengebonden zijn met natuurtouw. Het is niet toegelaten tape, metaaldraad of plastic touw te gebruiken. Kartonnen dozen moeten in elkaar gevouwen of gescheurd te zijn. Eventuele plastic folies van tijdschriften, reclamebladen of andere, dienen verwijderd te worden voor de aanbieding.
§2. Het papier en karton dient verpakt te zijn in handelbare pakketten van maximaal 15 kg.
§3. Per ophaalbeurt max maximaal 1 m³ papier en karton aangeboden worden.
§4. Het is verboden om afval, dat niet overeenkomt met de bepalingen voor de selectieve inzameling van papier en karton, aan te bieden voor de selectieve inzameling van papier of karton.
§5. Indien het aangeboden afval – geheel of gedeeltelijk – niet overeenkomt met deze bepalingen, kan de ophaler weigeren het papier en karton mee te nemen. In zo’n geval zullen de betrokken inwoners op de hoogte gesteld worden van de oorzaak van deze weigering door middel van een sticker, of door elk ander middel. Het om deze reden geweigerde papier en karton moet onverwijld teruggenomen worden door de verantwoordelijke bewoners en tijdens de volgende selectieve inzameling van papier en karton opnieuw aangeboden worden nadat de afvalstoffen, die niet aan de bepalingen voldoen, eruit verwijderd werden.
§6.Het papier en karton moet zodanig aangeboden worden, dat er geen risico bestaat voor de veiligheid en gezondheid van de ophalers.
Hoofdstuk 6 – Selectieve inzameling van gft
Art. 21 - Inzameling
§1. Gft wordt huis-aan-huis ingezameld langs de voor de ophaler toegankelijke straten, wegen en pleinen, op de door het College van Burgemeester en Schepenen bepaalde dagen.
§2. mag niet worden meegegeven met de ophaling van restafval, het grof vuil, of een andere selectieve inzameling, anders dan deze van gft.
§3. Gft wordt enkel ingezameld op adressen waar een geldig jaarabonnement gft-inzameling geactiveerd is. Een jaarabonnement gft-inzameling kan worden afgesloten via de website van Mirom Roeselare. Abonnees dienen de voorschriften opgenomen in het gft-gebruikersreglement te respecteren.
§4. Het is niet toegelaten voor de verwijdering van het gft-afval gebruik te maken van een recyclagepark. Gft-afval dat hiervoor geschikt is, mag wel zelf worden verwerkt via thuiscompostering (zie artikel 12).
Art. 22 - Wijze van aanbieding
§1. Het gft-afval moet gescheiden aangeboden worden in de officiële gft-container. Deze containers dienen door de gebruiker aangekocht te worden, en zijn enkel verkrijgbaar bij het afsluiten van een jaarabonnement gft-inzameling.
§2. Per gft-container mag maximaal 12 kg gft worden aangeboden.
§3. Per adres kunnen maximaal 3 jaarabonnementen gft-inzameling actief zijn (= maximaal 3 gft-containers per adres).
§4. De gft-container dient te worden aangeboden met het handvat omhoog en met de voorkant van de gft-bak (= zijde met bedrukking) naar de straatkant gericht.
§5. Het is verboden gft-containers op het openbaar domein te laten staan. De geledigde gft-containers dienen door de aanbieder op de dag van lediging terug te worden verwijderd van de openbare weg.
§6. Het is verboden om afval, dat niet overeenkomt met de bepalingen voor de selectieve inzameling van gft, aan te bieden voor de selectieve inzameling van gft.
§7. Indien het aangeboden afval – geheel of gedeeltelijk – niet overeenkomt met deze bepalingen, kan de ophaler weigeren het gft-afval mee te nemen. In zo’n geval zullen de betrokken inwoners op de hoogte gesteld worden van de oorzaak van deze weigering door middel van een sticker, of door elk ander middel. De om deze reden geweigerde gft-container moet onverwijld teruggenomen worden door de verantwoordelijke bewoners en tijdens de volgende selectieve inzameling van gft-afval opnieuw aangeboden worden nadat de afvalstoffen, die niet aan de bepalingen voldoen, eruit verwijderd werden.
§8. Het gft-afval moet zodanig aangeboden worden, dat er geen risico bestaat voor de veiligheid en gezondheid van de ophalers.
Hoofdstuk 7 – Selectieve inzameling van tuinafval
Art. 23. –Inzameling
§1. Tuinafval wordt huis-aan-huis ingezameld langs de voor de ophaler toegankelijke straten, wegen en pleinen, op de door het College van Burgemeester en Schepenen bepaalde dagen.
§2. Tuinafval mag niet worden meegegeven met de ophaling van restafval, het grof vuil, of een andere selectieve inzameling, anders dan deze van tuinafval.
§3. Tuinafval wordt enkel ingezameld op adressen waar een geldig jaarabonnement tuinafvalinzameling geactiveerd is. Een jaarabonnement tuinafvalinzameling kan worden afgesloten via de website van Mirom Roeselare. Abonnees dienen de voorschriften opgenomen in het tuinafvalbak-gebruikersreglement te respecteren.
§4. Het is ook toegelaten voor de verwijdering van het tuinafval gebruik te maken van een recyclagepark. Tuinafval dat hiervoor geschikt is, mag ook zelf worden verwerkt via thuiscompostering (zie artikel 12).
Art. 24. – Wijze van aanbieding
Art. 25. – Inzameling
§1. Het hol glas wordt ingezameld in de glascontainers (boven- of ondergronds) die verspreid staan opgesteld in de gemeente. Het gebruik van de glascontainers is uitsluitend voorbehouden aan de inwoners van de gemeente.
§2. Glas mag niet worden meegegeven met het restafval, het grof vuil, of een andere selectieve inzameling, anders dan deze van hol glas.
§3. Hol glas wordt ook ingezameld in het recyclagepark.
Art. 26. - Wijze van aanbieden
§1. Hol glas dat naar de glascontainer wordt gebracht, moet, afhankelijk van de kleur, in de daartoe voorziene glascontainers worden gedeponeerd. Hol glas wordt bij de aanbieding ontdaan van deksels en stoppen. Het dient leeg en voldoende gereinigd te zijn.
§2. Het deponeren van om het even welke andere afvalstof dan hol glas in de glascontainers is verboden. Het is verboden om naast de glascontainers glas of andere afvalstoffen achter te laten, ook al is de glascontainer volledig gevuld. Dit wordt beschouwd als sluikstorten.
§3. Het is verboden glas te deponeren in de glascontainers tussen 20u00 en 8u00.
Hoofdstuk 9 – Selectieve inzameling van textielafval
Art. 27. – Inzameling
§1. De inzameling van textielafval wordt uitsluitend georganiseerd door de opdrachthoudende vereniging Mirom Roeselare of door de door haar aangewezen instellingen. Enkel de geregistreerde inzamelaars, handelaars en makelijkaars van textielafvalstoffen die toelating krijgen van Mirom Roeselare zijn gemachtigd om textielcontainers te plaatsen.
§2. De inzameling van textielafval geschiedt uitsluitend in de door Mirom Roeselare opgestelde en toegelaten textielcontainers. Deze containers staan opgesteld in de gemeente, op het recyclagepark en bij de Kringwinkel.
§3. Textielcontainers die op het grondgebied van de gemeente zijn opgesteld zonder toelating van Mirom Roeselare, kunnen in opdracht van de gemeente of van Mirom Roeselare ambtshalve worden verwijderd. Het wegnemen van de container gebeurt op kosten en risico van degene die de container heeft geplaatst. Bij ambtshalve verwijdering wordt de container eigendom van de gemeente.
§4. Het is verboden textielafval aan te bieden met restafval, het grof vuil, of een andere selectieve inzameling, anders dan deze van textielafval.
Art. 28. – Wijze van aanbieding
§1. Het textiel dient bij het deponeren in de textielcontainer in een degelijke en goed gesloten zak verpakt te zijn. Het aangeboden textiel mag niet nat of besmeurd zijn.
§2. Het deponeren van om het even welke andere afvalstof dan textielafval in de textielcontainers is verboden. Het is verboden om naast de textielcontainer lege of volle dozen, kratten, zakken of andere voorwerpen achter te laten, ook al is de container volledig gevuld. Dit wordt beschouwd als sluikstorten.
§3. Het is verboden om textielafval in textielcontainers te deponeren tussen 22u00 en 6u00.
Hoofdstuk 10 – Selectieve inzameling van hechtgebonden asbest
Art. 29. – Inzameling
§1. Hechtgebonden asbestmateriaal kan op aanvraag tegen betaling aan huis worden opgehaald door Mirom Roeselare. Inwoners richten hun aanvraag tot Mirom Roeselare en volgen de door haar vastgelegde reglementering.
§2. Op de ophaaldag moet de aanvrager of een vervanger op het ophaalpunt aanwezig zijn, of minstens telefonisch bereikbaar zijn.
§3. Hechtgebonden asbestmateriaal kan ook op het recyclagepark worden aangeboden mits aanbieding in de daartoe voorziene asbestzakken.
Art. 30. – Wijze van aanbieding
Art. 31. – Toepasselijke wetgeving
§1. De recyclageparken zijn onderworpen aan de bepalingen vanVlarem;Art. 32. – Definities
§1. Mirom Roeselare is de afvalintercommunale voor de gemeenten Hooglede, Houthulst, Koekelare, Kortemark, Langemark-Poelkapelle, Lichtervelde, Moorslede, Roeselare, Staden, Torhout, Wingene en Zonnebeke.
§2. De benaming ‘recyclagepark’ wordt gebruikt in plaats van de benaming ‘containerpark’ om de nadruk te leggen op de inspanningen die gebeuren om het afval te recycleren. Het recyclagepark is een inrichting die tot doel heeft de gescheiden inzameling van huishoudelijke afvalstoffen en met huishoudelijke afvalstoffen vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen mogelijk te maken met het oog op de maximale recyclage en nuttige toepassing van deze afvalstoffen.
§3. Bezoeker: de persoon die zich op het recyclagepark bevindt voor het aanvoeren van afval, en de personen die hem vergezellen.
§4. Badgegebruiker: de bezoeker die vergelijkbaar bedrijfsafval aanbrengt, en de bezoeker die een gelijkgestelde toegang krijgt.
§5. Badge: de elektronische kaart die wordt gegeven aan diverse categorieën van klanten om zich te identificeren aan de diftar-zuilen. In art. 39 worden de categorieën die over een badge dienen te beschikken, opgesomd.
§6. Parkwachter: het personeelslid van de gemeente dat instaat voor de goede werking op het recyclagepark.
§7. Diftar: staat voor ‘gedifferentieerd tariferen’. Met de diftar streeft men ernaar om het principe toe te passen dat de vervuiler betaalt. Op het recyclagepark wordt dit toegepast door het systeem van de identificatie met de eID en het afwegen op de weegbruggen.
§8. eID: de elektronische identiteitskaart.
§9. Het recyclagepark is een onder Vlarem I vergunde inrichting waar onder toezicht van de parkwachter(s), op vastgestelde dagen en uren bepaalde gesorteerde huishoudelijke afvalstoffen en vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen kunnen gedeponeerd worden met het oog op een maximale recyclage van de afvalstoffen.
§10. Voor de toepassing van dit reglement wordt onder huishoudelijke afvalstoffen verstaan: afvalstoffen die ontstaan door de normale werking van een particuliere huishouding en afvalstoffen die daarmee gelijkgesteld worden bij een besluit van de Vlaamse Regering.
§11. Voor de toepassing van dit reglement wordt onder met huishoudelijke afvalstoffen vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen, hierna vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen genoemd, verstaan: bedrijfsafvalstoffen van vergelijkbare aard, samenstelling én hoeveelheid als huishoudelijke afvalstoffen en die ontstaan ten gevolge van activiteiten die van dezelfde aard zijn als activiteiten van de normale werking van een particuliere huishouding.
§2. Door het betreden van het recyclagepark verklaart de bezoeker zich akkoord met de toepassing van onderhavig huishoudelijk reglement.
§2. Het recyclagepark is enkel toegankelijk op de data en openingsuren opgenomen in de afvalkalender en vermeld op de website van de gemeente en Mirom Roeselare.
§3. De bezoeker moet ten laatste een kwartier voor het sluitingsuur het recyclagepark hebben betreden. Buiten de openingsuren is het recyclagepark niet toegankelijk voor personen vreemd aan de dienst.
§4. Op het recyclagepark gelden de bepalingen van het huishoudelijk reglement zoals vastgesteld door de gemeente. Tijdens de openingsuren is het recyclagepark permanent onder toezicht van de aanwezige parkwachter(s).
§5. Het is de parkwachter toegestaan om de aanbieders van afvalstoffen buiten de omheining te laten wachten indien er zich reeds teveel personen of voertuigen op het recyclagepark bevinden in functie van een goede verkeersregeling en veiligheid op het recyclagepark.
Aanpassen van het vorig huishoudelijk reglement van de begraafplaatsen naar de nieuwe wetgeving;
Nieuwe gemeentewet, inzonderheid op de artikelen 119, 119bis, 133 en 135, §2;
Artikelen 15bis, §2, tweede lid, 23bis en 32 van de wet van 20 juli 1971 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging;
Decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, gewijzigd bij het decreet van 10 november 2005, het decreet van 18 april 2008, de decreten van 9 december 2011, het decreet van 22 februari 2013, het decreet van 28 maart 2014 en het decreet van 9 februari 2024;
Deecreet lokaal bestuur, inzonderheid op artikel 41;
Besluit van de Vlaamse Regering van 14 mei 2004 tot organisatie, inrichting en beheer van begraafplaatsen en crematoria, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 2 december 2005;
1. Algemeen
Art. 1. - De gemeentelijke begraafplaats is toegankelijk van zonsopgang tot zonsondergang behoudens afwijkingen die door de burgemeester of zijn gemachtigde vastgesteld zijn.
Art. 2. - De gemeente is niet belast met de bewaking van de op de graven geplaatste voorwerpen. Het gemeentebestuur kan niet aansprakelijk worden gesteld voor de diefstallen of beschadigingen welke op de begraafplaatsen ten nadele van de nabestaanden zouden gepleegd worden aan de graven, erop aangebrachte gedenktekens, beplantingen,… .
2. Concessies
Art. 3. - De begraving van een stoffelijk overschot, de begraving van een asurn en de bijzetting van een asurn in een columbarium kunnen het voorwerp uitmaken van een concessie.
Art. 4. - De concessies worden enkel toegestaan op de plaatsen die daarvoor aangewezen zijn op de begraafplaatsen, volgens de door het gemeentebestuur goedgekeurde plannen.
In geen geval mag er een concessie verleend worden op een plaats die bestemd is voor de niet-geconcedeerde gronden. Indien, na 10 jaar grafrust, voor een niet-geconcedeerd graf, toch geopteerd wordt om over te gaan tot een concessie, begint de concessie vanaf de begrafenisdatum en volgens de bepalingen in artikel 28.
Art. 5. - Het verlenen van een concessie door de gemeentelijke overheid houdt geen verhuring noch een verkoop in. Er mag aan de concessie nooit een andere bestemming worden gegeven dan die welke waarvoor ze werd verleend. De concessies zijn onoverdraagbaar.
Art. 6. - De concessies worden verleend door het college van burgemeester en schepenen voor:
Art. 7. - De concessie neemt een aanvang op de datum van de voormelde beslissing van het college van burgemeester en schepenen.
Art. 8. - De concessies worden slechts toegestaan voor onmiddellijk gebruik. Samen met de concessieaanvraag mogen aaneen palende percelen worden gereserveerd, mits de aanvraag en de betaling daartoe gelijktijdig gebeurt.
Art. 9.
Reeds verstreken jaren van de concessie x retributiekost concessie
Totaal aantal jaren van de concessie
Na het overlijden van de concessiehouder kan elke natuurlijke persoon of rechtspersoon een aanvraag tot hernieuwing doen.
De hernieuwing van de concessies worden toegestaan door het college van burgemeester en schepenen onder de voorwaarden die vastgesteld zijn in het desbetreffende huishoudelijk reglement, het politiereglement en het desbetreffende retributiereglement, die gelden op het ogenblik van de aanvraag tot hernieuwing.
Art. 10. - In geval van terugneming van een geconcedeerd perceel of van een geconcedeerde nis wegens openbaar belang of dienstnoodzakelijkheid hebben de concessiehouders recht op het verkrijgen van een perceel van dezelfde oppervlakte of van een nis van dezelfde grootte, op dezelfde of op een andere begraafplaats in de gemeente.
De kosten van overbrenging van de stoffelijke overschotten en van de graftekens of eventueel van een vervangende grafkelder zijn ten laste van de gemeente.
Art. 11. - In geval van wijziging van de bestemming van de begraafplaats (sluiting van de begraafplaats) kan de concessiehouder geen aanspraak maken op enige vergoeding.
Hij heeft het recht op het kosteloos verkrijgen van een grafruimte of van een nis van dezelfde oppervlakte op de nieuwe begraafplaats.
De kosten voor de overbrenging van de stoffelijke overschotten zijn ten laste van het gemeentebestuur.
De kosten voor de overbrenging van de grafmonumenten, evenals de kosten van een vervangende grafkelder zijn ten laste van de aanvrager.
3. Begravingen
Art. 12.- De gemeente beschikt over 3 begraafplaatsen gelegen te Moorslede, Dadizele en Slypskapelle.
De gemeentelijke begraafplaatsen zijn bestemd voor de begraving, de bijzetting in een columbarium en de asverstrooiing van:
Art. 13. - De begravingen worden volgens plan in regelmatige volgorde uitgevoerd. Dat plan wijst de percelen aan voor begraving in niet-geconcedeerde grond, geconcedeerde grond, urnenvelden, grafkelders, kindergraven, alsook voor de bijzetting in de nissen van het columbarium.
Art. 14. - Bij het bezorgen van de stoffelijke overschotten op de gemeentelijke begraafplaats moeten de gemeentelijke diensten ten minste 3 werkdagen vooraf verwittigd zijn. Die verplichting rust bij de nabestaanden of de gemachtigde.
De stoffelijke overschotten kunnen op de begraafplaats worden bezorgd op werkdagen tussen 8.30 u. en 16.30 u., op zaterdag tussen 9.00 en 13.00 u. en niet op zon- en feestdagen.
Art. 15. - De percelen om één persoon in niet-geconcedeerde grond te begraven hebben een eenvormige oppervlakte van 70 x 200 cm voor een niet-gecremeerd lichaam van een persoon van minstens zeven jaar.
De geconcedeerde percelen om de niet-gecremeerde lichamen in volle grond te begraven hebben een oppervlakte van 100 x 200 cm.
Art. 16. - Het gemeentebestuur plaatst de grafkelders in eigen beheer en concedeert ze tegen betaling van de kostprijs die vastgesteld is in het retributiereglement.
Art. 17. - Een grafkelder voor de begraving van maximaal 3 niet-gecremeerde lichamen wordt voorzien.
Art. 18. - De geconcedeerde percelen om de niet-gecremeerde lichamen van maximum 3 personen te begraven in een grafkelder hebben een éénvormige oppervlakte van 90 x 220 cm.
Art. 19. - De percelen om maximum 2 standaard urnen te begraven hebben een eenvormige oppervlakte van 50 x 60 cm. Voor sierurnen moet steeds voorafgaandelijk contact worden opgenomen met de dienst burgerzaken betreffende de afmetingen.
De grafzerken, geplaatst op de urnen, dienen allemaal uniform te zijn.
Art. 20. - Concessies voor de begraving van asurnen worden verleend voor dezelfde duur en onder dezelfde algemene voorwaarden als bepaald voor de concessies van niet-gecremeerde stoffelijke overschotten.
Art. 21. - Columbariumconcessies worden verleend voor dezelfde duur en onder dezelfde algemene voorwaarden als bepaald voor de concessies van niet-gecremeerde lichamen.
Art. 22. - De geconcedeerde nissen in het columbarium, zijn bestemd voor 2 gecremeerde lichamen zonder sierurnes.
Art. 23. - Als een columbariumconcessie om welke reden ook een einde neemt, kan de as worden uitgestrooid op de daartoe bestemde plaats van de begraafplaats.
Art. 24. – Levenloos geboren kinderen en kinderen tot en met 7 jaar kunnen op een speciaal daarvoor voorziene kinderbegraafplaats worden begraven. Deze percelen hebben een éénvormige oppervlakte van 110 x 50 cm.
Art. 25. - Voor de herdenking van levenloos geboren kinderen is op elke begraafplaats een vergeet-me-nietjes-weide voorzien.
Art. 26. - Zoals bepaald in artikel 24ter van het decreet op de begraafplaatsen is het op de gemeentelijke begraafplaatsen mogelijk om de as van reeds eerder overleden gezelschapsdieren gelijktijdig met een overleden persoon te begraven in een geconcedeerd graf, urnenveld of columbarium. De as dient in dit geval geborgen te worden in een biologisch niet-afbreekbare urne. De as van het gecremeerde gezelschapsdier volgt steeds de bestemming van de kist of van de urne van de overleden eigenaar bij opgraving van laatstgenoemde. Bij opgraving dient de as van de gezelschapsdieren gescheiden te worden van de menselijke resten. Het is niet toegelaten dat de as van het overleden gezelschapsdier wordt uitgestrooid op de strooiweide van de gemeentelijke begraafplaats.
4. Opgravingen
Art. 27. - Als een overledene in een andere gemeente wordt herbegraven, moet de burgemeester van die andere gemeente toestemming geven voor de herbegraving in zijn gemeente vooraleer het stoffelijk overschot wordt opgegraven.
Behalve op bevel van de gerechtelijke overheid, mag tot geen opgraving overgegaan worden zonder toelating van de burgemeester.
Art. 28. - De aanvraag tot opgraving moet, door de nabestaanden in eerste graad, schriftelijk worden gericht aan de burgemeester. Eventuele kosten hiervoor zijn voor de aanvrager.
Volgende beschikkingen moeten steeds worden nageleefd:
Art. 29. - Er moet tot een opgraving worden overgegaan in tegenwoordigheid van de grafmaker en van een gemachtigde die door de burgemeester is aangesteld en die er verslag van opmaakt. Zij kunnen de vernieuwing van de kist voorschrijven als ze dat nodig achten en ze kunnen elke andere maatregel nemen om de welvoeglijkheid en de openbare gezondheid te beschermen op kosten van de aanvrager.
5. Graftekens, bouw- en beplantingswerkzaamheden - onderhoud van de graven
Art. 30. - Uitsluitend de gemeentelijk aangestelde is ertoe bevoegd:
Art. 31. - De bloemen en de planten die op de graven zijn aangebracht moeten steeds in goede staat onderhouden worden. Als ze afgestorven zijn, moeten ze verwijderd worden. Bij gebreke hiervan zullen de opruiming en het verwijderen van de potten geschieden door de zorgen van het gemeentebestuur.
Art. 32. - Elk grafteken dat dreigt in puin te vallen, moet door de concessiehouder of de betrokken families worden hersteld of weggeruimd. Indien na een schriftelijke waarschuwing, de belanghebbenden de werken niet hebben uitgevoerd, zal er op bevel van de burgemeester overgegaan worden tot het afbreken en het wegruimen van de materialen. De materialen van afgebroken graftekens blijven gedurende zes maanden ter beschikking van de belanghebbende families. Na verloop van dit tijdsbestek worden ze eigendom van de gemeente.
6. Slotbepalingen
Art. 33. - Alle niet in dit reglement voorziene gevallen worden beslecht door het college van burgemeester en schepenen, in zoverre zij niet door een wet, besluit of decreet aan een andere overheid worden toegewezen.
Art. 34. - Dit huishoudelijk reglement treedt in werking op 1 januari 2026.
Art. 35. - Het huishoudelijk reglement op de begraafplaatsen van 21 december 2023 wordt opgeheven.
Art. 36. - Dit huishoudelijk reglement wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet lokale besturen.
Decreet over het lokaal bestuur van 22.12.2017, zoals gewijzigd en de bijhorende besluiten en omzendbrieven van de Vlaamse Regering;
Wet van 29.07.1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van bestuurshandelingen;
Bestuursdecreet van 07.12.2018;
Besluit van de Vlaamse Regering van 30.03.2018 betreffende de beleids- en beheerscyclus van de lokale en de provinciale besturen;
De gemeenteraad keurde in zitting d.d. 27 februari 2025 het tijdelijk gebruiksreglement JH Den Teirlink goed.
De dienst Vrije Tijd wil graag een aanpassing aan het tijdelijk gebruiksreglement JH Den Teirlink; waarbij de gebruiker niet langer vrijgesteld wordt om zelf de drankenleverancier te kiezen. De dienst Vrije Tijd wenst op te merken dat de inboedel van JH Den Teirlink, met name: glazen, toog, frigo's, tapinstallatie gratis ter beschikking wordt gesteld door drankenleverancier Vandekerckhove.
De dienst Vrije Tijd stelt daarom voor om artikel 23 van het tijdelijk reglement JH Den Teirlink in die zin aan te passen dat er een verplichte drankafname bij dranken Vandenkerckhove wordt toegevoegd en bijgevolg af te zien van een vrijstelling van drankafname.
Gelet op het gunstig advies geformuleerd door Algemene Vergadering Jeugdraad van 19 oktober 2025;
Overwegende dat het tijdelijke gebruikersreglement ter goedkeuring moet worden voorgelegd aan de gemeenteraad;
Raadslid Ward Gillis vraagt of dit in orde is met de wet op de overheidsopdrachten? Kan de dranklevering niet mee opgenomen worden in de gunning van dranken voor de gemeentegebouwen?
Deze aanpassing wordt goedgekeurd.
Art. 1. - De gemeenteraad keurt de aanpassing van het Tijdelijk gebruiksreglement voor jeugdhuis Den Teirlink goed.
Art. 2. - Het reglement gaat in werking vanaf 1 december 2025.
Artikel 170 §4 van de Grondwet;
Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en wijzigingen;
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en wijzigingen;
Omzendbrief ABB 2019/2 over de gemeentefiscaliteit, goedgekeurd door de Vlaamse regering op 15 februari 2019;
De Vlaamse Codex Wonen van 2021 stelt de gemeente aan als coördinator en regisseur van het lokale woonbeleid.
In de gemeente Moorslede zijn een aantal tweede verblijven aanwezig en die brengen bijkomende lasten met zich mee voor de gemeente op vlak van administratie, veiligheid, infrastructuur, afvalbeheersing.
Het is dan ook billijk dat deze tweede verblijvers, net zoals de inwoners, een deel van de kosten hiertoe betalen via deze belasting.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026 -2031 onder de MAR-code 7377000.
Raadslid Ward Gillis is niet tegen een verhoging, maar vindt dat de verhoging van het bedrag buiten proportie is; 1 000 euro zou correct zijn.
Burgemeester Sherley Beernaert meldt dat we lid zijn van de woondienst en dat alle leden van de woondienst dit voorstel zullen volgen;
Art. 1. - Er wordt voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 een directe gemeentebelasting gevestigd op de tweede verblijven.
Art. 2. Een tweede verblijf is elke private woongelegenheid die niet het hoofdverblijf is van de zakelijk gerechtigde of de huurder, maar die wel op elk ogenblik door hen kan worden bewoond. De woning beschikt over een slaapgelegenheid, kookgelegenheid, badkamer en de nodige nutsvoorzieningen en is voor meer dan 50% in gebruik als woning. De woning voldoet aan de Vlaamse wooncode, wat betekent dat zij geschikt is om te bewonen. Tweede verblijven zijn landhuizen, bungalows, appartementen, weekendhuisjes, optrekjes en alle andere vaste woongelegenheden, met inbegrip van de met chalets gelijkgestelde caravans, die al of niet ingeschreven zijn in de kadastrale legger.
§1. Als tweede verblijf wordt niet beschouwd:
§2. De opsporing en vaststelling van tweede verblijven gebeurt door de bevoegde ambtenaar van de gemeente, aangesteld door het college van burgemeester en schepenen. De opsporing kan tevens gebeuren door een personeelslid, aangesteld door het college van burgemeester en schepenen, van de intergemeentelijke woondienst regio Roeselare.
De bevoegde ambtenaren van de gemeente en de personeelsleden van de intergemeentelijke Woondienst regio Roeselare zijn gemachtigd de huidige toestand ter plaatse vast te stellen.
Art. 3. - De belasting valt ten laste van diegene die, op 30 juni van het aanslagjaar, gebruiker of zakelijk gerechtigde is van het tweede verblijf.
Art. 4. - De belasting wordt vastgesteld op € 1 500 per tweede verblijf.
Art. 5. - De zakelijk gerechtigde doet bij de gemeente aangifte van een tweede verblijf. Dit kan op twee manieren
In geval van eigen gebruik stellen de bevoegde ambtenaren ter plaatse het gebruik van het tweede verblijf vast.
Art. 6. - De belasting wordt ingevorderd bij middel van een kohier, dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
Art. 7. De belasting moet betaald worden binnen 2 maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Art. 8. - De belastingschuldige kan bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen tegen deze belasting volgens de modaliteiten van het decreet van 30 mei 2008. Het bezwaar moet op straffe van nietigheid, schriftelijk worden ingediend en worden gemotiveerd. De indiening moet, op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of de kennisgeving van de aanslag.
Art. 9. – Dit reglement treedt in voege vanaf 1 januari 2026 en vervangt voorgaande reglementen.
Omzendbrief ABB 2019/2;
Artikel 464/1, 2° WIB;
Decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten;
Artikelen 2.6.1.0.1 tot en met 2.6.7.7.1 en artikelen 3.1.0.0.4, §2 Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013;
De gemeente wenst de leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten tegen te gaan.
Overwegende dat er tevens een tekort is aan bedrijfsruimte in de gemeente Moorslede en het dus belangrijk is dat iedere leegstaande of verwaarloosde bedrijfsruimte zo vlug mogelijk terug zijn functie herneemt;
Overwegende dat deze belasting hiertoe een stimulans moet zijn voor de eigenaar(s);
Rekening houdend met de financiële toestand van de gemeente;
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026 -2031 onder de MAR-code 7305000.
Art. 1. – Voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 worden 50 opcentiemen geheven op de heffing van het Vlaamse gewest ter bestrijding van leegstaande en verwaarlozing van bedrijfsruimten.
Art. 2. - De gemeente doet een beroep op de medewerking van het agentschap Vlaamse Belastingdienst voor de inning van deze opcentiemen.
Art. 3. - Deze verordening wordt binnen de maand die volgt op de inwerkingtreding ervan bij aangetekende brief bezorgd aan Agentschap Vlaamse Belastingdienst, Leegstandsheffing Bedrijfsruimten, Koning Albert II laan 35 bus 62, 1030 Brussel.
Artikel 170, §4 van de Grondwet;
Decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur;
De artikelen 42, §3, 43, §2, 15°, 186, 187 en 253, §1, 3° van het gemeentedecreet van 15 juli 2005;
Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en wijzigingen;
Decreet van 13 december 2013 houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit, artikel 2.5.1.0.1.;
De Vlaamse Codex Wonen stelt de gemeente aan als coördinator en regisseur van het lokale woonbeleid. Het is de opdracht van de gemeenten om de kwaliteit van woningen op het grondgebied van de gemeente te bewaken om het grondrecht op menswaardig wonen van de inwoners van de gemeente te vrijwaren. Het is wenselijk dat de gemeente zelf een belasting invoert op ongeschikte en onbewoonbare woningen, zodat ze maximaal deze opdracht kunnen vervullen.
Vanaf het aanslagjaar 2017 wordt de gewestelijke heffing op ongeschikte en onbewoonbare woningen niet geheven in gemeenten met een eigen belasting op ongeschikte en onbewoonbare woningen teneinde een dubbele heffing te vermijden, mits deze in overeenstemming is met art. 2.5.1.0.1 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit. Het invoeren van een gemeentelijke belasting O/O heeft als doel om de kwaliteit van het woningbestand in de gemeente te verhogen.
Rekening houdend met de financiële toestand van de gemeente is het dan ook gerechtvaardigd om een belasting te heffen op ongeschikte en onbewoonbare woningen.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026 -2031 onder de MAR-code 7375001.
Raadslid Gert-Jan Hovaere vraagt hoeveel extra inkomsten er zijn door deze grote verhoging?
Burgemeester Sherley Beernaert meldt dat het gaat om 10 aanslagen.
Schepen Benedikt Vallaey meldt dat het niet de bedoeling is om de kas te vullen; het gaat erom een mooi patrimonium te hebben;
Hoofdstuk 1: Algemene bepaling
Art. 1. - Begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van dit reglement wordt begrepen onder:
1° Beveiligde zending: één van de hiernavolgende betekeningswijzen:
2° Gewestelijke Inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen: De inventaris vermeld in artikelen 3.19 tot en met 3.23 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
3° Inventarisatiedatum: De datum waarop een woning in de gewestelijke inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen is opgenomen.
4° Woning: Het goed vermeld in art. 1.3 §1, eerste lid, 66° van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
5° Zakelijk gerechtigde: De houder van één van de volgende zakelijke rechten:
Hoofdstuk 2: Belasting op ongeschikte en onbewoonbare woningen
Art. 2. - Belastingstermijn en belastbare grondslag
§1. Er wordt voor de jaren 2026 tot en met 2031 een gemeentebelasting gevestigd op de woningen die opgenomen zijn in de gewestelijke inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen.
§2. De belasting is voor het eerst verschuldigd vanaf het ogenblik dat de woning gedurende twaalf opeenvolgende maanden opgenomen is in de gewestelijke inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen.
Of voor woningen die op het moment van de inwerkingtreding van dit reglement reeds in de inventaris zijn opgenomen, wordt de belasting voor het eerst geheven bij de eerstvolgende verjaardag van de inventarisatiedatum.
Zolang de woning niet is geschrapt uit deze inventaris, blijft de belasting verschuldigd bij het verstrijken van elke opeenvolgende periode van twaalf maanden.
Art. 3. - Belastingsplichtige
§1. De belasting is verschuldigd door de zakelijk gerechtigde van de ongeschikte of onbewoonbare woning op de verjaardag van de inventarisatiedatum.
§2. Indien er meerdere zakelijk gerechtigden zijn, zijn zij allen hoofdelijk gehouden tot betaling van de totale belastingschuld.
Art. 4. - Tarief van de belasting
§1. De belasting bedraagt:
Als de kamer of woning een tweede opeenvolgende termijn van twaalf maanden in de gewestelijke inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen staat, bedraagt de belasting:
Als de kamer of woning een derde opeenvolgende termijn van twaalf maanden in de gewestelijke inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen staat, bedraagt de belasting:
Als de kamer of woning een vierde opeenvolgende termijn van twaalf maanden in de gewestelijke inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen staat, bedraagt de belasting:
Het aantal termijnen van twaalf maanden dat een woning is opgenomen in de inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen, wordt opnieuw van nul berekend bij overdracht van het zakelijk recht op het betrokken gebouw of de woning. Deze herberekening is niet van toepassing bij overdracht van of aan:
Art. 5. – Vrijstelling
§1. De houder van het zakelijk recht kan een beroep doen op de vrijstellingen vermeld in artikel 5§2. Indien deze van een bepaalde vrijstelling gebruik wenst te maken, moeten de nodige bewijsstukken voorgelegd kunnen worden. Een vrijstelling van de belasting kan aangevraagd worden via de administratie.
§2. Van de belasting is vrijgesteld de belastingplichtige:
§3. Die een gedetailleerd renovatieschema voorlegt met daarin tekeningen en een opsomming van de werken, waaruit blijkt dat hij de nodige renovatiewerken zal uitvoeren. Het gedetailleerde renovatieschema bevat de volgende stukken:
Deze vrijstelling kan per houder van het zakelijk recht voor hetzelfde pand hoogstens voor drie opeenvolgende belastingjaren verkregen worden. Voor de toepassing van deze vrijstelling wordt sloop die gevolgd wordt door vervangingsbouw beperkt tot een termijn van één jaar die volgt op de goedkeuring van de vergunning.
§4. Van wie de handelingsbekwaamheid wordt beperkt door een gerechtelijke beslissing en dat voor een periode van drie jaar die volgt op de gerechtelijke beslissing;
§5. Van wie het pand binnen de grenzen ligt van een door de bevoegde overheid goedgekeurd onteigeningsplan of waarvoor geen omgevingsvergunning meer wordt afgeleverd omdat een onteigeningsplan wordt voorbereid;
§6. Van wie het pand niet gebruikt kan worden door een betredingsverbod of een verzegeling in het kader van een gerechtelijk onderzoek en dit voor de periode tot één jaar die volgt op de datum van de vrijgave;
§7. Van wie het pand vernield of beschadigd is door een plotse ramp die zich heeft voorgedaan onafhankelijk van de wil van de belastingplichtige, en dit voor een periode van drie opeenvolgende jaren die volgt op de datum van de ramp;
§8. Die aantoont dat hij geen einde aan de ongeschikt, onbewoonbaar kan maken wegens een situatie van overmacht. Het college van burgemeester en schepenen beslist over elk individueel geval en dit na advies van de intergemeentelijke woondienst of een bevoegd ambtenaar van de gemeente;
Art. 6. - Inkohiering
De belasting wordt ingevorderd bij wege van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
Art. 7. - Betalingstermijn
De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Art. 8. - Bezwaar
De belastingschuldige kan bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen tegen deze belasting volgens de modaliteiten van het decreet van 30 mei 2008.Het bezwaar moet op straffe van nietigheid, schriftelijk worden ingediend en worden gemotiveerd. De indiening moet, op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of de kennisgeving van de aanslag.
Art. 9. - Kennisgeving toezicht
De toezichthoudende overheid wordt op de hoogte gebracht van de bekendmaking van het reglement op de webtoepassing van de gemeente.
Art. 10. - Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en vervangt vanaf die dag het gemeentelijk reglement van 21 november 2024. Vrijstellingen die toegekend zijn op basis van vorige reglementen blijven geldig voor de duurtijd die in deze reglementen voorzien was.
Artikel 170§4 van de grondwet;
Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en wijzigingen;
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur waarin de bepaling over het leegstandsregister te vinden is;
Bestuursdecreet van 7 december 2018;
Vlaamse Codex Wonen van 2021, artikel 2.9 tot en met 2.14;
Besluit Vlaamse Codex wonen van 2021, artikel 2.14
Besluit van de gemeenteraad van 27 juni 2019 waarin deze besliste om deel te nemen aan het project lokaal woonbeleid ‘Woondienst Regio Roeselare’ en om het projectvoorstel waarin de opmaak, opbouw, beheer en actualisering van het leegstandsregister inbegrepen is door het IGS van Woondienst Regio Roeselare goed te keuren;
Ministerieel besluit van 12 december 2019 houdende de subsidiëring van intergemeentelijke projecten ter ondersteuning van het lokaal woonbeleid voor de periode 2020-2025;
Ministerieel besluit van 13 december 2022 houdende de subidiëring van intergemeentelijke woonprojecten ter ondersteuning van het lokaal woonbeleid voor de periode 2023-2025
Gemeenteraadsbesluit van 11 september 2025 tot goedkeuring van het subsidiedossier voor het intergemeentelijk project lokaal woonbeleid Woondienst regio Roeselare voor de periode 2026-2031;
De Vlaamse Codex Wonen stelt de gemeente aan als coördinator en regisseur van het lokale woonbeleid.
Gemeenten kunnen, zoals bepaald in de Vlaamse Codex Wonen, een register van leegstaande woningen en gebouwen bijhouden. Daarbij kunnen ze nadere materiële en procedurele regels voor het leegstandsregister bepalen.
Er zijn meerdere redenen om leegstaande woningen en gebouwen te registreren en te belasten:
Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van de belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente, gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026 -2031 onder de MAR-code 7374000.
Art. 1. - Begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van dit reglement gelden de begripsomschrijvingen van het artikel 1.3 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
In dit reglement wordt verstaan onder:
Hoofdstuk 1 - Leegstandregistratie
Art. 2. - Leegstandsregister
§1. De administratie houdt een leegstandsregister bij. Het register leegstand bestaat uit twee afzonderlijke lijsten:
Een woning die geïnventariseerd is als ongeschikt en/of onbewoonbaar, wordt niet opgenomen in het leegstandsregister.
§2. In het leegstandsregister worden de volgende gegevens opgenomen:
Art. 3. - Registratie van leegstand
§1. De door het college van burgemeester en schepenen of de door het beslissingsorgaan van de intergemeentelijke administratieve eenheid met de opsporing van leegstand belaste personeelsleden, zowel gemeentelijke als intergemeentelijke medewerkers bezitten de onderzoeks-, controle- en vaststellingsbevoegdheden, vermeld in artikel 6 van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeenteheffingen.
§2. Een leegstaand gebouw of een leegstaande woning wordt opgenomen in het leegstandsregister aan de hand van een genummerde administratieve akte, waarbij één of meerdere foto’s en een beschrijvend verslag, met vermelding van de indicaties die de leegstand staven, gevoegd worden. De datum van de administratieve akte geldt als de datum van de vaststelling van de leegstand en geldt als opnamedatum.
§3. De leegstand wordt beoordeeld op basis van meerdere objectieve indicaties zoals vermeld in de volgende lijst:
Art. 4. - Kennisgeving van registratie
De houder(s) van het zakelijk recht wordt per beveiligde zending in kennis gesteld van de beslissing tot opname in het leegstandsregister. De kennisgeving bevat:
Art. 5. - Beroep tegen registratie
§1. Binnen een termijn van dertig dagen, ingaand de dag na deze van de betekening van het schrijven, vermeld in artikel 4, kan een houder van het zakelijk recht bij de beroepsinstantie beroep aantekenen tegen de beslissing tot opname in het leegstandsregister. Het beroep wordt per beveiligde zending betekend. Het beroepschrift moet ondertekend zijn en moet minimaal volgende gegevens bevatten:
Als datum van het beroepschrift wordt de datum van de beveiligde zending gehanteerd.
Als het beroepschrift ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de houder van het zakelijk recht, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat of als advocaat-stagiair.
§2. Zolang de indieningstermijn van dertig dagen niet verstreken is, kan een vervangend beroepschrift ingediend worden, waarbij het eerdere beroepschrift als ingetrokken wordt beschouwd.
§3. Aan de indiener van een beroepschrift wordt een ontvangstbevestiging verstuurd. Elk inkomend beroepschrift wordt in het leegstandsregister geregistreerd.
§4. Het beroepschrift is alleen onontvankelijk:
§5. Als het beroepschrift onontvankelijk is, deelt de beroepsinstantie dit onverwijld mee aan de indiener.
Het indienen van een aangepast of nieuw beroep is mogelijk zolang de beroepstermijn van §1 niet verstreken is.
§6. De beroepsinstantie onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke beroepschriften op stukken als de feiten vatbaar zijn voor directe, eenvoudige vaststelling of met een feitenonderzoek, dat uitgevoerd wordt door het met de opsporing van leegstaande gebouwen en woningen belaste personeelslid. Het beroep wordt geacht ongegrond te zijn als de toegang tot een gebouw of een woning geweigerd of verhinderd wordt voor het feitenonderzoek.
§7. De beroepsinstantie doet uitspraak over het beroep en betekent zijn beslissing aan de indiener ervan binnen een termijn van negentig dagen, die ingaat op de dag na deze van de betekening van het beroepschrift. De uitspraak wordt per beveiligde zending betekend aan de indiener van het beroep.
§8. Als de beslissing tot opname in het leegstandsregister niet tijdig betwist wordt, of het beroep van de zakelijk gerechtigde onontvankelijk of ongegrond verklaard wordt, neemt de administratie het gebouw of de woning in het leegstandsregister op vanaf de datum van de vaststelling van de leegstand.
Art. 6. - Schrapping uit de het leegstandsregister
§1. Een woning wordt uit het leegstandsregister geschrapt als een houder van het zakelijk recht bewijst dat de woning aangewend wordt overeenkomstig de woonfunctie.
De datum van schrapping is de eerste dag van de aanwending overeenkomstig de woonfunctie. Het effectief gebruik zal blijken uit de inschrijvingen in de bevolkingsregisters of desgevallend na een onderzoek ter plaatse.
Een gebouw wordt uit het leegstandsregister geschrapt als de houder van het zakelijk recht bewijst dat meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte overeenkomstig de functie, vermeld in artikel 1, 6° aangewend wordt gedurende een termijn van ten minste zes opeenvolgende maanden.
De datum van schrapping is de eerste dag van de aanwending overeenkomstig de functie. De administratie stelt deze aanwending vast via administratieve data of desgevallend na een onderzoek ter plaatse.
§2. Voor de schrapping uit het leegstandsregister richt de houder van het zakelijk recht een gemotiveerd verzoek aan de administratie via beveiligde zending. Dit verzoek bevat:
Als datum van het verzoek wordt de datum van de aangetekende verzending gehanteerd. De administratie onderzoekt of er redenen zijn tot schrapping uit het leegstandsregister en neemt een beslissing binnen een termijn van 90 dagen na de ontvangst van het verzoek. De administratie brengt de verzoeker op de hoogte van haar beslissing met een beveiligde zending.
Tegen de beslissing over het verzoek tot schrapping kan de houder van het zakelijk recht beroep aantekenen volgens de procedure, vermeld in artikel 5.
Hoofdstuk 2 - De belasting
Art. 7. - Belasting op leegstaande woningen en gebouwen
§1. Er wordt voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 een gemeentebelasting gevestigd op de woningen en gebouwen die gedurende minstens twaalf opeenvolgende maanden zijn opgenomen in het leegstandsregister. De definities van woningen, gebouwen, leegstaande woning, leegstaand gebouw en leegstandsregister zijn omschreven in artikel 1.
§2. De belasting voor een leegstaande woning of een leegstaand gebouw is voor het eerst verschuldigd vanaf het ogenblik dat die woning of dat gebouw gedurende twaalf opeenvolgende maanden is opgenomen in het leegstandsregister.
Zolang het leegstaand gebouw of de leegstaande woning niet uit het leegstandsregister is geschrapt, blijft de belasting verschuldigd op het ogenblik dat een nieuwe termijn van twaalf maanden verstrijkt.
Art. 8. - Belastingplichtige
§1. De belasting is verschuldigd door de houder van het zakelijk recht over het leegstaande gebouw of de leegstaande woning op de verjaardag van de opnamedatum.
§2. Ingeval van mede-eigendom zijn de mede-eigenaars hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de totale belastingschuld. Ingeval er meerdere andere houders zijn van het zakelijk recht zijn deze eveneens hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de totale belastingschuld.
Art. 9. - Tarief van de belasting
§1. De belasting bedraagt:
Indien het gebouw of de woning een tweede opeenvolgende termijn van twaalf maanden in het leegstandsregister staat bedraagt de belasting:
Indien het gebouw of de woning een derde opeenvolgende termijn van twaalf maanden in het leegstandsregister staat bedraagt de belasting:
Indien het gebouw of de woning een vierde of latere opeenvolgende termijn van twaalf maanden in het leegstandsregister staat bedraagt de belasting:
Het aantal termijnen van twaalf maanden dat een woning is opgenomen in de inventaris van leegstaande woningen en gebouwen, wordt opnieuw vanaf nul berekend bij overdracht van het zakelijk recht op het betrokken gebouw of de woning.
Deze herberekening is niet van toepassing bij overdracht van of aan:
Art. 10. - Vrijstellingen
§1. De houder van het zakelijk recht kan een beroep doen op de vrijstellingen vermeld in artikel 10§2. Indien hij van een bepaalde vrijstelling gebruik wenst te maken, moet hij zelf de nodige bewijsstukken voorleggen. Een vrijstelling van de belasting kan aangevraagd worden via de administratie.
§2. Van de leegstandsbelasting vrijgesteld is de belastingplichtige:
Art. 11. - Inkohiering
De belasting wordt ingevorderd bij wege van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
Art. 12. - Bezwaar
De belastingschuldige kan bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen tegen deze belasting volgens de modaliteiten van het decreet van 30 mei 2008. Het bezwaar moet op straffe van nietigheid, schriftelijk worden ingediend en worden gemotiveerd. De indiening moet, op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of de kennisgeving van de aanslag.
Art. 13. - Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en heft op en vervangt vanaf die dag het gemeentelijk reglement van 21 november 2024.
Woningen en gebouwen die opgenomen zijn in het gemeentelijk leegstandsregister voor die datum blijven opgenomen met dezelfde opnamedatum.
Vrijstellingen die toegekend zijn op basis van vorige reglementen blijven geldig voor de duurtijd die in die reglementen is voorzien.
Art. 14. - De toezichthoudende overheid wordt op de hoogte gebracht van de bekendmaking van het reglement op de webtoepassing van de gemeente.
Artikel 170, §4 van de Grondwet;
Gelet op het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en wijzigingen;
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur;
Bestuursdecreet van 7 december 2018;
Vlaamse Codex Wonen van 2021;
De Vlaamse Codex Wonen van 2021 stelt de gemeente aan als regisseur van het lokale woonbeleid;
Verwaarlozing is de voorbode van verkrotting: een toestand waarin woningen en gebouwen waardeloos zijn of zelfs gevaarlijk, wat niet enkel voor de eigenaar, maar ook voor de gemeente een verarming betekent;
Verwaarloosde woningen en gebouwen vormen makkelijker het mikpunt van vandalisme en vervuiling, omdat een goed waarvoor geen zorg gedragen wordt, weinig respect wekt bij passanten en buurtbewoners;
Verwaarlozing creëert een gevoel van onveiligheid, wat een hogere inzet van politie- en veiligheidsdiensten vraagt;
Verwaarloosde woningen of gebouwen maken het minder aantrekkelijk voor andere eigenaars in de straat of in de buurt om hun woning te renoveren of te verbeteren;
Verwaarloosde gevels in het straatbeeld doen de inspanningen van de gemeente om het openbaar domein opnieuw aan te leggen of net te houden grotendeels teniet;
Verwaarloosde woningen en gebouwen zijn minder of niet bruikbaar voor hun functie, waardoor ze ruimte in beslag nemen zonder die optimaal te benutten, terwijl de ecologische en maatschappelijke druk om ruimte zuinig en zorgvuldig te gebruiken steeds toeneemt;
Het is wenselijk dat het woningen- en gebouwenbestand dat op het grondgebied van de gemeente beschikbaar is niet alleen gebruikt wordt, maar ook in goede staat blijft, omdat verwaarlozing leidt tot verloedering, wat extra taken meebrengt voor de gemeente;
De gemeenten kunnen op basis van Vlaamse Codex Wonen van 2021, in het bijzonder artikel 2.15 tot en met 2.20, een register van verwaarloosde woningen en gebouwen bijhouden;
De gemeenten kunnen een reglement aannemen om nadere materiële en procedurele regelen voor het verwaarlozingsregister te bepalen;
De strijd tegen de verwaarloosde woningen en gebouwen zal maar een effect hebben als de opname in een verwaarlozingsregister ook leidt tot een belasting;
De vrijstellingen van belasting die in dit reglement zijn opgenomen zijn deze die het best aansluiten bij de noden en het beleid van de gemeente;
Rekening houdend met de financiële toestand van de gemeente is het dan ook gerechtvaardigd om een belasting te heffen op verwaarloosde gebouwen en woningen.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026 -2031 onder de MAR-code 7375002.
Hoofdstuk 1 - Algemene bepaling
Art. 1. – Begripsomschrijvingen
In dit reglement wordt verstaan onder:
Art. 2. - Verwaarlozingsregister
Art. 3. - Registratie van verwaarlozing
Als ernstige, zichtbare en storende gebreken of tekenen van verval worden beschouwd, de gebreken die het verder verval van het gebouw of de woning op korte termijn in de hand werken. Dit geldt in het bijzonder wanneer bij het hoofdgebouw en/of bijgebouw(en):
Art . 4. - Kennisgeving van de registratie
Alle houders van het zakelijk recht, zoals bekend bij de administratie van het Kadaster, de Registratie en de Domeinen, worden met een beveiligde zending in kennis gesteld van de beslissing tot opname in het verwaarlozingsregister.
De kennisgeving bevat:
De beveiligde zending wordt gericht aan de woonplaats van de houder van het zakelijk recht. Is de woonplaats van een houder van het zakelijk recht niet bekend, dan wordt de beveiligde zending gericht aan zijn verblijfplaats. Is de verblijfplaats van een houder van het zakelijk recht niet bekend, dan wordt de beveiligde zending gericht aan het adres van de woning of het gebouw waarop het opnameattest betrekking heeft.
Art. 5. - Beroep tegen registratie
Art. 6. - Schrapping uit het verwaarlozingsregister
Hoofdstuk 2 - Belasting op verwaarloosde woningen en gebouwen
Art. 7. – Belastbaar voorwerp en heffingstermijn
§1. Er wordt voor de jaren 2026 tot en met 2031 een gemeentebelasting gevestigd op de woningen en gebouwen die gedurende minstens twaalf opeenvolgende maanden opgenomen zijn in het verwaarlozingsregister.
§2. De belasting is voor het eerst verschuldigd vanaf het ogenblik dat de woning of het gebouw gedurende twaalf opeenvolgende maanden opgenomen is in het verwaarlozingsregister.
Zolang de woning of het gebouw niet is geschrapt uit het verwaarlozingsregister, blijft de belasting verschuldigd bij elke verjaardag van de opname.
Art. 8. - Belastingplichtige
§1. De belasting is verschuldigd door de houder van het zakelijk recht op de verwaarloosde woning of het verwaarloosd gebouw op de verjaardag van de opname.
§2. Indien er meerdere houders van het zakelijk recht zijn, zijn zij allen hoofdelijk gehouden tot betaling van de totale belastingschuld.
Art. 9. - Tarief van de belasting
De belasting bedraagt:
Art. 10. -Vrijstellingen
§1. De houder van het zakelijk recht kan beroep doen op de hieronder vermelde vrijstellingen. Indien hij van een bepaalde vrijstelling gebruik wenst te maken moet hij zelf de nodige bewijsstukken voorleggen aan de administratie. Deze vrijstellingen moeten, tenzij anders vermeld, elk jaar opnieuw, per aanslagjaar, voor de datum van het verschuldigd zijn van de belasting worden aangevraagd.
§2. Van de belasting op verwaarloosde woningen en gebouwen is vrijgesteld:
Deze vrijstelling kan per houder van het zakelijk recht voor hetzelfde pand ten hoogste 3 opeenvolgende belastingjaren verkregen worden.
Voor de toepassing van deze vrijstelling wordt sloop die gevolgd wordt door vervangingsbouw beperkt tot een termijn van één jaar die volgt op de te goedkeuring van de vergunning.
§3. Een vrijstelling wordt verleend indien de woning of het gebouw:
Onder een ramp wordt verstaan elke gebeurtenis die uiterlijk waarneembare schade veroorzaakt aan de woning of het gebouw, waardoor de bewoning van de woning of het gebruik van het gebouw geheel of ten dele onmogelijk wordt.
Art. 11. - Inkohiering
De belasting wordt ingevorderd bij wege van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
Art. 12. - Bezwaar
De belastingschuldige kan bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen tegen deze belasting volgens de modaliteiten van het decreet van 30 mei 2008. Het bezwaar moet op straffe van nietigheid, schriftelijk worden ingediend en worden gemotiveerd. De indiening moet, op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of de kennisgeving van de aanslag.
Art. 13. - Kennisgeving toezicht
De toezichthoudende overheid wordt op de hoogte gebracht van de bekendmaking van het reglement op de webtoepassing van de gemeente.
Art. 14.- Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in voege op 01 januari 2026 en vervangt het vorige reglement. Vrijstellingen die toegekend zijn op basis van vorige reglementen blijven geldig voor de duurtijd die in deze reglementen is voorzien.
Decreet van 9 juli 2021;
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur;
Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en wijzigingen;
Decreet van 27 maart 2009 betreffende het grond- en pandenbeleid, afgekort als DGPB;
Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening, afgekort als VCRO;
Gelet op de financiële toestand van de gemeente;
Overwegende dat de gemeente het wenselijk acht om potentiële woonlocaties vrij te maken en om grondspeculatie tegen te gaan;
Overwegende dat het wenselijk is om realiseerbare onbebouwde gronden en onbebouwde kavels te activeren in de gemeente;
Overwegende dat de invoering van een activeringsheffing de gemeente toelaat om de eigenaars van die gronden en kavels daartoe aan te sporen;
Art. 1. - Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
Art. 2. - Een kavel of bouwgrond wordt als bebouwd aanzien wanneer de oprichting van een hoofdgebouw erop is aangevat op 1 januari van het aanslagjaar, overeenkomstig een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen.
Art. 3. - Er wordt voor de aanslagjaren 2026 t.e.m. 2031 een gemeentebelasting gevestigd op de onbebouwde bouwgronden en kavels die voorkomen in het gemeentelijk register van onbebouwde percelen.
Art. 4.
§1. De activeringsheffing is verschuldigd door de personen die op 1 januari van het aanslagjaar eigenaar zijn van de bouwgrond of kavel. Indien er een recht van opstal of erfpacht bestaat, is de activeringsheffing verschuldigd door de erfpachter of de opstalhouder.
§2. Zo er meerdere heffingsplichtigen zijn, zijn deze hoofdelijk gehouden tot betaling van de verschuldigde activeringsheffing.
Art. 5.
§1. Het bedrag wordt vastgesteld op € 20 per strekkende meter, lengte van de bouwgrond of kavel palende aan de openbare weg, evenwel met een minimale heffing van € 200 per bouwgrond of kavel.
§2. Wanneer een perceel aan twee of meer straten paalt, zal de grootste perceellengte langs een van die straten als grondslag van de belastingberekening in aanmerking komen. Indien het een hoekperceel betreft, wordt de grootste van de perceellengten in aanmerking genomen, vermeerderd met de helft van de afgesneden of afgeronde hoek.
§3. De bedragen, vermeld in §1 zijn gekoppeld aan de evolutie van de ABEX-index en stemmen overeen met de index van januari 2023 (initiële index). Ze worden jaarlijks op 01 januari aangepast aan het ABEX-indexcijfer van de maand januari.
Art. 6. - Van de activeringsheffing zijn vrijgesteld, in afwijking van het grond- en pandendecreet en enkel in dit reglement van toepassing:
Art. 7. - De activeringsheffing wordt niet geheven op bouwgronden en kavels die tijdens het heffingsjaar niet voor bebouwing kunnen worden bestemd:
Art. 8. - Een vrijstelling wordt verleend aan de houders van een in laatste administratieve aanleg verleende verkavelingsvergunning of een omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden en dit gedurende vijf jaren, te rekenen vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op de afgifte van de vergunning in laatste administratieve aanleg, respectievelijk, wanneer de verkaveling werken omvat, vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op het jaar van afgifte van het attest, vermeld in art. 4.2.16 §2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, desgevallend voor die fase van de verkavelingsvergunning waarvoor het attest wordt verleend.
Art. 9. - Benevens de vrijstellingen, verleend bij of krachtens deze afdeling, geldt onverkort de algemene onbelastbaarheid van de Staat, de gemeenschappen, de gewesten, de provincies en de gemeenten voor wat betreft goederen van het openbaar domein en van goederen van het privaat domein die voor een dienst van openbaar nut worden aangewend.
Art. 10. - De belasting wordt ingevorderd bij middel van een kohier overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 en latere wijzigingen.
Art. 11. - Het belastingkohier wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
Art. 12. - De belasting is betaalbaar binnen de twee maanden na verzending van het aanslagbiljet. De verwijlintresten zullen worden toegepast en berekend overeenkomstig de regelen, geldend voor de directe rijksbelastingen.
Art. 13. - De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet, schriftelijk worden ingediend en worden gemotiveerd. De indiening moet, op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van 3 maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag. Overeenkomstig artikel 3.6.0.0.1. van de Vlaamse Codex Fiscaliteit, kan de belastingschuldige bij een materiële vergissing ontheffing aanvragen binnen vijf jaar vanaf 1 januari van het jaar waarin de belasting is gevestigd - zie hoofdstuk 6 van Vlaamse Codex Fiscaliteit. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstbewijs afgegeven, binnen vijftien dagen na de indiening ervan.
Art. 14. - Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan het Agentschap voor Binnenlands Bestuur.
Decreet van 9 juli 2021;
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur;
Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en wijzigingen;
Artikel 5.6.2. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening, afgekort als VCRO;
Gelet op de financiële toestand van de gemeente;
Overwegende dat de gemeente het wenselijk acht om een belasting op de onbebouwde bouwgronden die geheel of gedeeltelijk gelegen zijn in een industriegebied en palend aan een openbare weg die voldoende is uitgerust;
Overwegende dat de invoering van een activeringsheffing de gemeente toelaat om de eigenaars van die gronden en kavels aan te sporen om deze gronden te activeren;
Art. 1. - Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
Art. 2. - Een kavel of bouwgrond wordt als bebouwd aanzien wanneer de oprichting van een hoofdgebouw erop is aangevat op 1 januari van het aanslagjaar, overeenkomstig een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen.
Art. 3. - Er wordt voor de aanslagjaren 2026 t.e.m. 2031 een gemeentebelasting gevestigd op de onbebouwde bouwgronden en kavels.
Art. 4.
§1. De activeringsheffing is verschuldigd door de personen die op 1 januari van het aanslagjaar eigenaar zijn van niet bebouwde gronden, gelegen in gebieden bestemd voor industrie volgens het plannenregister en palend aan een openbare weg die voldoende is uitgerust zoals bepaald in artikel 4.3.5, Vlaamse codex ruimtelijke ordening. Indien er een recht van opstal of erfpacht bestaat, is de activeringsheffing verschuldigd door de erfpachter of de opstalhouder.
§2. Zo er meerdere heffingsplichtigen zijn, zijn deze hoofdelijk gehouden tot betaling van de verschuldigde activeringsheffing.
Art. 5.
§1. Het bedrag wordt vastgesteld op € 20 per strekkende meter, lengte van de bouwgrond of kavel palende aan de openbare weg, evenwel met een minimale heffing van € 200 per bouwgrond of kavel.
§2. Wanneer een perceel aan twee of meer straten paalt, zal de grootste perceellengte langs een van die straten als grondslag van de belastingberekening in aanmerking komen. Indien het een hoekperceel betreft, wordt de grootste van de perceellengten in aanmerking genomen, vermeerderd met de helft van de afgesneden of afgeronde hoek.
§3. De bedragen, vermeld in §1 zijn gekoppeld aan de evolutie van de ABEX-index en stemmen overeen met de index van januari 2023 (initiële index). Ze worden jaarlijks op 01 januari aangepast aan het ABEX-indexcijfer van de maand januari.
Art. 6. - Van de activeringsheffing zijn vrijgesteld:
De krachtens artikel 6 verleende ontheffingen gelden slechts gedurende de vijf kalenderjaren die volgen op de verwerving van het goed. Ze gelden gedurende de vijf dienstjaren die volgen op de inwerkingtreding van de belastingverordening, indien het goed op dat tijdstip reeds verworven is.
Art. 7. – De activeringsheffing wordt niet geheven op onbebouwde industriegronden, die tijdens het heffingsjaar niet voor bebouwing kunnen worden bestemd:
Art. 8. - Benevens de vrijstellingen, verleend bij of krachtens deze afdeling, geldt onverkort de algemene onbelastbaarheid van de Staat, de gemeenschappen, de gewesten, de provincies en de gemeenten voor wat betreft goederen van het openbaar domein en van goederen van het privaat domein die voor een dienst van openbaar nut worden aangewend.
Art. 9. - De belasting wordt ingevorderd bij middel van een kohier overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 en latere wijzigingen.
Art. 10. - Het belastingkohier wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
Art. 11. - De belasting is betaalbaar binnen de twee maanden na verzending van het aanslagbiljet. De verwijlintresten zullen worden toegepast en berekend overeenkomstig de regelen, geldend voor de directe rijksbelastingen.
Art. 12. - De belastingschuldige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet, schriftelijk worden ingediend en worden gemotiveerd. De indiening moet, op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van 3 maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag. Overeenkomstig artikel 3.6.0.0.1. van de Vlaamse Codex Fiscaliteit, kan de belastingschuldige bij een materiële vergissing ontheffing aanvragen binnen vijf jaar vanaf 1 januari van het jaar waarin de belasting is gevestigd - zie hoofdstuk 6 van Vlaamse Codex Fiscaliteit. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstbewijs afgegeven, binnen vijftien dagen na de indiening ervan.
Art. 13. - Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan het Agentschap voor Binnenlands Bestuur.
Art. 14. – Deze heffing treedt in voege op 1 januari 2026.
Decreet lokaal bestuur, meer bepaald de artikelen 40, 41, 286, 288;
Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie – en gemeentebelastingen en latere wijzigingen;
Decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning;
Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het Decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning met latere wijzigingen en haar bijlagen;
Gelet op de financiële toestand van de gemeente;
Art. 1. - Belastbaar feit
§1. Er wordt voor de aanslagjaren 2026 t.e.m. 2031 een gemeentebelasting gevestigd op de meldingen en aanvragen bedoeld in het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning en een gemeentebelasting gevestigd op aanvragen tot inlichtingen die enig opzoekingswerk vereisen zoals opgesomd onder artikel 3.
Art. 2. - Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de aanvrager van de inlichtingen, de vergunning of de melding en bij gebreke daarvan de vergunninghouder of exploitant.
Art. 3. - Bedrag van de heffing voor inlichtingen met enig opzoekingswerk
§1. Er wordt een belasting gevestigd op de aanvragen van volgende inlichtingen die enig opzoekingswerk vereisen:
| Informatie inzake bodemonderzoek en – sanering |
€ 60 |
| Informatie voor het opstellen van MER – rapport |
€ 75 |
§2. In uitvoering van bovenstaande wordt onder één volledig dossier verstaan: alle noodzakelijke informatie betreffende één perceel of verschillende percelen, op voorwaarde dat deze aan elkaar grenzen zonder onderbreking en dat deze in handen zijn van dezelfde eigenaar(s).
Art. 4. - Bedrag van de heffing voor meldingen en aanvragen bedoeld in het decreet betreffende de omgevingsvergunning, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening of het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid.
Art. 4.1. - Belasting per dossiertype
Hieronder wordt een overzicht gegeven van de belastingen die worden gevestigd op de meldingen en aanvragen bedoeld in:
| |
Gemeente is vergunningverlenende overheid |
Vlaamse overheid of provincie West-Vlaanderen is vergunningverlenende overheid |
| Aanvragen omgevingsvergunningen | ||
| Melding van stedenbouwkundige handelingen / ingedeelde inrichting of activiteit / gemengd project |
€ 60 |
€ 60 |
| Aanvraag vergunning vereenvoudigde procedure:
|
|
|
| Aanvraag vergunning gewone procedure:
|
|
|
| Bijstellen van omgevingsvergunning voor verkaveling van gronden |
€ 160 |
|
| Omzetting milieuvergunning naar permanente omgevingsvergunning |
€ 100 |
|
| Omzetting omgevingsvergunning na klasseverhoging door wijziging indelingslijst |
€ 60 |
|
| Bijstellen van milieuvoorwaarden |
€ 160 |
|
| Supplementen |
||
| Hernemen openbaar onderzoek na gewijzigde projectinhoud |
€ 100 | |
| Bijkomend vast recht per lot of per bijkomende woongelegenheid opgenomen in dezelfde aanvraag |
€ 60 |
|
| Aanvraag met ‘zaak der wegen’ |
€ 100 |
|
| Aanvraag onderworpen aan MER of veiligheidsrapport of GPBV-installatie |
€ 600 |
|
|
|
|
|
| Andere producten |
||
| Aanvraag van een stedenbouwkundig attest |
€ 60 |
|
| Aanvraag van een planologisch attest |
€ 1 000 |
€ 1 000 |
| Organiseren van een projectvergadering |
€ 160 |
|
| Digitaliseren van analoog ingediende dossiers |
€ 100 |
|
| Art. 5.2.2. Splitsingen |
€ 60 |
|
| Schrapping risicogrond per perceel |
€ 60 |
|
| Aanvragen ‘vergund geacht’ en opname in het vergunningenregister |
€ 100 |
|
| Aanvragen tot vrijgavebesluit WUG |
€ 1 500 |
Art. 5. - Vrijstellingen
Er is vrijstelling van belasting voor:
Art. 6. - Invordering
Het bedrag moet uiterlijk 1 maand na verzending van het betalingsverzoek worden betaald. Indien het bedrag niet wordt betaald binnen de vooropgestelde termijn, wordt de belasting ingevorderd door middel van een kohier overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging en de invordering van de provincie- en gemeentebelastingen en later wijzigingen.
Art. 7. - Bezwaar
§1. De belastingschuldige kan tegen de belasting een bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en schepenen. Het bezwaarschrift moet schriftelijk ingediend, gemotiveerd en ondertekend zijn. Als de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger wil uitgenodigd worden op de hoorzitting moet dit in het bezwaarschrift worden gevraagd.
§2. De indiening moet gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de datum van de contante inning.
§3. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding verstuurd, binnen vijftien kalenderdagen na de indiening ervan.
Art. 8. - Bekendmaking
Dit reglement wordt bekendgemaakt overeenkomstig art. 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur en wordt verzonden aan de gouverneur overeenkomstig art. 330 van het decreet lokaal bestuur.
Decreet lokaal bestuur, meer bepaald de artikelen 40, 41, 286, 288;
Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en wijzigingen;
Omzendbrief KB ABB 2019/2 over de gemeentefiscaliteit;
Gelet op de financiële toestand van de gemeente;
Op voordracht van het college van burgemeester en schepenen;
Art. 1. - Met ingang van 1 januari 2026 wordt ten behoeve van de gemeente, onder de navolgende voorwaarden, een belasting geheven op de afgifte van getuigschriften en andere stukken. De belasting valt ten bezware van de personen of instellingen aan wie deze stukken door de gemeente op verzoek of ambtshalve worden uitgereikt.
Art. 2. - De bedragen van de belasting worden als volgt bepaald:
a. Op de afgifte van identiteitskaarten “Europees model”:
b. Op de afgifte van elektronische identiteitskaarten:
c. Op de afgifte van elektronische verblijfsbewijzen voor vreemdelingen:
d. Op de afgifte van rijbewijs:
e. Op de afgifte van reispassen en reistitels (biometrische paspoorten):
f. Voor afleveren van inlichtingen onder vorm van lijsten inhoudende namen en adressen van inwoners, eventueel geselecteerd per leeftijdscategorie:
Deze inlichtingen kunnen enkel afgeleverd worden indien deze niet in strijd zijn met de algemene verordening gegevensbescherming.
g. Wanneer aanmaningen voor facturen dienen verstuurd te worden, worden volgende tarieven aangerekend:
h. Voor opzoekingswerk door gemeentepersoneel uit de bevolkingsregisters en uit de registers van burgerlijke stand, voor genealogische, historische of wetenschappelijke doeleinden:
Opzoekingen uit de bevolkingsregisters jonger dan 120 jaar en uit de register van burgerlijke stand, afschriften overlijdens opgemaakt vóór 31 maart 2019 jonger dan 75 jaar, huwelijken jonger dan 75 jaar, geboortes jonger dan 100 jaar, enkel mits voorlegging toestemming van de persoon zelf, zijn wettelijk vertegenwoordiger of de echtgeno(o)t(e), de wettelijk samenwonende, de bloedverwanten in eerste graad en de erfgenamen van de betrokkene, mits voorlegging van een gerechtvaardigd belang.
Er is vrijstelling van belasting voor opzoekingen door of in opdracht van de heemkundige kringen van de gemeente Moorslede.
i. Voor afleveren van fotokopies op vraag van de burger:
De retributie wordt niet geïnd voor opzoekingen en stukken bestemd voor gerechtelijke overheden, openbare besturen en instellingen voor sociaal en openbaar nut of die volgens de wetsvoorschriften kosteloos moeten verstrekt worden.
Art. 3. - De belasting wordt geheven op het ogenblik van de afgifte van het belastbare stuk. De aan de belasting onderworpen personen of instellingen die een verzoek tot het bekomen van een of ander stuk indienen, moeten op het ogenblik van hun aanvraag het bedrag van de belasting in bewaring geven indien dit document niet onmiddellijk bij de aanvraag kan afgegeven worden.
Bij verzending of verzoek tot verzending van de stukken zullen alle verzendingskosten teruggevorderd worden, zelfs als de afgifte kosteloos is.
De belasting wordt contant ingevorderd tegen afgifte van een kwitantie of vignet. Bij gebrek aan onmiddellijke betaling of kwijting binnen de voorgeschreven termijn, wordt de belasting ingevorderd bij middel van een kohier overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging en de invordering van de provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen.
Art. 4. - Zijn van de belasting vrijgesteld:
Art. 5. - Vrijstelling te verlenen van de gemeentebelasting op afgifte van administratieve stukken aan werkzoekenden en sollicitanten.
De vrijstelling mag enkel gelden ten voordele van al dan niet uitkeringsgerechtigde werklozen, pas afgestudeerden, laatstejaarsstudenten, leerlingen van het laatste jaar secundair onderwijs en werkzoekende personen van wie het enig inkomen het bestaansminimum is.
De belanghebbende personen zelf dienen het bewijs te leveren dat ze voor de vrijstelling in aanmerking komen en dat de bescheiden waarvoor ze de belastingvrijstelling vragen, bij het solliciteren nodig zijn.
Art. 6. - De belasting is niet toepasselijk op de afgifte van stukken, die krachtens een wet, een koninklijk besluit of een overheidsverordening reeds aan de betaling van een recht ten behoeve van de gemeente onderworpen is. Uitzondering wordt gemaakt voor de rechten die met het afgeven van reispassen belaste gemeenten ambtshalve toekomen.
Art. 7. - Zijn van de belasting vrijgesteld de gerechtelijke overheden, de openbare besturen en de daarmede gelijkgestelde instellingen, alsook de instellingen van openbaar nut en nutsmaatschappijen.
Art. 8. - Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan het Agentschap voor Binnenlands Bestuur.
Gelet op het feit dat de gemeente Moorslede en de burgers voortdurend geconfronteerd worden met de plaatsing van en/of onderhoud aan verschillende nutsvoorzieningen op gemeentelijk grondgebied;
Gelet op het feit dat deze nutsvoorzieningen werkzaamheden vergen langs de gemeentelijke wegen en aldus een impact hebben op het openbaar domein;
Gelet op de goedkeuring door de gemeente Moorslede van de Code voor Infrastructuur- en Nutswerken langs gemeentewegen die tot doel heeft een snelle en vlotte uitvoering van de werken te bevorderen, teneinde de hinder en de duur van de werken tot een minimum te herleiden;
Gelet op het feit dat deze Code werd opgemaakt door een overlegplatform bestaande uit een delegatie van nutsbedrijven en een delegatie van de gemeenten;
Gelet op het feit dat er op het vlak van het onderhoud en de herstellingen ook geregeld dringende werken moeten worden uitgevoerd die verband houden met de continuïteit van de dienstverlening en dat er daarnaast een aantal werken zijn zoals aansluitingswerken, herstellingen en andere kleine onderhoudswerken die omzeggens constant een impact hebben op het openbaar domein;
Gelet op de actualisatie van de code naar aanleiding van meer aandacht voor minder hinder, meer oog voor het totaal concept en het gebruik van nieuwe e-instrumenten GIPOD, KLIP...;
Decreet Lokaal Bestuur;
Art. 1. - Er wordt aan de eigenaar van elke nutsvoorziening een retributie aangerekend op de gemeentelijke dienstverlening en het gebruik van het gemeentelijk openbaar domein naar aanleiding van werken aan permanente nutsvoorzieningen op het gemeentelijk openbaar domein, in uitvoering en met toepassing van de Code voor Infrastructuur- en Nutswerken langs gemeentewegen.
Permanente nutsvoorzieningen0 omvatten:
De retributie is niet verschuldigd indien de werken worden uitgevoerd samen met of onmiddellijk voorafgaand aan wegen- of rioleringswerken uitgevoerd door de gemeente of indien het werken zijn die uitgevoerd worden op verzoek van de gemeente.
Deze retributie sluit elke andere heffing, semi-heffing, of waarborgstelling in het kader van werken aan permanente nutsvoorzieningen door de gemeente uit zowel in hoofde van de distributienetbeheerder als van haar werkmaatschappij en ongeacht of voorgenoemden deze werken uitvoeren in eigen naam, dan wel laten uitvoeren door derden in naam en voor rekening van de distributienetbeheerder of de werkmaatschappij.
Onderhavig retributiereglement gaat in vanaf 1 januari 2026 voor een termijn eindigend op 31 december 2028.
Art. 2 - Retributie naar aanleiding van sleufwerken
De retributie naar aanleiding van sleufwerken is verschuldigd per dag en per meter openliggende sleuflengte voor alle sleufwerken. Zij bedraagt per meter sleuflengte voor werken in rijwegen 10,24 euro, voor werken in voetpaden 7,88 euro en voor werken in aardewegen 4,73 euro.
Op deze basisbedragen wordt een indexatie toegepast, naar analogie met de door de VNR goedgekeurde niet-periodieke tarieven, zoals jaarlijks gepubliceerd in augustus.
Indexatie gebeurt aan het begin van een nieuwe cyclus van 3 jaar.
Een begonnen dag geldt voor een volledige dag.
Art. 3. - Retributie voor dringende werken, aansluitingswerken, herstellingen, kleine onderhoudswerken en ter compensatie van diverse heffingen en belastingen
Voor de hinder veroorzaakt door de dringende werken, aansluitingswerken, herstellingen en kleine onderhoudswerken met een sleufoppervlakte van maximum 3 m², wordt per kalenderjaar een retributie geheven van 1,00 euro per op het grondgebied van de gemeente aanwezig aansluitingspunt.
Ter compensatie van diverse heffingen en belastingen in hoofde van zowel de distributienetbeheerder als zijn werkmaatschappij wordt een retributie voorzien van 0,5 euro per aanwezig aansluitingspunt op het grondgebied van gemeente
Op deze basisbedragen wordt een indexatie toegepast, naar analogie met de door de VNR goedgekeurde niet-periodieke tarieven, zoals jaarlijks gepubliceerd in augustus.
Deze retributies zijn verschuldigd vóór het einde van ieder jaar. In dit kader doet iedere nutsmaatschappij vóór 15 december van ieder jaar opgave van het aantal aansluitingspunten op het grondgebied van de gemeente.
Art. 4 - Inning
De retributie dient te worden betaald binnen de 30 kalenderdagen na toezending van de facturen.
Art . 5 - Definitief karakter
Dit retributiereglement wordt toegezonden aan de toezichthoudende overheid.
Het retributiereglement wordt overeenkomstig artikel 286 van het Decreet Lokaal Bestuur afgekondigd en bekendgemaakt.
Overwegende dat voor prestaties, verricht door de gemeentelijke diensten of door een aangestelde, in opdracht van de gemeente, een retributie zal aangerekend worden;
Overwegende dat bedrijven, handelszaken en restaurants conform het KB van 01.02.1991 bewegwijzering kunnen aanvragen die door de gemeente geplaatst wordt;
Decreet Lokaal Bestuur;
Art. 1. - Met ingang van 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt ten behoeve van de gemeente, een retributie geheven voor volgende interventies en prestaties uitgevoerd door de gemeentelijke diensten of aangestelde van de gemeente:
Art. 2. - Deze retributie wordt ten laste gelegd aan de personen of instellingen die erom verzoeken of die de schade hebben berokkend.
Wanneer er geen voetpad aanwezig is langsheen de openbare weg, beslist het college over het tijdstip van aanleg.
Art. 3. - Voor wat betreft art. 1, punten 1,2,3,4 en 5, worden de werken uitgevoerd na het ontvangen van een goedkeurde offerte, ondertekend door de aanvrager en na overleg.
Art. 4. - Het bedrag van deze retributie wordt als volgt vastgesteld:
Herstel schade openbaar domein: effectieve kostprijs materialen vermeerderd met de hierboven opgesomde loonkost.
Art. 5. - Per geleverde prestatie wordt een onkostennota door de gemeentelijke diensten opgemaakt en overgemaakt aan de financiële dienst.
Art. 6. - De retributie is verschuldigd na het verstrekken van de dienst en dit op basis van een door het gemeentebestuur toegezonden betalingsverzoek. De retributie dient betaald te worden via overschrijving op de bankrekening van de gemeente binnen de dertig dagen na toezending van het betalingsverzoek.
Bij gebrek aan betaling binnen deze termijn, zal het verschuldigde bedrag worden ingevorderd op basis van artikel 177 van het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 of via een procedure bij de burgerlijke rechtbank.
Art. 7. - Deze beslissing wordt overgemaakt aan het Agentschap voor Binnenlands Bestuur.
Gemeentelijk reglement houdende inname openbaar domein goedgekeurd in de gemeenteraad van 24 november 2024;
Decreet lokaal bestuur, meer bepaald de artikelen 40, 41, 286, 288;
Art. 1. - Met ingang van 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt ten behoeve van de gemeente, een retributie geheven op het gebruik van het openbaar domein, meer bepaald op:
Art. 2. - Deze retributie is verschuldigd door de persoon, vereniging of vennootschap die het openbaar domein in gebruik neemt. De ingebruiknemer, de uitbater en de eigenaar zijn solidair verantwoordelijk.
Art. 3. - De inname wordt online aangevraagd door diegene die de hinder veroorzaakt van de in artikel 1 niet-limitatief opgesomde voorwerpen. In hun aanvraag moeten zij de juiste ligging, de lengte en de breedte van de gewenste bezetting vermelden. De aanvraag gebeurt minstens 3 werkdagen voorafgaand aan de inname. Elke wijziging die naderhand aan deze bezetting wordt aangebracht moet binnen de 48 uren via het portaal meegedeeld worden.
Art. 4. - De retributie wordt bepaald op basis van de door de aanvrager aangeleverde gegevens. De controle wordt gedaan door de afgevaardigden van het gemeentebestuur. De retributie blijft voor de volledige duur van de bezetting van het openbare domein ten laste van de vergunningshouder.
Art. 5. - Voor het innemen van een gedeelte van het openbaar domein is de volgende retributie verschuldigd:
Deze retributie is verschuldigd voor elke afzonderlijke inname. Voor de berekening van de duur gelden volgende principes:
Art. 6. - Wanneer de aanvraag voor de inname van het openbaar domein minder dan drie kalenderdagen vóór de aanvang van de inname wordt ingediend, geldt de spoedprocedure.
In dat geval wordt:
De aanvrager is zelf verantwoordelijk voor het informeren van de omwonenden.
Indien de laattijdige aanvraag tot gevolg heeft dat parkeerverbodsborden niet tijdig kunnen worden geplaatst (minstens 24 uur vóór de ingang van het parkeerverbod), is de aanvrager tevens verantwoordelijk voor eventuele extra kosten die daaruit voortvloeien.
Art. 7. - Wanneer de bevoegde ambtenaar vaststelt dat men niet over een vergunning beschikt of dat de toegestane termijn voor het bezetten van het openbaar domein is overschreden zonder dat de melding tot verlenging werd ontvangen, wordt een administratieve gasboete opgelegd conform het zonaal politiereglement (art. 2.2.1.1).
Art. 8. - Het innemen van een gedeelte van het openbaar domein is vrijgesteld van retributie bij:
Art. 9. - De betaling van de retributie wordt direct via het elektronisch platform ‘Spotbooking’ afgehandeld.
Art. 10. - De belastingschuldige kan bezwaar indienen tegen deze belasting bij het college van Burgemeester en Schepenen. Het bezwaar moet, op straffe van nietigheid, schriftelijk worden ingediend en worden gemotiveerd. De indiening moet, op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag. Wanneer het bezwaar het herstel beoogt van een materiële vergissing, kan het nochtans geldig worden ingediend zolang de gouverneur de dienstjaarrekening van het jaar niet heeft goedgekeurd.
Art. 11. - Afschrift van deze beslissing zal worden overgemaakt aan het Agentschap voor Binnenlands Bestuur.
Gemeentelijk reglement houdende inname openbaar domein goedgekeurd in de gemeenteraad van 25 juni 2015;
Decreet lokaal bestuur, meer bepaald de artikelen 40, 41, 286, 288;
Overwegende dat door de inname van openbaar domein er enige hinder kan ontstaan;
Overwegende dat het wenselijk is voor een vaste standplaats van frituren, viskramen en verkoopsautomaten een afzonderlijk plaatsrecht te bepalen;
Overwegende dat het billijk lijkt om een onderscheid te maken in prijs tussen verkoopkramen die de gemeentelijke foorkasten gebruiken en diegenen die deze niet gebruiken;
Overwegende dat er foorkasten worden gebruikt voor commerciële doeleinden;
Art. 1. - Met ingang van 1 januari 2026 tot 31 december 2031 zal een plaatsrecht
Wanneer vastgesteld wordt dat de inname openbaar domein werd ingenomen zonder voorafgaande vergunning, wordt dit bestraft met een administratieve sanctie, zoals voorzien in de zonale politieverordening.
Art. 2. – Er worden elektriciteitskasten (foorkasten) tegen betaling ter beschikking gesteld op openbare plaatsen op het grondgebied van de gemeente Moorslede. De kandidaat-energiegebruiker richt zijn aanvraag voorafgaandelijk aan het college van burgemeester en schepenen.
Art. 3. - De betaling van de verschuldigde retributie geschiedt binnen de dertig dagen vanaf verzending van de factuur aan de financiële dienst van het lokaal bestuur Moorslede.
Art. 4. - Vrijstelling wordt verleend voor artikel 1:
Art. 5. - De belastingschuldige kan bezwaar indienen tegen deze belasting bij het college van Burgemeester en Schepenen. Het bezwaar moet, op straffe van nietigheid, schriftelijk worden ingediend en worden gemotiveerd. De indiening moet, op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag. Wanneer het bezwaar het herstel beoogt van een materiële vergissing, kan het nochtans geldig worden ingediend zolang de gouverneur de dienstjaarrekening van het jaar niet heeft goedgekeurd.
Art. 6. - Afschrift van deze beslissing zal worden overgemaakt aan het Agentschap voor Binnenlands Bestuur.
Decreet lokaal bestuur, meer bepaald de artikelen 40, 41, 286, 288;
De zonale politieverordening;
Gelet op de financiële toestand van de gemeente;
Overwegende dat de gemeente regelmatig met sluikstorten geconfronteerd wordt;
Overwegende dat het jegens de sluikstorter vorderen van een billijke vergoeding voor de door de gemeente geleverde diensten, als maatregel van goed bestuur dient beschouwd te worden;
Art. 1. - Definitie van sluikstorten: Het wegwerpen van om het even welk voorwerp in de waterkommen, beken, grachten, gemeentelijke riolen of slikputten, in open of gesloten gronden, koeren of tuinen. Het achterlaten, opslaan of storten van afvalstoffen op niet-reglementaire tijdstippen of in niet-reglementaire recipiënten, in overtreding van artikel 12 van het decreet van 23 december 2011.
Art. 2. - Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt een retributie gevestigd op het ambtshalve opruimen van sluikstorten door of in opdracht van de gemeente.
Art. 3. - De retributie is verschuldigd door iedere persoon die afvalstoffen achterlaat, opslaat of stort op openbare en private wegen, plaatsen en terreinen op een wijze die niet overeenstemt met het decreet van 23 december 2011 en latere wijzigingen betreffende de voorkoming en het beheer van afvalstoffen, de gemeentelijke politieverordening betreffende het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen en vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen, zonale politieverordening Arro Ieper en andere wettelijke bepalingen.
Art. 4. - Bij het ambtshalve opruimen van sluikstorten door de gemeente wordt het bedrag van deze retributie als volgt vastgesteld:
Art. 5. - Per geleverde prestatie wordt een onkostennota door de gemeentelijke diensten opgemaakt en overgemaakt aan de financiële dienst.
Art. 6. – Zowel politieambtenaren als daartoe door het gemeentelijk bestuur aangestelde ambtenaren zijn gemachtigd om vaststellingen te doen van feiten, die aanleiding geven tot het vestigen van de retributie.
Art. 7. - De retributie is verschuldigd na het verstrekken van de dienst en dit op basis van een door het gemeentebestuur toegezonden betalingsverzoek. De retributie dient betaald te worden via overschrijving op de bankrekening van de gemeente binnen de dertig dagen na toezending van het betalingsverzoek.
Bij gebrek aan betaling binnen deze termijn, zal het verschuldigde bedrag worden ingevorderd op basis van artikel 177 van het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 of via een procedure bij de burgerlijke rechtbank.
Art. 8. - Deze beslissing wordt overgemaakt aan het Agentschap voor Binnenlands Bestuur.
Decreet lokaal bestuur, meer bepaald de artikelen 40, 41, 286, 288;
Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (VLAREMA) van 17 februari 2012, en latere wijzigingen;
Overwegende dat de gemeente inzake de ophaling van huishoudelijk afval is aangesloten bij de opdrachthoudende vereniging MIROM Roeselare;
Gelet op het voorstel van tarievenlijst afvalverwerking vanwege Mirom, zoals goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 1 oktober 2025;
Op voorstel van het college van burgemeester en schepenen;
Art. 1. – Voor een periode ingaand op 01 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt een retributie geheven op het gebruik van het recyclagepark.
Art. 2. – De toegang gebeurt verplicht door aanmelding met de eID of badge, volgens de voorwaarden zoals bepaald in het aanvoerreglement van het recyclagepark.
Art. 3. – Er wordt een onderscheid gemaakt tussen afvalstoffen die steeds gratis zijn, betalende afvalstoffen met vrijstelling en betalende afvalstoffen zonder vrijstelling.
Art. 3.1. – Volgende afvalstoffen zijn steeds gratis (groene groep):
| Fractie |
| AEEA (afgedankte elektrische en elektronische apparaten) |
| Elektriciteitskabels |
| Frituurolie (niet toegelaten voor KMO’s en zelfstandigen) |
| Klein Gevaarlijk Afval (niet toegelaten voor KMO’s en zelfstandigen) |
| TL-lampen (niet toegelaten voor KMO’s en zelfstandigen) |
| Hol Glas (bokalen, flessen) |
| Metalen |
| Papier en karton |
| PMD (verplicht in PMD-zak) |
| Textiel |
| Kurken (inzameling via Mariënstede) |
| Matrassen (niet gratis voor KMO’s en zelfstandigen) |
Art. 3.2. – Volgende afvalstoffen zijn betalend maar met vrijstelling (oranje groep):
| Fractie |
Retributie* particulieren (excl. btw) |
Retributie* badgegebruiker (excl. btw) |
| Asbestcement |
1 000 kg - 2 000 kg: € 35/ton >2 000 kg: € 265,00/ton |
€ 265/ton |
| Gipsafval |
1 000 kg - 2 000 kg: € 35/ton >2.000 kg: € 145,00/ton |
€ 145,00/ton |
| Harde Plastics/PVC |
1 000 k g - 2 000 kg: € 35/ton >2.000 kg: € 415,00/ton |
€ 415,00/ton |
| Houtafval |
1 000 kg - 2 000 kg: € 35/ton >2 000 kg: € 75,00/ton |
€ 75,00/ton |
| Niet recycleerbaar afval (let wel: geen aarde!) |
1 000 kg - 2 000 kg: € 35/ton >2 000 kg: € 130,00/ton |
€ 130,00/ton |
| Aarde |
1.000 kg - 2 000 kg: € 35/ton >2 000 kg: € 50,00/ton |
€ 50,00/ton |
| Piepschuim los |
1 000 kg - 2 000 kg: € 35/ton >2 000 kg: € 25,00/ton |
€ 35,00/ton |
| Piepschuim in 1500L-zakken |
1 000 kg - 2 000 kg: € 35/ton >2 000 kg: € 1,00/zak |
€ 1,00/zak |
| Steenpuin |
1 000 kg - 2 000 kg: € 35/ton >2 000 kg: € 35,00/ton |
€ 35,00/ton |
| Tuinafval |
1 000 kg - 2 000 kg: € 35/ton >2 000 kg: € 50,00/ton |
€ 50,00/ton |
| Zuiver vlak glas (vensterglas) |
1 000 kg - 2 000 kg: € 35/ton >2 000 kg: € 55,00/ton |
€ 55,00/ton |
*prijzen geldig in het lopende kalenderjaar
Art. 3.3. – Volgende afvalstoffen zijn betalend zonder vrijstelling (rode groep):
| Fractie |
Retributie* Particulieren (excl. btw) |
Retributie* Badgegebruiker (excl. btw) |
| Brandbaar grofvuil |
€ 360,00 /ton |
€ 360,00 /ton |
Art. 4. – Er geldt een vrijstelling, voor de aanvoer van afvalstoffen uit de oranje groep, ten belope van 1000 kg/gezin/jaar. Eens de vrijstelling is opgebruikt kan er nog eens 1 000 kg/gezin/jaar worden aangebracht tegen een basistarief van 35 €/ton. Eens dit is opgebruikt dienen de aangevoerde afvalstoffen betaald te worden aan de tariefprijs, zoals vastgelegd in art. 3.2.
Art. 4.1. – De vrijstelling is enkel van toepassing voor volgende categorieën:
Art. 4.2. – De vrijstelling geldt niet voor:
Art. 4.3. – De vrijstelling geldt per gezin. De leden van het gezin zijn de natuurlijke personen die eenzelfde referentiepersoon hebben in het rijksregister.
Art. 4.4. – De vrijstelling geldt voor het lopende kalenderjaar en kan niet worden overgedragen naar het volgend jaar.
Art. 4.5. – Bij wijziging van de gezinssamenstelling blijft de vrijstelling toegewezen aan de referentiepersoon. Nieuwe referentiepersonen krijgen een vrijstelling pro rata het resterende jaar (naar boven afgerond op twaalfden).
Art. 5. – Bij elke weegcyclus wordt er een minimum nettogewicht van 5 kg in rekening gebracht.
Art. 6. – De afvalstoffen worden gewogen op een geijkte weegbrug, waarvan het weegresultaat niet kan worden betwist. De weegbrug heeft een nauwkeurigheid van 5 kg voor het weegbereik tot 15 000 kg en 10 kg voor het weegbereik vanaf 15 000 kg tot 30 000 kg.
Art. 7. – Bij het overschrijden van de tweede vrijstelling wordt de aanvoer verrekend aan het basistarief.
Art. 8. – Het gemeentebestuur Moorslede wordt gemachtigd om de verschuldigde retributie te innen. Het bedrag wordt ter plaatse betaald aan de betaalzuil. Dit kan met bancontact of met munten (vanaf 5 eurocent). De betaalautomaat geeft geen geld terug. Het saldo wordt bijgehouden op rekening van de aanvoerder. Bij een volgende betaling wordt het saldo in mindering gebracht.
Art. 9. – In het geval dat de bezoeker in de onmogelijkheid verkeert onmiddellijk te betalen, wordt de toegang tot het park ontzegd aan de leden van het gezin van de desbetreffende bezoeker en/of aan de gebruiker van de badge tot na ontvangst van de betaling. Het openstaand saldo dient vereffend te worden aan de betaalzuil binnen de 14 kalenderdagen. Bij niet betaling binnen de 14 dagen, volgt er een aanmaning. Na 1 maand volgt een 2e aanmaning en worden er € 10 administratiekosten aangerekend. Indien nog niet betaald wordt, kan de gemeente een administratieve invordering starten.
Art. 10. – Bij overlijden van een referentiepersoon, hebben de nabestaanden recht om tot 90 dagen na het overlijden het recyclagepark te gebruiken, en dit met overname van de eventuele vrijstellingen en saldo’s.
Art. 11. – De KMO-badge kost € 10,00/stuk.
Art. 12. – Indien door een defect aan de DIFTAR-toestellen de weging of betaling niet kan afgewerkt worden, zal in de mate van het mogelijke de schuld worden bijgehouden zodat het bij een volgend bezoek kan verrekend worden. Indien de schuld niet kan bepaald worden, worden de betrokken bezoekers vrijgesteld van betaling.
Decreet lokaal bestuur, meer bepaald de artikelen 40, 41, 286, 288;
Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (VLAREMA) van 17 februari 2012, en latere wijzigingen;
Overwegende dat de gemeente inzake de ophaling van huishoudelijk afval aangesloten is bij de opdrachthoudende vereniging Mirom Roeselare;
Gelet op het voorstel van tarievenlijst afvalverwerking vanwege Mirom, zoals goedgekeurd door de raad van bestuur op 1 oktober 2025;
Op voorstel van het college van burgemeester en schepenen;
Raadslid Gert-Jan Hovaere betreurt dat dit reeds bekend gemaakt werd nog voor de gemeenteraad dit heeft goedgekeurd; De tariefstijgingen leggen een zware last op de gezinnen;
Voorstel NVA-plus om extra tegemoetkoming voor onthaalouders te voorzien voor de aankoop van restafvalzakken; vraag om dit mee te nemen naar het LOK.
Raadslid Ward Gillis wenst dat er sociale correcties worden doorgevoerd gezien de gevoelige stijging; Eventueel kan de milieubelasting aangepast worden, door de extra ontvangsten van de verhogingen van voorgaande retributies, kan er een reductie van de milieubelasting gebeuren zonder dat dit leidt tot verlies op de belastinginkomsten.
Tevens de vraag tot aanpassing van de gemeentelijke toelage voor mensen met incontinentie en stoma;
Voor ouders met kinderen tot 2 jaar mag tevens een sociale correctie voorzien worden.
Burgemeester Sherley Beernaert meldt dat de prijs van de restafvalzakken mee zal geïndexeerd worden. Enkel de vervuiler zal betalen. Er wordt ook ingezet op gft inzameling. Het deficit van de inzameling gft wordt mee gedragen door de hogere restafvalzakken. Indien de prijs niet wordt verhoogd, moeten de gemeenten het deficit betalen en dan betalen alle inwoners, niet alleen de vervuiler.
Raadslid Sigrid Verhaeghe vraagt welke druk alle intergemeentelijke samenwerkingsverbanden leggen op onze inwoners;
Burgemeester Sherley Beernaert meldt dat we dit bij Midwest perfect weten; het gaat hier echter om afval en dit heeft de consument wel echt zelf in handen.
Art. 1. - Voor een periode ingaande 01 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 worden de tarieven van Mirom op:
| Ophaling excl btw |
Prijs 2026 |
|
| Tab (tuinafvalbak) waarborg 180L (éénmalig) |
€ 27,00 |
bak |
| Tab waarborg 240 l (éénmalig) |
€ 32,00 |
bak |
| Tab waarborg 1 000 l (éénmalig) |
€ 136,00 |
bak |
| Tab 24 beurten - 180 l - 1e bak |
€ 94,00 |
per jaar |
| Tab 24 beurten - 240 l – 1e bak |
€ 110,00 |
per jaar |
| Tab 24 beurten - 280 l - 1e bak |
€ 117,00 |
per jaar |
| Tab 24 beurten - 1 000 l -1e bak |
€ 432,00 |
per jaar |
| Tab 24 beurten - 180 l - 2e bak |
€ 52,00 |
per jaar |
| Tab 24 beurten - 240 l – 2e bak |
€ 64,00 |
per jaar |
| Tab 24 beurten - 280 l - 2e bak |
€ 69,00 |
per jaar |
| Tab 24 beurten - 1 000 l - 2e bak |
€ 350,00 |
per jaar |
| Tab 35 beurten - 180 l - 1e bak |
€ 139,00 |
per jaar |
| Tab 35 beurten - 240 l – 1e bak |
€ 162,00 |
per jaar |
| Tab 35 beurten - 280 l - 1e bak |
€ 172,00 |
per jaar |
| Tab 35 beurten - 1 000 l - 1e bak |
€ 640,00 |
per jaar |
| Tab 35 beurten - 180 l - 2e bak |
€ 75,00 |
per jaar |
| Tab 35 beurten - 240 l – 2e bak |
€ 93,00 |
per jaar |
| Tab 35 beurten - 280 l - 2e bak |
€ 103,00 |
per jaar |
| Tab 35 beurten - 1 000 l - 2e bak |
€ 519,00 |
per jaar |
| Ophaling container stopzetting |
€ 14,50 |
|
| Reiniging vuile tab - container bij stopzetting |
€ 5,80 |
|
| Afvalzakken: retributie |
Prijs 2026 |
|
| Restafvalzak 60 liter (particulier, kmo en gemeentelijk afval) |
€ 2,80 |
zak |
| Restafvalzak 30 liter (particulier) |
€ 1,40 |
zak |
| PMD-zak 60 liter |
€ 0,15 |
zak |
| PMD-zak 120 liter (scholen en verenigingen) |
€ 0,25 |
zak |
| Asbestzak (groot) |
€ 2,50 |
zak |
| Asbestzak (klein) |
€ 1,50 |
zak |
| Peukentasjes |
€ 1,00 |
stuk |
| GFT |
|
|
| Jaarabonnement gft-container |
€ 33,00 |
jaar |
| Aankoopkost gft-container |
€ 5,00 |
container |
| Vervangkost gft-container |
€ 0,00 |
container (tijdens garantie) |
|
|
€ 5,00 |
container (na garantie) |
|
|
€ 10,00 |
container (bij schade) |
| Vervangen handvaten of deksel |
Gratis |
|
| Leverkost gft-container aan huis |
€ 0,00 |
container (abonnement) |
|
|
€ 5,00 |
container (bij vervanging) |
| Aankoopkost keukenemmer |
€ 4,00 |
container |
| Aankoopkost gft-zakjes |
€ 3,00 |
25 stuks |
| Evenementen excl. btw |
Prijs 2026 |
|
| Huur beker 25/33 incl. wassen |
€ 0,13 |
stuk |
| Huur drankkaraf incl. wassen |
€ 0,22 |
stuk |
| Huur beker bier incl. wassen |
€ 0,22 |
stuk |
| Huur beker wijn incl. wassen |
€ 0,22 |
stuk |
| Huur beker cava incl. wassen |
€ 0,22 |
stuk |
| Huur beker warme drank incl. wassen |
€ 0,22 |
stuk |
| Ontbrekende opbergdoos |
€ 30,00 |
stuk |
| Ontbrekende beker 25/33 cl |
€ 0,50 |
stuk |
| Ontbrekende special beker |
€ 2,00 |
stuk |
| Teruggave ongebruikte bak 25 cl |
€ 35,00 |
|
| Teruggave ongebruikte bak 35 cl |
€ 28,00 |
|
| Teruggave ongebruikte bak wijn |
€ 10,00 |
|
| Teruggave ongebruikte bak cava |
€ 14,00 |
|
| Teruggave ongebruikte bak bier |
€ 11,00 |
|
| Teruggave ongebruikte warme beker |
€ 18,00 |
|
| Teruggave ongebruikte bak karaf |
€ 6,00 |
|
| Extra transport bekers |
€ 140,00 |
extra rit |
| Composteren: retributie |
Prijs 2026 |
|
| Compostvat (wordt samen met beluchtingsstok verkocht à € 33,00 |
€ 26,00 |
stuk |
| Beluchtingsstok |
€ 7,00 |
stuk |
| Deksel compostvat |
€ 9,00 |
stuk |
| Bodemplaat compostvat |
€ 7,50 |
stuk |
| Schuif compostvat |
€ 6,00 |
stuk |
| Lichaam voor compostvat (zonder bodemplaat) |
€ 18,75 |
stuk |
| Keukenemmer |
€ 6,00 |
stuk |
| Compostbak basismodule |
€ 85,00 |
stuk |
| Compostbak uitbreidingsmodule |
€ 60,00 |
stuk |
| Compostbak wisselstuk: HH100 |
€ 10,00 |
stuk |
| Compostbak wisselstuk: HP 100 |
€ 5,00 |
stuk |
| Compostbak wisselstuk: HP 120 |
€ 6,00 |
stuk |
| Compostbak wisselstuk: |
€ 4,00 |
stuk |
| Compostbak wisselstuk: H-afstandshouder |
€ 1,50 |
stuk |
| Grof tuinafval aan huis |
Prijs 2026 |
|
| Groenafval max. 7 m³ |
€ 100,00 |
per ophaling |
| Groenafval extra m³ |
€ 15,00 |
per m³ |
| Groenafval (verloren rit) |
€140,00 |
per rit |
| Asbest aan huis |
Prijs 2026 |
|
Opm. 2026 |
| In containers (tot 2 stuks) |
€ 170,00 |
per container |
Incl. 2 sets PBM |
| In platenzak (eerste) |
€ 30,00 |
per zak |
Incl. 2sets PBM |
| In platenzak (tweede tot zesde) |
€ 20,00 |
per zak |
|
| PBM's (persoonlijke beschermingsmiddelen (2 sets gratis per aanvraag) |
€ 10,00 |
per extra set |
|
| Verloren rit ophaling container |
€ 140,00 |
container |
|
| Grof vuil aan huis |
Prijs 2026 |
|
Opm. 2026 |
| Administratiekost |
€ 10,00 |
|
per ophaling |
| Verwerking: afh. van materiaal, prijs in €/stuk volgens onderstaande lijst: |
|
|
|
| Accordeondeur |
€ 19,50 |
|
|
| Achterwand bed |
€ 4,00 |
|
|
| Achterwand kleerkast |
€ 2,60 |
||
| Airco (mobiel toestel) |
€0,00 |
|
|
| Afvoerbuis (plastic) |
€ 2,60 |
|
|
| Aquarium > 10 l |
€ 8,00 |
|
|
| Aquarium < 10 l |
€ 4,00 |
|
|
| Autostoel |
€ 4,20 |
|
|
| Autozetel (enkel) |
€ 6,00 |
|
|
| Badkamerkastje |
€ 3,20 |
|
|
| Badkuip(staal) |
€ 12,00 |
|
|
| Badkuip(acryl of composiet) |
€16,50 |
|
|
| Barbecue (niet gas, proper gemaakt) |
€ 4,00 |
|
|
| Barbecue (zonder gasfles) |
€ 8,30 |
|
|
| Barbecue beton (niet gas, proper gemaakt) |
€ 15,00 |
|
|
| Barkast |
€ 7,60 |
|
|
| Barstoel |
€ 2,60 |
|
|
| Bed zonder matras éénpersoons |
€ 4,00 |
|
|
| Bed zonder matras tweepersoons |
€ 8,00 |
|
|
| Betonmolen |
€ 10,20 |
|
|
| Boekenkast |
€ 5,25 |
|
|
| Boekenrek |
€ 2,00 |
|
|
| Boiler |
€ 0,00 |
|
|
| Borstelstok |
€ 2,00 |
|
|
| Boxspring (elektrisch) |
€ 0,00 |
|
|
| Boxspring (omkadering + matrasbodem) |
€ 29,25 |
|
|
| Boxspring met poten en hoofdbord |
€ 45,50 |
|
|
| Brommer (excl brandstof) |
€ 12,70 |
|
|
| Buis (metaal)/per lopende meter |
€ 2,20 |
|
|
| Buis (plastic)/per lopende meter |
€ 2,60 |
|
|
| Bureau |
€ 10,20 |
|
|
| Bureaustoel |
€ 3,25 |
|
|
| Computer |
€ 0,00 |
|
|
| Computerscherm |
€ 0,00 |
|
|
| Curverbox (leeg) |
€ 2,00 |
|
|
| Dampkap |
€ 0,00 |
|
|
| Deur met glas |
€ 16,30 |
|
|
| Deur-binnendeur |
€ 4,00 |
|
|
| Diepvries |
€ 0,00 |
|
|
| Dossierkast (ijzer) |
€ 8,90 |
|
|
| Douchedeur |
€ 4,00 |
|
|
| Douchecabine (kraanwerk apart) |
€ 12,00 |
|
|
| Douchewanden (acryl) |
€ 9,75 |
|
|
| Dressoir (1 lange lage kast) |
€ 7,60 |
|
|
| Dressoirkast met glazen ramen |
€ 21,00 |
|
|
| Droogmolen |
€4,00 |
||
| Droogkast |
€ 0,00 |
|
|
| Droogrek |
€ 4,00 |
|
|
| Druk- en rugsproeier (uitgespoeld aanbieden) |
€ 2,60 |
|
|
| Drukketel (huishoudelijk - water drukvat) |
€ 7,70 |
|
|
| Elektriciteitskabel/verlengsnoer |
€ 0,00 |
|
|
| Elektrisch keukentoestel |
€ 0,00 |
|
|
| Elektrisch vuurtje |
€ 0,00 |
|
|
| Expansievat |
€ 4,00 |
|
|
| Fiets |
€ 4,00 |
|
|
| Fietskar |
€ 4,55 |
|
|
| Fietsrek |
€ 2,00 |
|
|
| Fietswiel |
€ 1,60 |
|
|
| Fitnesstoestel elektrisch |
€ 0,00 |
|
|
| Fitnesstoestel |
€ 12,00 |
|
|
| Frigobox |
€ 2,00 |
|
|
| Friteuse (leeg, zonder frituurvet) |
€ 0,00 |
|
|
| Gasfornuis (zonder gasfles) |
€ 0,00 |
|
|
| Gasvuur |
€ 0,00 |
|
|
| Glas zonder raamwerk (m²) |
€ 12,75 |
|
|
| Glijbaan |
€ 6,50 |
|
|
| Gocart |
€ 4,00 |
|
|
| Grasmaaier elektrisch |
€ 0,00 |
|
|
| Grasmaaier hand |
€ 3,20 |
|
|
| Grasmaaier motor (excl. brandstof) |
€ 10,75 |
|
|
| Haardroger |
€ 0,00 |
|
|
| Handwasmachine |
€ 4,00 |
|
|
| Hangklok |
€ 1,00 |
||
| Hoeksalon 4 pers. |
€ 36,00 |
|
|
| Hoeksalon 5 pers. |
€ 45,00 |
|
|
| Hoeksalon 6 pers. |
€ 55,00 |
|
|
| Hoeksalon 7 pers. |
€ 65,00 |
|
|
| Hok/kooi (klein) |
€ 2,00 |
|
|
| Hok/kooi (groot) |
€ 4,00 |
|
|
| Hoogslaper (bureau met kast onderaan) |
€ 17,80 |
|
|
| Houten kinderpark |
€ 3,10 |
|
|
| Houten poortje |
€ 6,20 |
|
|
| Houten werkbank |
€ 7,20 |
|
|
| Ijzeren trapleuning |
€ 7,20 |
|
|
| Kachel |
€ 9,50 |
|
|
| Kader (groot) |
€ 1,60 |
|
|
| Kampeerbed |
€ 4,00 |
|
|
| Kappersstoel met wasbak |
€ 15,60 |
|
|
| Kapstok (staand) |
€ 1,60 |
|
|
| Kaptafel met spiegel |
€ 9,10 |
|
|
| Kattenbak |
€ 2,00 |
|
|
| Kerstboom (kunststof – groot) |
€ 6,50 |
|
|
| Kerstboom (kunststof – klein) |
€ 3,20 |
|
|
| Keukenblok (per kastdeel) |
€ 11,50 |
|
|
| Kinderwagen |
€ 4,30 |
|
|
| Kinderbad |
€ 2,10 |
|
|
| Kist (hout) |
€ 1,00 |
|
|
| Kinderwagen |
€ 1,60 |
|
|
| Klapstoel |
€ 1,60 |
|
|
| Kleerkast (per kastdeel) |
€ 7,60 |
|
|
| Kleerkast met spiegels (per kastdeel) |
€ 11,70 |
|
|
| Kleerkastdeur |
€ 2,60 |
|
|
| Kleerkastdeur met spiegels (per kastdeel) |
€ 5,50 |
|
|
| Koelkast |
€ 0,00 |
|
|
| Koffiezet |
€ 0,00 |
|
|
| Kopiemachine (tafel) |
€ 0,00 |
|
|
| Krabpaal |
€ 2,00 |
|
|
| Krantenhouder |
€ 1,60 |
|
|
| Kruidenbak (leeg aanbieden) |
€ 2,00 |
|
|
| Kruiwagen |
€ 5,00 |
|
|
| Krukje/tabouret |
€ 2,10 |
|
|
| Kuipzetel |
€ 6,00 |
|
|
| Kunstgras per m² |
€ 5,20 |
|
|
| Kunststof tuinkast |
€ 15,00 |
|
|
| Kussens achterkant zetel zonder kader |
€ 5,10 |
|
|
| Ladder (groot) |
€ 7,00 |
|
|
| Ladder (klein) |
€ 4,00 |
|
|
| Ladenkastje (commode) |
€ 5,60 |
|
|
| Lamellen |
€ 8,30 |
|
|
| Laminaat planken (30 stuks) |
€ 13,65 |
|
|
| Lattenbodem (dubbel) |
€ 4,50 |
|
|
| Lattenbodem elektrisch |
€ 0,00 |
|
|
| Lattenbodem enkel |
€ 2,25 |
|
|
| Long chair |
€ 8,65 |
|
|
| Loopfiets |
€ 2,20 |
|
|
| Lounge meubilair buiten / hoeksalon per zitplaats |
€ 5,00 |
|
|
| Luchtmatras |
€ 1,60 |
|
|
| Luidspreker |
€ 0,00 |
|
|
| Luifelframe |
€ 6,20 |
|
|
| Matras 1 persoons |
€ 0,00 |
|
|
| Matras 2 persoons |
€ 0,00 |
|
|
| Matral babybed |
€ 0,00 |
|
|
| Matrasbodem dubbel |
€ 8,00 |
|
|
| Matrasbodem elektrisch |
€ 0,00 |
|
|
| Matrasbodem enkel |
€ 4,00 |
|
|
| Medicijnkastje |
€ 8,65 |
|
|
| Metalen kantelpoort |
€ 7,60 |
|
|
| Metalen voetbaldoel (klein) |
€ 4,55 |
|
|
| Metalen werkbank |
€ 15,50 |
|
|
| Microgolf |
€ 0,00 |
|
|
| Motor opblaasbare jacuzzi |
€ 4,70 |
|
|
| Naaimachine (elektrisch) |
€ 0,00 |
|
|
| Naaimachine meubel |
€ 8,65 |
|
|
| Nachtkastje |
€ 2,00 |
|
|
| Onderzoekstafel |
€ 21,00 |
|
|
| Opblaasbare jacuzzi (stof en motor apart) |
€ 18,00 |
|
|
| Oven/fornuis |
€ 0,00 |
|
|
| Pallet |
€ 2,00 |
|
|
| Parasol klein |
€ 3,25 |
|
|
| Parasol groot |
€ 7,60 |
|
|
| Parasolvoet (plastic) |
€ 4,20 |
|
|
| Parasolvoet beton |
€ 8,20 |
|
|
| Partytent (metaal en stof apart) |
€ 4,70 |
|
|
| Petroleumkachel met stekker (zonder petroleum) |
€ 0,00 |
|
|
| Petroleumkachel zonder stekker (zonder petroleum) |
€ 6,50 |
|
|
| Piano |
€ 65,00 |
|
|
| Plank in pvc (per lopende m) |
€ 1,50 |
per meter |
|
| Plank in hout (per lopende m) |
€ 1,00 |
per meter |
|
| Plooitafel - kampeertafel |
€ 4,50 |
||
| Poef |
€ 5,70 |
|
|
| Pomp elektrisch |
€ 0,00 |
|
|
| Printer |
€ 0 00 |
|
|
| PVC dakgoot + bevestiging |
€ 8,30 |
|
|
| Radiator groot |
€ 4,00 |
|
|
| Radiator klein |
€ 2,00 |
|
|
| Radio |
€ 0,00 |
|
|
| Raamwerk in PVC/zonder glas |
€ 13,00 |
|
|
| Raamwerk in hout zonder glas |
€ 10,00 |
|
|
| Raamwerk in metaal zonder glas |
€ 2,00 |
|
|
| Regenton |
€ 4,50 |
|
|
| Reisbedje (baby) |
€ 4,25 |
|
|
| Rek |
€ 2,60 |
|
|
| Relaxzetel |
€ 13,00 |
|
|
| Relaxzetel elektrisch (batterij moet verwijderd zijn) |
€ 13,00 |
|
|
| Rieten mand |
€ 1,50 |
|
|
| Rolgordijn |
€ 2,60 |
|
|
| Rolluik |
€ 18,00 |
|
|
| Rolstoel |
€ 5,40 |
|
|
| Salontafel (glazen blad) |
€ 16,40 |
|
|
| Salontafel (houten blad) |
€ 5,70 |
|
|
| Salontafel (steen) |
€ 10,20 |
|
|
| Sattelietzender |
€ 0,00 |
|
|
| Schildersstelling/renovatiesteiger |
€ 6,20 |
|
|
| Schoenenkast/rek |
€ 5,10 |
|
|
| Schommel |
€ 11,25 |
|
|
| Schommelstoel |
€ 2,60 |
|
|
| Serre (plastic) |
€ 11,40 |
|
|
| Skilatten (per paar) |
€ 3,10 |
|
|
| Slaapbank |
€ 17,25 |
|
|
| Speelhuisje voor buiten |
€ 10,00 |
|
|
| Spiegel |
€ 4,00 |
|
|
| Spoelbak inox |
€ 5,20 |
|
|
| Staande klok |
€ 5,25 |
|
|
| Staanlamp |
€ 0,00 |
|
|
| Stapelbed |
€ 7,00 |
|
|
| Step |
€ 2,10 |
|
|
| Stoel |
€ 2,60 |
|
|
| Strijkplank |
€ 6,50 |
|
|
| Strijkijzer |
€ 0,00 |
|
|
| Stofzuiger |
€ 0,00 |
|
|
| Surfplank met toebehoren |
€ 9,75 |
|
|
| Tafel (eetkamer) |
€ 6,40 |
|
|
| Tafelbiljart |
€ 16,25 |
|
|
| Tafelpoot |
€ 1,50 |
|
|
| Tafeltennistafel |
€ 16,25 |
|
|
| Tafelvoetbaltafel |
€ 16,25 |
|
|
| Tapijt groot |
€ 7,60 |
|
|
| Tapijt klein |
€ 4,00 |
|
|
| Tekenbord voor kinderen |
€ 1,60 |
|
|
| Televisie |
€ 0,00 |
|
|
| Tent |
€ 4,50 |
|
|
| Trampoline |
€ 16,25 |
|
|
| Trampoline (klein) |
€ 5,00 |
|
|
| Traphekje - veiligheidshekje |
€ 3,10 |
|
|
| Tuinbank |
€ 5,70 |
|
|
| Tuinstoel (plastic) |
€ 3,00 |
|
|
| Tuinstoel (hout) |
€ 4,00 |
|
|
| Tuinstoel (metaal) |
€ 2,50 |
|
|
| Tuintafel (hout) |
€ 7,60 |
||
| Tuintafel (plastiek) |
€ 6,00 |
|
|
| Tuintafel (metaal) |
€ 5,00 |
|
|
| Tv-meubel |
€ 4,50 |
|
|
| Valies |
€ 2,00 |
|
|
| Vasttapijt (per m²) |
€ 1,00 |
|
|
| Vaatwasmachine |
€ 0,00 |
|
|
| Ventilator |
€ 0,00 |
||
| Verenbak bed |
€ 5,70 |
|
|
| Verlichtingsarmaturen |
€ 0,00 |
|
|
| Verzorgingstafel |
€ 5,20 |
|
|
| Vezelplaat (hout) (per m²) |
€ 1,50 |
|
|
| Videorecorder |
€ 0,00 |
|
|
| Vijverfolie (per m²) |
€ 2,40 |
|
|
| Visput (glasvezel) |
€ 22,75 |
|
|
| Vitrinekast |
€ 9,50 |
|
|
| Vliegenraam |
€ 4,85 |
|
|
| Voetbankje |
€ 2,00 |
|
|
| Vuilbak (plastiek) |
€ 2,00 |
|
|
| Wafel/croque machine |
€ 0,00 |
|
|
| Wand (hout) |
€ 5,10 |
|
|
| Wandmeubel (per stuk) |
€ 15,30 |
|
|
| Wasbak (kroon en bak apart) |
€ 2,60 |
|
|
| Wasmachine |
€ 0,00 |
|
|
| Wasmand |
€ 4,00 |
|
|
| Wasrek |
€ 4,00 |
|
|
| Waterbed met achterwand (zonder water) |
€ 17,50 |
|
|
| WC stoel |
€ 5,10 |
|
|
| Whiteboard |
€ 3,00 |
|
|
| Wieg |
€ 4,00 |
|
|
| Wipstoeltje |
€ 3,10 |
|
|
| Zeil (plastiek) (per m²) |
€ 2,00 |
|
|
| Zetel 1 zit |
€ 6,00 |
|
|
| Zetel 2 zit |
€ 12,00 |
|
|
| Zetel 3 zit |
€ 18,00 |
|
|
| Zetel 3,5 zit |
€ 21,00 |
|
|
| Zetel 4 zit |
€ 24,00 |
|
|
| Zitzak |
€ 5,10 |
|
|
| Zoldertrap (hout) |
€ 9,00 |
|
|
| Zonnebank hemel en ligbed gescheiden (lampen afzonderlijk) |
€ 0,00 |
|
|
| Zwembad (plonsbad kind) |
€ 2,00 |
|
|
| Zwembad met filterpomp < 5000l |
€ 5,70 |
|
|
| Zwembad met filterpomp 15 000 l - 30 000 l |
€ 24,50 |
|
|
| Zwembad met filterpomp 5 000 l – 15 000 l |
€ 16,25 |
|
|
| AEEA klein |
€ 0,00 |
|
|
| AEEA groot en witgoed |
€ 0,00 |
|
|
| Decoratie groot |
€ 7,00 |
|
|
| Decoratie klein |
€ 2,80 |
|
|
| Huishoud- en tuinartikelen groot |
€ 8,00 |
|
|
| Huishoud- en tuinartikelen klein |
€ 2,00 |
|
|
| Klein meubilair |
€ 4,00 |
|
|
| Speelgoed groot |
€ 8,00 |
|
|
| Speelgoed klein |
€ 2,00 |
|
|
Art. 2. - Afschrift van deze beslissing zal worden overgemaakt aan Mirom en aan het Agentschap voor Binnenlands Bestuur.
Decreet lokaal bestuur, meer bepaald de artikelen 40, 41, 286, 288;
Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (VLAREMA) van 17 februari 2012, en latere wijzigingen;
Gelet op het Lokaal Materialenplan 2023-2030 zal Mirom Roeselare vanaf 1 januari 2026 starten met de gft-inzameling aan huis via een abonnementsformulier, en dit op het grondgebied van Hooglede, Houthulst, Koekelare, Kortemark, Langemark-Poelkapelle, Lichtervelde, Moorslede, Roeselare, Staden, Torhout, Wingene en Zonnebeke;
Om deze inzameling vlot van start te laten gaan op 1 januari 2026 kregen de burgers van deze gemeenten de mogelijkheid (vrijwillig) in te tekenen op deze abonnementsformule vanaf september 2025;
Gelet op de beslissing van de Raad van Bestuur van Mirom Roeselare van 7 mei 2025, de vraag om het gft-retributiereglement goed te keuren;
Gehoord de schepen van milieu;
Art. 1. - Vanaf 1 januari 2026 wordt gft-afval aan huis ingezameld na afsluiten van een geldig gft-abonnement. Het afsluiten van een gft-abonnement was mogelijk vanaf 15 september 2025.
Art. 2. - Het tarief van de retributie voor gft-inzameling werd goedgekeurd door de raad van bestuur van Mirom d.d. 1 oktober 2025 en bedraagt:
| Omschrijving |
Retributie |
| Jaarabonnement gft-container |
€ 33,00/jaar |
| Aankoopkost gft-container |
€ 5,00/container |
| Vervangkost gft-container |
€ 0,00/container (tijdens 2 jaar garantieperiode) € 5,00/container (na garantieperiode) € 10,00/container (bij schade door oneigenlijk gebruik) |
| Leverkost gft-container aan huis |
€ 0,00/container bij afsluiten abonnement € 5,00/container bij vervanging |
| Aankoopkost keukenemmer |
€ 4,00/container |
| Aankoopkost gft-zakjes |
€ 3,00/25 stuks |
Art. 3. - De retributie is verschuldigd op het moment van afsluiten of verlengen van een gft-abonnement.
Art. 4. - De abonnementsperiode loopt van 1 januari tot 31 december.
Art. 5. - Afschrift van deze beslissing zal worden overgemaakt aan Mirom Roeselare en aan het Agentschap voor Binnenlands Bestuur.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen inzonderheid de artikels 40 en 41 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad en de artikels 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht;
Wet van 15 mei 2007 betreffende de Civiele Veiligheid en meer bepaald artikel 68 § 1 dat bepaalt dat de gemeentelijke dotatie wordt ingeschreven in de uitgaven van elke gemeentebegroting;
Wet van 15 mei 2007 betreffende de Civiele Veiligheid en meer bepaald artikel 68 § 2 dat bepaalt: ‘de dotaties van de gemeenten van de zone worden jaarlijks vastgelegd door de raad op basis van een akkoord, bereikt tussen de verschillende betrokken gemeenteraden. Het akkoord wordt bereikt ten laatste op 1 november van het jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de dotatie bestemd is. …’
Overwegende dat de totale exploitatietoelage van de gemeenten voor 2026 voor brandweer € 7 611 414,00 en voor ziekenwagendiensten € 231 723,00 bedraagt.
Overwegende dat de totale investeringstoelage voor 2026 voor brandweer € 1 910 000,00 en ziekenwagendiensten € 200 000,00 bedraagt.
Overwegende dat de totale gemeentelijk gezamenlijke toelage € 9 953 137,00 bedraagt.
De exploitatietoelage voor de gemeente Moorslede wordt vastgesteld op € 295 725,00 en de investeringstoelage voor de gemeente Moorslede wordt vastgesteld op € 84 304,00. Deze kredieten werden voor het jaar 2026 in het MJP 2026-2031 ingeschreven.
Gelet op het visum van de financieel directeur op de ingeschreven toelagen verleend op 3 november 2025.
Overwegende dat de gemeente Moorslede conform het Koninklijk Besluit van 2 februari 2009 tot vaststelling van de territoriale afbakening van de hulpverleningszones, wordt ingedeeld in hulpverleningszone 2 West-Vlaanderen (verder Zone Midwest genoemd);
Overwegende dat Zone Midwest in zitting van de zoneraad op 24 juni 2025 een akkoord bereikte m.b.t. de meerjarenbegroting 2026-2031 inclusief de financiële verdeelsleutel die de dotatie voor brandweer en ambulance aan de Zone Midwest bepaalt van elke gemeente;
Overwegende dat Zone Midwest in zitting van het zonecollege op 26 augustus 2025 de pré-begroting besprak;
Overwegende dat de begrotingscommissie van Zone Midwest op 16 september 2025 een positief advies verleende;
Overwegende dat Zone Midwest in zitting van het zonecollege op 26 september 2025 de ontwerpbegroting goedkeurde;
Overwegende dat de financiële verdeelsleutel en de meerjarenbegroting 2026-2031 opnieuw werden bevestigd door de zoneraad in zitting van 26 september 2025;
Overwegende dat een informatievergadering voor de gemeentebesturen plaats vond op donderdag 2 oktober 2025.
Overwegende dat de begroting voor het financieel dienstjaar 2026 werd goedgekeurd door de zoneraad in zitting van 24 oktober 2025;
Art. 1. - De gemeenteraad neemt akte van de financiële verdeelsleutel die de jaarlijkse bijdrage van elke gemeente aan de Zone Midwest vastlegt en die door de zoneraad in zitting van 26 september 2025 voor de begroting 2026 werd herbevestigd.
Art. 2. - De gemeenteraad gaat akkoord met de exploitatietoelage aan de Zone Midwest voor 2026 die in de onderstaande tabel wordt weergegeven:
| brandweer | ziekenwagen | |
| Ardooie | € 278 969,00 | € 12 745,00 |
| Dentergem | € 217 085,00 | € 788,00 |
| Hooglede | € 301 960,00 | € 10 520,00 |
| Ingelmunster | € 306 518,00 | € 7 577,00 |
| Izegem | € 762 105,00 | € 33 275,00 |
| Lichtervelde | € 231 844,00 | € 10 034,00 |
| Moorslede | € 287 452,00 | € 8 273,00 |
| Oostrozebeke | € 210 431,00 | € 3 059,00 |
| Pittem | € 220 646,00 | € 7 948,00 |
| Roeselare | € 2 961 862,00 | € 103 395,00 |
| Staden | € 314 420,00 | € 11 123,00 |
| Tielt | € 971 681,00 | € 15 479,00 |
| Wingene | € 546 441,00 | € 7 507,00 |
| € 7 611 414,00 | € 231.723,00 |
Art. 3. - De gemeenteraad gaat akkoord met de investeringstoelage aan de Zone Midwest voor 2026 die in de onderstaande tabel wordt weergegeven:
| brandweer | ziekenwagen | |
| Ardooie | € 75 445,00 | € 11 000,00 |
| Dentergem | € 53 671,00 | € 680,00 |
| Hooglede | € 81 557,00 | € 9 080,00 |
| Ingelmunster | € 81 557,00 | € 6 540,00 |
| Izegem | € 219 077,00 | € 28 720,00 |
| Lichtervelde | € 63 030,00 | € 8 660,00 |
| Moorslede | € 77 164,00 | € 7 140,00 |
| Oostrozebeke | € 52 143,00 | € 2 640,00 |
| Pittem | € 59 210,00 | € 6 860,00 |
| Roeselare | € 654 175,00 | € 89 240,00 |
| Staden | € 84 995,00 | € 9 600,00 |
| Tielt | € 260 906,00 | € 13 360,00 |
| Wingene | € 147 070,00 | € 6 480,00 |
| € 1 910 000,00 | € 200 000,00 |
Art. 4. - Een afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan de voorzitter van de zoneraad van Zone Midwest, Kwadestraat 159 te 8800 Roeselare én aan de zonesecretaris van Zone Midwest.
Art. 5. - Deze beslissing wordt bekendgemaakt in toepassing van artikel 286 en 287 van het decreet over het lokaal bestuur.
Eind 2017 werd DVV Midwest opgericht. In 2021 werd de werking van de intergemeentelijke onroerenderfgoeddienst (IOED) RADAR hierin geïntegreerd. De IOED ondersteunt de deelnemende gemeenten bij het ontwikkelen en uitvoeren van hun beleid rond archeologisch, bouwkundig en landschappelijk erfgoed.
Bij de administratieve voorbereiding van de nieuwe beleidsperiode heeft DVV Midwest in het voorjaar 2025 aan de vijftien Midwest-gemeenten gevraagd of zij wensten deel te nemen aan het intergemeentelijk samenwerkingsverband voor de IOED voor de periode 2027-2032.
De volgende gemeenten hebben zich akkoord verklaard om deel te nemen aan dit samenwerkingsverband: Hooglede, Ingelmunster, Lichtervelde, Moorslede, Pittem, Roeselare, Staden, Tielt en Wingene. De werking zal verdergaan onder de naam IOED Midwest.
Decreet Lokaal bestuur (22 december 2017);
Onroerenderfgoeddecreet (12 juli 2013);
Onroerenderfgoedbesluit (16 mei 2014);
Bij een wijziging van de samenstelling van een erkende IOED (als een gemeente uitstapt en/of toetreedt) en bij een administratieve wijziging (als de naam van de IOED verandert) dient een aanvraag tot aanpassing van de erkenning bij het agentschap Onroerend Erfgoed ingediend te worden.
De erkenning als IOED is noodzakelijk om via een samenwerkingsovereenkomst met het agentschap Onroerend Erfgoed Vlaamse subsidies voor de periode 2027-2032 te kunnen ontvangen.
De financiering voor de IOED is als volgt:
| Aantal inwoners |
Bijdrage per bestuur € |
|
| Hooglede |
10.305 |
6.835 |
| Ingelmunster |
11.583 |
7.682 |
| Lichtervelde |
9.437 |
6.259 |
| Moorslede |
11.487 |
7.619 |
| Pittem |
6.961 |
4.617 |
| Roeselare |
66.819 |
44.318 |
| Staden |
11.684 |
7.749 |
| Tielt |
31.887 |
21.149 |
| Wingene |
20.764 |
13.772 |
| Totaal |
180.927 |
120.000 |
Om de werking van de IOED vanaf 2027 te kunnen verderzetten voor het gewijzigde werkingsgebied en om subsidies te kunnen aanvragen voor de periode 2027-2032, moeten de nodige documenten ingediend worden bij de Vlaamse overheid. Dit moet uiterlijk tegen 15 januari 2026 gebeuren.
Het belangrijkste document hierbij is een onroerenderfgoedbeleidsplan, waarin wordt aangegeven hoe de IOED de deelnemende lokale besturen zal ondersteunen bij het vormgeven en uitvoeren van het lokale en regionale onroerenderfgoedbeleid. Daarnaast moeten een aanvraagformulier tot aanpassing van de erkenning en subsidie als IOED en een meerjarenbegroting voor de periode 2027-2032 worden ingediend.
Bij de aanvraag moet ook een kopie ingediend worden van het ondertekend verslag van de gemeenteraad of van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van elk van de aangesloten gemeenten. In dit verslag geeft het betrokken bestuursorgaan de goedkeuring aan de erkennings- en subsidieaanvraag en aan het onroerenderfgoedbeleidsplan voor de periode 2027-2032.
Art. 1. - De gemeenteraad gaat akkoord met de aanvraag tot aanpassing van de erkenning van de IOED: vanaf 2027 gaat ze verder onder de naam IOED Midwest, voor de volgende gemeenten: Hooglede, Ingelmunster, Lichtervelde, Moorslede, Pittem, Roeselare, Staden, Tielt en Wingene.
Art. 2. - De gemeenteraad gaat akkoord met het onroerenderfgoed-beleidsplan 2037-2032 en de meerjarenbegroting 2027-2032 die ingediend zullen worden in het kader van de aanvraag tot subsidie als IOED.
In zitting van 5 februari 2024 besliste het college om in aansluiting met PDPO project Kruisbestuivers, in te gaan op het aanbod van het Regionaal landschap West-Vlaamse Hart om in te stappen in het project West-Vlaams Kruisbestuiversplan (2024-2025).
Voorbeelden van realisaties i.k.v. dit project zijn o.a. een werking rond bijen en bijenactieplan, aanplant van ca. 19 000 bio-bloembollen in o.a. omgeving kerk Moorslede, domein Grimmertinge, Slypskapelle,..., aanleg van bloemrijk grasland op o.a. begraafplaats Slypskapelle en middenplein Camille Coolsstraat, de aanleg van geveltuintjes promoten, aanleg geveltuin bij de gemeentelijke basisschool, uitvoering van nieuwe insectenvriendelijke beplantingen (Sint Sebastiaanlaan, omgeving Spaanse kapel, in geveltuin gemeentelijke basisschool, boomspiegels, e.d.), ...
De gemeente voorziet volgend budget i.k.v. deze samenwerking:
Het huidige West-Vlaams Kruisbestuiversplan loopt eind dit jaar af. De opgestarte samenwerking heeft gedurende de looptijd van de samenwerking voor heel wat realisaties gezorgd i.k.v. de biodiversiteit binnen onze gemeente. Op deze manier verder werken is dan ook wenselijk.
Het regionaal landschap stelt de verlenging van deze samenwerkingsovereenkomst voor gedurende de periode van 1 januari 2026 tot 31 december 2031.
Op die manier wordt de mogelijkheid geboden om de opgestarte initiatieven in Moorslede verder te zetten zodat de reeds geleverde inspanningen opgevolgd worden en niet verloren gaan.
De voorgestelde samenwerkingsovereenkomst is in bijlage bij dit agendapunt gevoegd.
De gemeenteraad keurt de verlenging van de samenwerkingsovereenkomst i.k.v. het West-Vlaams Kruisbestuiversplan goed en voorziet de nodige budgetten hiervoor.
In zitting van 7 november 2022 heeft het college beslist om in te gaan op het aanbod van Stadlandschap West-Vlaamse hart i.v.m. het opmaken van een bomenplan bestaande uit:
Ondertussen werden de kansenkaart en de bomeninventaris opgesteld en op punt gehouden o.b.v. de uitgevoerde beheerwerken. De acties 'Airkoe' en 'Boom zoekt tuin' werden met succes georganiseerd.
De kostprijs voor het verlengen van de samenwerkingsovereenkomst bedraagt € 3 500 per jaar (wordt jaarlijks geïndexeerd - SLS biedt hiervoor ca 18 dagen/jaar ondersteuning)
Het budget wordt voorzien op budgetcode ACT-30/0350-00/6130000.
Art. 1. - De gemeenteraad beslist de samenwerkingsovereenkomst i.k.v. het bomenplan zoals beschreven in het document in bijlage, te verlengen voor de periode 2026-2031.
Art. 2. - Het budget wordt jaarlijks voorzien op budgetcode ACT-30/0350-00/6130000.
Gelet op het feit dat de gemeente Moorslede deelnemer is van de West-Vlaamse intercommunale - dienstverlenende vereniging, afgekort tot WVI;
Decreet van het lokaal bestuur van 22 december 2017;
De statuten van de WVI;
Gelet op de uitnodiging met agenda van 22 oktober 2025 van de WVI tot de buitengewone algemene vergadering van 10 december 2025 om 18.30 uur in verband met:
Gehoord het college van burgemeester en schepenen in zijn verslag;
Art. 1. - De agenda en elk van de afzonderlijke punten van de agenda van de buitengewone algemene vergadering van de dienstverlenende vereniging WVI die plaatsvindt op 10 december 2025 worden goedgekeurd:
Art. 2. - Aan de vertegenwoordiger van de gemeente Moorslede, houder van 4.734 aandelen, die zal deelnemen aan de buitengewone algemene vergadering van de dienstverlenende vereniging WVI die plaatsvindt op 10 december 2025 om 18.30 uur in De Klokkenput, Bruggestraat 104, 8480 Ichtegem, wordt het mandaat gegeven om:
Art. 3. - Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van de hierbij genomen beslissingen en deze over te maken aan de toezichthoudende overheid en er kennis van te geven aan WVI vóór de buitengewone algemene vergadering plaatsvindt.
Gelet op het feit dat de gemeente Moorslede aangesloten is bij de MIROM, Milieuzorg Roeselare en Menen;
Decreet d.d. 22 december 2017 houdende de intergemeentelijke samenwerking, meer bepaald op artikel 432 DLB, dat bepaalt: “De vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger wordt herhaald voor elke algemene vergadering”;
Art. 445 DLB;
Art. 432 DLB, aldus:
Gelet op de uitnodiging van 2 oktober 2025 van Mirom tot de Algemene Vergadering van 16 december 2025 om 18.00 uur vanuit Kantoren Mirom, Oostnieuwkerksesteenweg 121, 8800 Roeselare, met volgende agenda:
Raadslid Gert-Jan Hovaere vraagt naar de stand van zaken omtrent de intergemeentelijke samenwerking rond recyclageparken;
Art. 1. - Zijn goedkeuring te verlenen aan de punten vermeld op de agenda, waarover een beslissing moet genomen worden.
Art. 2. - De in zitting van 30 januari 2025 aangeduide vertegenwoordigers van de gemeente worden opgedragen hun stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in dit raadsbesluit en als dusdanig de punten op de agenda van de algemene vergadering van 16 december 2025 van MIROM goed te keuren.
Art. 3. - Het college van burgemeester en schepenen te belasten met de uitvoering van de hierbij genomen beslissing en onder meer kennisgeving hiervan te berichten aan MIROM.
Statuten van Creat Services dv;
Bepalingen van het decreet lokaal bestuur;
Gelet op het feit dat de gemeente Moorslede aangesloten is bij Creat Services dv;
Gelet op de oproepingsbrief voor de Buitengewone Algemene Vergadering van Creat Services dv op 16 december 2025, waarin de agenda werd meegedeeld;
Art. 1. - De gemeenteraad beslist goedkeuring te verlenen aan alle punten op de agenda van de Buitengewone Algemene Vergadering Creat Services dv van 16 december 2025 en de daarbij behorende documentatie nodig voor het onderzoek van de agendapunten:
Art. 2. - De gemeenteraad draagt de aangeduide vertegenwoordiger(s)/plaatsvervangend vertegenwoordiger op om namens het bestuur alle akten en bescheiden met betrekking tot de Buitengewone Algemene Vergadering van Creat Services dv vastgesteld op 16 december 2025, te onderschrijven en haar/zijn (hun) stemgedrag af te stemmen op het in de beslissing van de (gemeente)raad van heden bepaalde standpunt met betrekking tot de agendapunten van voormelde Buitengewone Algemene Vergadering.
Art. 3. - Een afschrift van dit besluit zal verzonden worden:
Gelet op het feit dat de gemeente aangesloten is bij de Intergemeentelijke Vereniging voor Crematoriumbeheer in Zuid-West-Vlaanderen;
Decreet van 06 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking, meer bepaald op artikel 44,3° lid, dat bepaalt: “De benoemingsprocedure met de vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger wordt herhaald voor elke algemene vergadering”;
Art. 79§2, derde lid, dat stipuleert dat “de bestaande verenigingen van gemeenten bij de inwerkingtreding van dit decreet onmiddellijk onderworpen zijn o.m. aan art. 44”;
Decreet van 03 juli 2001, gepubliceerd werd in het B.S. van 31 oktober 2001 en cfr. art. 79§1 van hetzelfde decreet in werking trad, tien dagen na deze publicatie in het B.S.;
Art. 44,3° lid, aldus:
Decreet lokaal bestuur;
Gelet op het feit dat de gemeente aangesloten is bij de Intergemeentelijke Vereniging voor Crematoriumbeheer in Zuid-West-Vlaanderen;
Gelet op de uitnodiging met agenda van 15 oktober 2025 van de Intergemeentelijke Vereniging voor Crematoriumbeheer in Zuid-West-Vlaanderen tot de Buitengewone Algemene Vergadering van 17 december 2025 in verband met
Art. 1. - Zijn goedkeuring te verlenen aan de agenda.
Art. 2. - De in zitting van 30 januari 2025 aangeduide vertegenwoordigers van de gemeente worden opgedragen hun stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in dit raadsbesluit en als dusdanig de op de agenda van de Buitengewone Algemene Vergadering van 17 december 2025 van de Intergemeentelijke Vereniging voor Crematoriumbeheer in Zuid-West-Vlaanderen goed te keuren.
Art. 3. - Het college van burgemeester en schepenen te belasten met de uitvoering van de hierbij genomen beslissing en onder meer kennisgeving hiervan te verrichten aan de Psilon - Intergemeentelijke Vereniging voor Crematoriumbeheer in Zuid-West-Vlaanderen, Ambassadeur Baertlaan 5 te 8500 Kortrijk.
Gelet op het feit dat de gemeente deelnemer is van de dienstverlenende vereniging C-smart (hierna kortweg “C-smart”);
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (“DLB”) en in het bijzonder op art. 40 inzake de bevoegdheid van de gemeenteraad en inzake de intergemeentelijke samenwerking;
De statuten van C-smart;
Het gemeenteraadsbesluit van 30 januari 2025 inzake de aanduiding van de vertegenwoordiger van de gemeente op de algemene vergaderingen van C-smart;
Gelet op de oproeping tot de algemene vergadering van C-smart van 18 december 2025 met de volgende agendapunten:
Gelet op de toelichtende nota van C-smart betreffende de agendapunten van deze algemene vergadering;
Gelet op de voorstellen van de raad van bestuur van C-smart;
Overwegende dat geen redenen voorhanden zijn om goedkeuring van de agendapunten te weigeren;
Art. 1. - Op basis van de bekomen documenten en de toelichtende nota worden de agendapunten van de algemene vergadering van C-smart van 18 december 2025 goedgekeurd.
Art. 2. - De vertegenwoordiger van de gemeente wordt gemandateerd om op de algemene vergadering van C-smart van 18 december 2025 te handelen en te beslissen conform dit besluit. Indien deze algemene vergadering niet geldig zou kunnen beraadslagen of indien deze algemene vergadering om welke reden dan ook zou worden verdaagd, dan blijft de vertegenwoordiger van de gemeente gemachtigd om deel te nemen aan elke volgende vergadering met dezelfde agenda.
Art. 3. - Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de uitvoering van onderhavig besluit en in het bijzonder met het in kennis stellen daarvan aan C-smart.
De statuten van Farys ov;
Bepalingen van het decreet lokaal bestuur;
Gelet op het feit dat Moorslede aangesloten is bij Farys ov;
Gelet op de oproepingsbrief voor de Buitengewone Algemene Vergadering van Farys ov op 19 december 2025, waarin de agenda werd meegedeeld;
Art. 1. - De gemeenteraad beslist goedkeuring te verlenen aan alle punten op de agenda van de Buitengewone Algemene Vergadering Farys ov van 19 december 2025 en de daarbij behorende documentatie nodig voor het onderzoek van de agendapunten :
Art. 2. - De gemeenteraad draagt de aangeduide vertegenwoordiger(s) / plaatsvervangend vertegenwoordiger op om namens het bestuur alle akten en bescheiden met betrekking tot de Buitengewone Algemene Vergadering van Farys ov vastgesteld op 19 december 2025, te onderschrijven en haar/zijn (hun) stemgedrag af te stemmen op het in de beslissing van de (gemeente)raad van heden bepaalde standpunt met betrekking tot de agendapunten van voormelde Buitengewone Algemene Vergadering.
Art. 3. - Een afschrift van dit besluit zal gestuurd worden:
Namens Gemeenteraad,
Kristof Vander Stichele
Algemeen directeur
Marnik Vanackere
Voorzitter